Ankers van de Hoop
Beste vrienden, in mei ll., ter gelegenheid van het Feest van Ons-Heer-Hemelvaart, kregen wij als cadeau, als een paas- en pinkstergeschenk, de officiële aankondiging van het heilig jaar, dat op kerstdag van dit jaar moest beginnen. Meteen werd het thema aangekondigd: “Pelgrims van Hoop” en ontvingen we de pauselijke bul die begint met de woorden: “Spes non confundit” (de hoop stelt niet teleur). Dat is de geestesgesteldheid waartoe we door de paus uitgenodigd worden, een manier van denken en voelen, een manier van zijn waar onze wereld van vandaag hoge nood aan heeft. Sinds zeven maanden bereiden christenen over de hele wereld zich voor op een geestelijke oefening die op kerstdag gestart is in Rome en vandaag in alle bisdommen van de wereld.
In Rome begint een heilig jaar steeds met een symbolisch gebaar: de heilige deur wordt geopend. Dat gebeurt om de vijfentwintig jaar opdat iedere generatie het minstens eens zou kunnen meemaken. De paus heeft trouwens donderdag, op tweede kerstdag, het gebaar herhaald op een andere betekenisvolle plaats, namelijk de gevangenis van Rebibbia. En het gaat daarbij niet alleen om een louter symbolisch gebaar, want het Vaticaan start samen met het Italiaanse Ministerie van Justitie een aantal sociale re-integratie-initiatieven voor gevangenen. Het is een daad van hoop en steun aan mensen die van hun vrijheid zijn beroofd. De christelijke hoop is immers meer dan een gratuite toekomstdroom. Concrete initiatieven helpen om opnieuw met vertrouwen naar de toekomst te kijken. De gevangenis van Rebibbia staat voor alle gevangenissen in de wereld. Het gebaar vanwege de paus is bijzonder aangrijpend. Ik heb eergisteren zelf de kerstviering mogen voorgaan voor een beperkt aantal gevangenen in de gevangenis van Dendermonde. Ik had in alle gevangenissen van ons bisdom willen zijn, niet alleen in Dendermonde, maar ook in Gent, Oudenaarde en Beveren. Geen betere plaatsen om tot in je diepste binnenste aan te voelen wat onvrijheid betekent en hoezeer een mens nood heeft aan hoop. De vraag blijft hoe onze maatschappij omgaat met detentie. De menselijke waardigheid is vaak ver zoek. En dat ligt niet aan de directie of het personeel, maar aan het systeem in ons land.
Over gestrafte daders schreef psychiater Rick Roels enkele dagen geleden in de krant: “Hard zijn voor de feiten, maar mild voor de mens”. Al in de zesde eeuw maande Benedictus in zijn Regel voor Monniken de abt aan: “Laat hij het kwaad haten, maar de broeders liefhebben”. De werkwoorden zijn hier nog sterker, want haten is erger dan hard zijn en beminnen meer dan mild zijn. Blijkbaar hebben we allen nood aan dat principe, wie we ook zijn – van monnik tot veroordeelde dader – want kwaad en goed bestaat in ieder van ons.
Ik heb het symbolisch gebaar van de deur openen willen herhalen in onze kathedraal – zoals dat gebeurd is in de Notre-Dame van Parijs. De paus vraagt dat voor iedereen de deur van de gerechtigheid wordt geopend. Het gaat daarbij duidelijk niet in de eerste plaats om een materiële deur, maar om een poort die in het hart van ieder mens moet opengaan. In een wereld waarin zoveel geweld bestaat sluiten we gemakkelijk ons hart. Niet noodzakelijk uit egoïsme. Vaak uit schrik. Ons hart moeten we openen om de andere binnen te laten, om in relatie te komen, want niet het op zichzelf gesloten blijven in de illusie dat we dan pas autonoom zijn geeft zin aan het leven, maar de ontmoeting met de anderen. En wellicht moeten we nog verder gaan. De poort is Jezus. Hij is de deur die openstaat. Hij zei van zichzelf: “Ik ben de deur. Als iemand door Mij binnengaat, zal hij worden gered; hij zal in- en uitgaan en weide vinden” (Jo 10, 9). Die weiden staan op hun beurt voor levenszin en geluk. Het beeld dat Jezus voor zichzelf gebruikt zegt meteen hoe God is. De deur van zijn hart staat altijd wijd open. Laat ons teruggaan naar het hart van God dat altijd vergeeft en nieuwe kansen biedt. Dat was ook de boodschap van de paus op Kerstdag, tijdens zijn zegen Urbi et Orbi.
U vraagt zich wellicht af wat die ankers in de kathedraal doen. Het is het symbool dat wij voor ons bisdom uitgekozen hebben voor het heilig jaar. Het anker is een oud, geheim teken dat de eerste christenen gebruikten in plaats van het kruis, ten tijde van de vervolgingen. Je vindt er afbeeldingen van in de catacomben. Het was een teken van hoop, hoop in dit leven, maar ook na de dood. De zevendejaars van de afdeling houtbewerking in het VTI van Deinze hebben voor ons ankers gemaakt, voor onze tien dekenaten. We zijn dankbaar aan de leerlingen die ze vervaardigden. De ankers zullen van hieruit vertrekken en in ieder dekenaat een jaar lang een estafette van de hoop houden. Ze zullen rondreizen naar de parochies, klinieken, WZC, gemeenschapshuizen… iedereen die maar wil. Vraag er maar naar aan de deken of de pastoor!
Ik heb de basiliek van Oostakker, toegewijd aan Onze Lieve Vrouw van Lourdes, aangeduid om naast de kathedraal jubileumkerk te zijn in ons bisdom. Iedereen is er uitgenodigd om dit jaar de basiliek te bezoeken en misschien te ontdekken. Ook Maria speelt immers een belangrijke rol in ons op weg zijn naar het heil. En ik kan tenslotte ook nog aankondigen dat we met ons bisdom in de maand oktober op bedevaart gaan naar Rome. Ik denk niet dat we speciaal zullen opvallen tussen de 30 miljoen bedevaarders die dat jaar verwacht zijn. Maar het zal voor de deelnemers beslist een mooie ervaring worden. Veel jongeren zullen dit jaar ook te voet naar Rome gaan. Op tocht gaan – zoals dat ook gebeurt tijdens de wereldjongerendagen – heeft voor de mens van vandaag een bijzondere betekenis. Rome, waar Petrus en Paulus gestorven zijn, is sinds het begin van het christendom altijd een speciaal doel geweest voor de bedevaarders.
Zusters en broeders, ik nodig iedereen uit om pelgrim van hoop te zijn. Niet alleen een verkondiger van hoop, maar iemand die zijn verantwoordelijkheid opneemt en daardoor een levensgetuige wordt. We moeten onze wereld uitdagen. Ik wil hier nogmaals de wens uitspreken dat Israël stopt met de ontoelaatbare massamoorden in Gaza. Na wat er de laatste dagen – en gisteren nog! – is gebeurd kan die oproep niet luid genoeg klinken. En de wereld ziet toe, zonder tussen te komen. Wat betekent de glitter voor onze deur als we dat lijden zien en maar laten gebeuren? Een lijden dat zou kunnen ophouden als de internationale gemeenschap het zou willen! Christen zijn is meer dan ooit een tegencultuur. Christendom is dat eigenlijk altijd geweest. En waar het dat helemaal niet meer was, was er ook geen echt christendom meer. Kiezen voor het leven, voor de afschaffing van de doodstraf, het brengen van vrede en verzoening, de kwijtschelding van de schulden van het zuiden vragen, de steeds groter wordende afstand tussen armen en rijken wegwerken, de schepping redden, dit is vandaag christelijke hoop waarmaken. Hoe ons daartoe bekeren? Dit is de vraag. Maar dat is ook het antwoord van het heilig jaar.