Werkvorm Puzzel een verhaal
Korte omschrijving | De leerlingen lezen het verhaal van Filippus en de Ethiopische eunuch (Hand 8,26-40). In groepjes bespreken ze het verhaal en halen er de verschillende stappen uit. Ze bespreken het belang van elke stap in het geheel van het verhaal. Nadien maken ze er een puzzel van. Als iedereen klaar is, is er een klassikaal toonmoment. |
Doelstelling | De leerlingen verwerken het verhaal van Filippus en de Ethiopiër aan de hand van een zelfgemaakte puzzel. |
Doelgroep(en) | Derde graad lager onderwijs (Verhalenreeks uit de Bijbel: Paulus) Eerste graad secundair onderwijs (terrein Spiritualiteit) |
Minimum/maximum aantal deelnemers | Groepswerk (maximaal vier lln) in klasverband |
Context/activiteit waarin deze werkvorm kan toegepast worden | Les r.-k. godsdienst |
Voorziene tijdsduur | Maximaal 2x 50 minuten |
Benodigd materiaal | Tekst uit Handelingen (Bijbel): Hand 8,26-40 voor elke leerling (in het basisonderwijs kan je een versie uit een kinderbijbel gebruiken) Per vier lln een A3-blad voor de puzzel (Kleur)Potloden en scharen (minstens 1 per groep) |
Aangeboden ondersteuning | De leerkracht begeleidt het groepswerk en bewaakt de tijd. Naargelang de klasgroep kies je of ze de puzzelstukken echt als een strip uittekenen of eerder met woorden aangeven wat er met het puzzelstuk wordt bedoeld. De leerkracht begeleidt het toonmoment. |
Voorbereiding | Lees en analyseer het verhaal van Filippus en de Ethiopiër. Wat zijn volgens jou de hoofd- en bijzaken in het verhaal? |
Werkwijze | Lees met de leerlingen het verhaal van Filippus en de Ethiopische eunuch (Hand 8,26-40). Zet hen aan het werk In groepjes van vier:
Als iedereen klaar is, is er een klassikaal toonmoment. |
Feedback en opvolging | Foto’s van de gemaakte puzzels mag je doorsturen naar handelingen@bisdomantwerpen.be |
Aanvullende informatie | Ondersteunend tekst -en beeldmateriaal bij het verhaal van Filippus en de Ethiopische eunuch: Dagelijkse Verbinding van 29 en 30 april 2020 (tekst of film), 'lezers getuigen' – getuigenis van Ronald Sledsens |
Mogelijke variatie op de werkvorm | Je kunt de leerlingen een prentenfilm laten maken als verwerking: dan wordt het verhaal chronologisch opgedeeld in scènes. Elke groep tekent een scène uit. Nadien worden de verschillende scènes na elkaar op een rol papier gekleefd. Elke groep vertelt zijn scène waardoor het verhaal opnieuw wordt opgebouwd. Idem maar het uittekenen wordt vervangen door het uitspelen in een toneeltje. Elk groepje speelt één scène van het verhaal. De scènes worden gefilmd en nadien gemonteerd tot het volledige verhaal. |