In memoriam E.H. Piet Vanhoof (6 december 1934 - 12 augustus 2025)
Op woensdag 20 augustus namen wij in de Sint-Katharinakerk van Hoogstraten afscheid van priester Piet Vanhoof. Hij werd gewijd in Mechelen op 12 juli 1959. Piet was achtereenvolgens onderpastoor in Gierle, Merksplas en Beerse. In 1978 kwam hij als pastoor naar Minderhout. Van 1989 tot 1999 was hij pastoor in Meerle. Piet ging na zijn pensioen terug in Minderhout wonen, achter de Kapel van Onze-Lieve-Vrouw van den Akker. Daar vierde hij vorig jaar op 15 augustus in kleine kring zijn briljanten priesterjubileum.
Piet vroeg voor zijn rouwbrief naar een afbeelding van het lege graf. Ook de lezingen van zijn uitvaartliturgie handelden over de verrijzenis. We hoorden het Evangelie van paasdag en in de eerste lezing kwam Paulus aan het woord: “Wij willen u niet in onwetendheid laten over het lot van hen die gestorven zijn. Gij moogt niet bedroefd zijn zoals de ongelovigen, mensen die geen hoop hebben. Wij geloven immers dat Jezus gestorven is en verrezen. Zo zal God allen, die in Jezus zijn ontslapen, eeuwig leven geven, samen met Christus.”(cf. 1 Tessalonicenzen 4, 13-14). Moge dit nu voor Piet waarheid zijn.
Naast zijn pastoraal werk vond Piet ontspanning in de muziek en in het reizen met de tent of caravan. Piet toonde zich als gepensioneerde nog dienstbaar door o.a. het voorgaan in de liturgie en de begeleiding van het OLVA-koor in Minderhout. Piet ‘worstelde’ als priester wel eens met zijn taak en opdracht. Toch had hij zijn weg gevonden. We lezen op het gedachtenisprentje: “Priester zijn … Het is met mensen de weg van het Evangelie gaan. Dat vraagt soms veel energie. Maar toch vind je telkens weer de kracht in Jezus’ boodschap, die zegt dat God je niet loslaat.”
Dat is eigenlijk de samenvatting en diepste betekenis van Jezus’ verrijzenis. Hier op aarde kunnen we dat mysterie nooit helemaal doorgronden.
In het paasevangelie van Johannes (20, 1-9) vallen enkele zaken op. Vooreerst lezen we op het einde tegenstrijdige werkwoorden. Er staat dat de leerling zag en geloofde. Toch had hij het nog niet begrepen. Staat die ‘andere’ leerling niet vaak symbool voor ons? Maria Magdalena brengt de leerlingen bij het graf. Vrouwen vervullen een belangrijke rol in het wijzen van de weg naar het geloof. Priesters mogen dat weten. Piet had zo een sterke band met Ida en Wiske De Roover. Ook vertelde hij de laatste weken vol vuur over het luisterend oor van de huishoudster van de pastoor van Gierle, zijn eerste parochie als onderpastoor. In Merksplas en Beerse was Yvonne er voor hem. De ene leerling, Johannes, snelt de andere, Petrus, vooruit. Toch wacht hij, aangekomen bij het graf. Soms is de priester diegene die voorgaat. Dan komt hij weer achterop. Uiteindelijk worstelen we allemaal wel eens met het geloof en willen we ‘zien’. Vele tekens, ook in het leven van Piet, verwezen naar Gods aanwezigheid. Hij was er op het einde dankbaar voor. Piet was eveneens dankbaar voor het bezoek dat hij kreeg. Dankjewel aan allen die hem hebben ondersteund en met vriendschap hebben omringd.
Piet componeerde zelf een lied, geïnspireerd door de woorden van de lofzang van Simeon (cf. Lucas 2, 29-32). De tekst gaat als volgt:
De mens geworden Zoon heeft oog en hart verlicht.
Wat heilig is en schoon glanst in zijn aangezicht.
Gij spreekt de mensen aan. Ik heb uw stem gehoord.
Laat nu uw dienaar gaan in vrede naar uw woord.
Dat Piet deelt in het licht van Gods liefde. Wij vragen het op voorspraak van Maria: “Lieve Vrouwke van den Akker, wees gegroet, schenk hem vrede, liefde, vreugd’ in overvloed.” De tekst van dit gebed en lied werd ook door Piet geschreven.
Dankjewel Piet, voor de weg die jij bent gegaan met God en de mensen!
Pastoor Bart Rombouts