Ook een schildpad komt vooruit
Drie jaar geleden proefde hij van de camino naar Compostela, toen hij een vriend vergezelde tijdens enkele etappes op de camino norte van San Sebastián naar Bilbao. “Daar kreeg ik de microbe te pakken”, blikt Luc terug. “Ik sprak met mezelf af dat ik de hele camino zou stappen als ik met pensioen zou zijn.”
In juli 2024 was het zover. En begon Luc plannen te maken. De winter was niet het goede moment, dus trok hij zijn stapschoenen aan in het voorjaar. Luc lijdt sinds een zevental jaar aan longfibrose, waardoor zijn longcapaciteit beperkt is. “Marathons lopen zoals ik vroeger deed, kan ik niet meer, maar wandelen gaat nog, zij het niet te steil bergop en niet te snel. Daarom koos ik voor de camino via Tours en in Spanje voor de camino francés.” En ja, hij moet toegevingen doen, maar dat deert hem niet. Zo onderbrak hij zijn tocht tweemaal om over en weer naar huis te gaan voor de tussentijdse gezondheidscheck. “Soms ben ik ook kortademig en dan hang ik wat in mijn wandelstokken, maar ook zo ga ik vooruit”, klinkt het moedig. Dat hij er lang over deed, vijf maanden, deerde hem niet. “Voor mij is het glas halfvol.”
Tonen dat iemand met longfibrose best nog wat kan, was een van de doelen van zijn tocht, net als geld ophalen voor onderzoek naar de ziekte. “Dankzij sponsoring verzamelde ik met mijn staptocht zo’n vijfduizend euro, dat ik onlangs overhandigde aan artsen in UZ Gasthuisberg. Zo hoop ik anderen te helpen.”
Van elk moment van de tocht genoot hij volop. “Elke dag beleefde ik wel een ander avontuur en ontmoette ik nieuwe mensen, die elk hun reden hadden om als pelgrim op weg te gaan”, vertelt hij nagenietend. “Ik ontmoette mensen die me spontaan een overnachting bij hen aanboden toen ze mijn Jakobsschelp zagen, ik beleefde een bijzondere maaltijd in een Frans klooster, in volledige stilte, ik sliep met driehonderd pelgrims op een slaapzaal in Roncevalles, ik overnachtte in kloosters waar ik de pelgrimszegening mocht ontvangen.” Een bijzonder moment was het bezoek van een neef, zijn echtgenote en twee kindjes die een dag mee stapten. Ook het ontvangstcomité met onder meer zus An op de laatste dag in Compostela raakte hem. “Mijn neef was me zelf tegemoet gewandeld, zonder dat ik het wist. Onderweg zag ik plots iemand een selfie maken met mij als pelgrim in de achtergrond. Ik groette de man en wilde doorwandelen, tot hij me aansprak. Toen pas herkende ik hem. Wat een mooie verrassing was dat!”
Onderweg prevelde Luc elke dag wel een gebed, al waren bezinning en herbronning geen doel op zich. “Ik hoef geen pelgrimstocht te doen om tot verdieping en gebed te komen. Dat doe ik in mijn dagelijkse leven ook al. Ik bid geregeld”, verduidelijkt hij. “Zo ook onderweg op de camino. Al stappend begon ik eraan. Soms was het een kort gebed, soms een langer. Soms werd het onderbroken door een ontmoeting of een prachtig stuk natuur waarin ik even wilde toeven of … En dan hernam ik mijn gebed nadien. Al biddend gaf ik uiting aan mijn dankbaarheid, of ik vroeg Gods steun voor anderen die het nodig hebben. Ik bad ook om vergeving en om kracht, om zegening voor mijn tocht. Dat sterkte me.”
Ondertussen maakt Luc al volop plannen voor een nieuwe tocht dit voorjaar, naar Lourdes.