Gebedswake voor vrede in Gaza - bezinning door de bisschop
De bisschoppen van België zijn blijvend diep bezorgd over de situatie in Gaza en, bij uitbreiding, in het ganse Midden-Oosten. Dit weekend, 28 en 29 juni, wordt in elk bisdom van ons land uitdrukkelijk gebeden voor vrede in de regio.
Beste vrienden, we richten ons in gebed tot de God van Vrede.
God wordt zo genoemd in de bijbel en in de Koran.
Elohei haShalom
Allah as-Salam.
Maar waar is die vrede?
Sommigen zeggen: waar is God?
Wie spreekt over vrede?
En ja, wie werkt aan vrede?
Toch wel. Veel mensen.
Artsen, verplegers en zorgverleners,
Psychologen en sociale werkers,
journalisten
… ze riskeren soms dagelijks hun leven
We zijn samen omwille van vrienden in nood.
Mensen als wij.
Of… toch niet zoals wij.
Want de mensen waarvoor we hier zijn
“wonen” vooral in Gaza en de Westelijke Jordaanoever.
Maar kan je het nog wonen noemen?
Sinds tientallen jaren worden ze aan de kant gezet
en nu massaal van kant gemaakt.
Dat heet genocide.
Mannen, vrouwen en kinderen; ouderen en jongeren
– mensen die geen oorlog willen en hem niet uitgelokt hebben.
Ze worden opgejaagd als wild.
Hun huizen, klinieken, scholen,
hun hele hebben en houden
hun cultuur en geschiedenis,
alles moet verdwijnen
tot op de bodem, weg van de bodem.
Wat doen wij hier?
Wat doen we… in onze kathedraal?
We zijn samen
omdat we voor God willen staan.
… de God van Vrede.
En we bidden vanavond
– hand in hand,
hart in hart –
voor het Palestijnse volk.
We horen:
“Wat hebben wij misdaan? Waarom vernietigt men ons?”.
Identieke woorden in Palestina,
in Iran en in Israël.
Angstige kreten van onschuldige mensen
langs alle kanten.
Allen even slachtoffer van grenzeloos geweld
en primaire vernielingsdrang
Op het schaakbord van de wereld verplaatsen leiders pionnen,
hele legers.
Liever geld voor wapens
dan voor voedsel, scholen,
wetenschap en kunst.
Al wat mensen nochtans samenbrengt.
Al wat vrede heet.
Ze maken van de wereld een labyrint
waarin we elkaar niet meer vinden.
In plaats van muren af te breken
En te genieten van onderlinge verbondenheid.
“De schreeuw om verantwoordelijkheid en redelijkheid
mag niet worden overstemd
door wapengekletter en ophitsende retoriek.”
– dit zijn woorden van paus Leo XIV. (Angelus 22 juni 202)
Hoe richten we ons tot de God van Vrede?
Een paar psalmverzen:
Heer, bij u zoek ik toevlucht,
Laat mij niet voor immer vernederd.
Gij die rechtvaardig zijt,
Ontzet mij toch, geef mij uitkomst.
Neig uw oor tot mij, schenk mij uw heil.
Houd mij, God, uit de greep van de bozen,
Die klauw van wie vals zijn en wreed.
God, blijf niet verre van mij,
Mijn God, kom mij ijlings te hulp.
(Psalm 71, 1-2.4.12 Ida Gerhardt)
Een gebed is steeds ook een ethische opdracht.
Anders zijn we medeplichtig,
door talmen en van de ellende wegkijken
door weginterpreteren en relativeren.
En door geen beslissingen te nemen.
Door niet te doen ophouden.
Wijzen we hen die ons vertegenwoordigen
in politiek en industrie,
in financiën en wetenschap,
voldoende op hun verantwoordelijkheid?
Nemen zij die het beleid bepalen hun verantwoordelijkheid?
“Vrede laat Ik u na, mijn vrede geef Ik u,
niet zoals de wereld die geeft, geef Ik hem u.” (Joh 14, 27)
Drie dagen na zijn kruisdood herhaalt Jezus:
“Vrede voor jullie!” (Joh 20,19)
Woorden die ons moeten wakker maken
opwekken, mobiliseren.
Woorden die kracht geven.
En hoe komen tot vrede?
We horen de bekende uitspraak van Paus Paulus VI:
“Rechtvaardigheid is de eerste stap naar vrede”
Dat voor ons handelen.
We horen nog een ander woord:
“Er is gezegd: Oog om oog, tand om tand.
Maar Ik zeg u…”
Dat voor ons hart.
We staan – hier en nu – voor God
als bedelaars.
We bedelen niet voor onszelf,
maar voor hen die op dit eigenste moment
angst doorstaan en honger
en trauma’s oplopen
voor de rest van hun leven
en trauma’s doorgeven
aan volgende generaties.
Moge het gelaat van onze broeders en zusters in Palestina
en het gelaat van alle onschuldige slachtoffers,
waar ook ter wereld,
ons altijd voor ogen staan.
Maar dat hun gelaat ons ook in beweging brengt
om de oorlog te doen ophouden.
En om op te komen voor ieder mens,
Uit eerbied voor het leven.
Lees hieronder het bezinnend woord van bisschop Lode Van Hecke tijdens de viering waar zowat elke geloofsgemeenschap vertegenwoordigd was:
Beste vrienden, we richten ons in gebed tot de God van Vrede.
God wordt zo genoemd in de bijbel en in de Koran.
Elohei haShalom
Allah as-Salam.
Maar waar is die vrede?
Sommigen zeggen: waar is God?
Wie spreekt over vrede?
En ja, wie werkt aan vrede?
Toch wel. Veel mensen.
Artsen, verplegers en zorgverleners,
Psychologen en sociale werkers,
journalisten
… ze riskeren soms dagelijks hun leven
We zijn samen omwille van vrienden in nood.
Mensen als wij.
Of… toch niet zoals wij.
Want de mensen waarvoor we hier zijn
“wonen” vooral in Gaza en de Westelijke Jordaanoever.
Maar kan je het nog wonen noemen?
Sinds tientallen jaren worden ze aan de kant gezet
en nu massaal van kant gemaakt.
Dat heet genocide.
Mannen, vrouwen en kinderen; ouderen en jongeren
– mensen die geen oorlog willen en hem niet uitgelokt hebben.
Ze worden opgejaagd als wild.
Hun huizen, klinieken, scholen,
hun hele hebben en houden
hun cultuur en geschiedenis,
alles moet verdwijnen
tot op de bodem, weg van de bodem.
Wat doen wij hier?
Wat doen we… in onze kathedraal?
We zijn samen
omdat we voor God willen staan.
… de God van Vrede.
En we bidden vanavond
– hand in hand,
hart in hart –
voor het Palestijnse volk.
We horen:
“Wat hebben wij misdaan? Waarom vernietigt men ons?”.
Identieke woorden in Palestina,
in Iran en in Israël.
Angstige kreten van onschuldige mensen
langs alle kanten.
Allen even slachtoffer van grenzeloos geweld
en primaire vernielingsdrang
Op het schaakbord van de wereld verplaatsen leiders pionnen,
hele legers.
Liever geld voor wapens
dan voor voedsel, scholen,
wetenschap en kunst.
Al wat mensen nochtans samenbrengt.
Al wat vrede heet.
Ze maken van de wereld een labyrint
waarin we elkaar niet meer vinden.
In plaats van muren af te breken
En te genieten van onderlinge verbondenheid.
“De schreeuw om verantwoordelijkheid en redelijkheid
mag niet worden overstemd
door wapengekletter en ophitsende retoriek.”
– dit zijn woorden van paus Leo XIV. (Angelus 22 juni 202)
Hoe richten we ons tot de God van Vrede?
Een paar psalmverzen:
Heer, bij u zoek ik toevlucht,
Laat mij niet voor immer vernederd.
Gij die rechtvaardig zijt,
Ontzet mij toch, geef mij uitkomst.
Neig uw oor tot mij, schenk mij uw heil.
Houd mij, God, uit de greep van de bozen,
Die klauw van wie vals zijn en wreed.
God, blijf niet verre van mij,
Mijn God, kom mij ijlings te hulp.
(Psalm 71, 1-2.4.12 Ida Gerhardt)
Een gebed is steeds ook een ethische opdracht.
Anders zijn we medeplichtig,
door talmen en van de ellende wegkijken
door weginterpreteren en relativeren.
En door geen beslissingen te nemen.
Door niet te doen ophouden.
Wijzen we hen die ons vertegenwoordigen
in politiek en industrie,
in financiën en wetenschap,
voldoende op hun verantwoordelijkheid?
Nemen zij die het beleid bepalen hun verantwoordelijkheid?
“Vrede laat Ik u na, mijn vrede geef Ik u,
niet zoals de wereld die geeft, geef Ik hem u.” (Joh 14, 27)
Drie dagen na zijn kruisdood herhaalt Jezus:
“Vrede voor jullie!” (Joh 20,19)
Woorden die ons moeten wakker maken
opwekken, mobiliseren.
Woorden die kracht geven.
En hoe komen tot vrede?
We horen de bekende uitspraak van Paus Paulus VI:
“Rechtvaardigheid is de eerste stap naar vrede”
Dat voor ons handelen.
We horen nog een ander woord:
“Er is gezegd: Oog om oog, tand om tand.
Maar Ik zeg u…”
Dat voor ons hart.
We staan – hier en nu – voor God
als bedelaars.
We bedelen niet voor onszelf,
maar voor hen die op dit eigenste moment
angst doorstaan en honger
en trauma’s oplopen
voor de rest van hun leven
en trauma’s doorgeven
aan volgende generaties.
Moge het gelaat van onze broeders en zusters in Palestina
en het gelaat van alle onschuldige slachtoffers,
waar ook ter wereld,
ons altijd voor ogen staan.
Maar dat hun gelaat ons ook in beweging brengt
om de oorlog te doen ophouden.
En om op te komen voor ieder mens,
Uit eerbied voor het leven.

