Katholieke identiteit is geen laagje vernis
Sinds april 2026 werken Isabelle Desmidt en Tina De Bisschop identiteitsbegeleiders voor het katholiek onderwijs in het bisdom Gent. Kerkplein ging in gesprek met deze twee bevlogen professionals over hun parcours, hun motivatie en hun visie op katholiek onderwijs en zingeving.
Waarom kozen jullie voor deze job?
Tina: Tijdens bezinningsdagen voor onderwijsmensen maakte ik kennis met de vorige identiteitsbegeleider. Toen voelde ik meteen: dit klopt voor mij. Deze functie sluit nauw aan bij wie ik ben en wat ik belangrijk vind. Ik laat mijn klassen achter met pijn in het hart (Tina werkte hiervoor als leerkracht, nvdr), want het contact met leerlingen blijft iets heel waardevols. Tegelijk krijg ik in deze job de kans om op een andere manier impact te hebben, door te werken rond zingeving, identiteit en diversiteit op een breder niveau.
Isabelle: Ongeveer drieënhalf jaar geleden verliet ik het onderwijs om als pastoraal werker in een woonzorgcentrum aan de slag te gaan. Dat was een heel verrijkende ervaring, maar toen ik deze vacature zag, voelde het als een kans om opnieuw dichter bij het onderwijs aan te sluiten. Het onderwijs is een microbe waar je niet vanaf raakt.
Wat ons beiden sterk aanspreekt, is de vrijheid binnen deze functie. Scholen komen met concrete vragen en noden, maar wij krijgen de ruimte om zelf te bepalen hoe we daarop inspelen. Dat geeft veel creativiteit, maar vraagt ook verantwoordelijkheid. Voor mij raakt dat sterk aan het idee van roeping: je krijgt een vraag en mag zelf zoeken naar een authentiek en passend antwoord.
Tina: We merken dat scholen ons benaderen vanuit een grote oprechtheid. Ze willen echt werk maken van deze thema’s en zoeken ondersteuning. Omdat wij nog maar net gestart zijn, zitten we ook zelf in een leerproces. We mogen samen met de scholen ontdekken wat werkt en waar kansen liggen. Dat organische groeiproces voelt heel waardevol.
Wat maakt een school volgens jullie tot een katholieke school?
Isabelle: Voor mij begint dat bij het benoemen van de bron: God. Jezus is onze gids en inspiratiebron. Het gaat erom dat we proberen in onze omgang met elkaar iets van die boodschap zichtbaar te maken. Dat gebeurt niet alleen in woorden, maar vooral in hoe mensen elkaar benaderen, ondersteunen en ruimte geven.
Tina: Identiteit is geen laagje vernis dat je achteraf toevoegt, geen kers op de taart. Het zit verweven in alles: in het beleid, in de manier waarop beslissingen genomen worden, in hoe personeelsleden met elkaar omgaan en hoe er naar leerlingen gekeken wordt. Je zou kunnen zeggen dat het aanwezig is in alle ‘ingrediënten’ van het schoolleven.
Dat betekent natuurlijk niet dat een katholieke school enkel voor katholieken is. Integendeel, we vinden het belangrijk dat er ruimte is voor diversiteit en dialoog. Iedereen die bereid is om zich kritisch en tegelijk loyaal te verhouden tot de christelijke traditie, is welkom.
Identiteit begint dat bij het benoemen van de bron: God.
Isabelle: Daarbij sluit ik graag aan met een gedachte van emeritus bisschop Lode: het heeft weinig zin om mensen strikt op te delen in gelovig of niet-gelovig. Veel belangrijker is de houding die iemand aanneemt. Staat iemand open voor ontmoeting en gesprek, of sluit iemand zich af? In een school waar mensen met een open houding samenkomen, ontstaat ruimte voor echte dialoog. Zo wordt een school een plek waar identiteitsvorming kan gebeuren. Leerlingen en volwassenen dagen elkaar uit om anders te kijken en zichzelf in vraag te stellen. Laten we onze leerlingen en personeelsleden een vraagteken zijn voor elkaar en durven ze ook zelf bevraagd worden?
Tina: Het is in die ontmoetingen dat er goddelijke momenten ontstaan. In mensen die zich laten raken door een boodschap of een verhaal dat ze zelf niet meebrengen, maar in de ontmoeting mogen ervaren.
Hoe kunnen scholen hun katholieke identiteit concreet maken?
Isabelle: Onze scholen willen meer zijn dan plaatsen waar enkel kennis wordt overgedragen. Ze willen ook bijdragen aan de groei van leerlingen als mens. Dat doen ze vanuit hun katholieke wortels. In het evangelie staat: ‘Je herkent een boom aan zijn vruchten.’ Dat betekent dat wat zichtbaar wordt in de praktijk, verbonden moet zijn met wat er onderliggend leeft.
Uiterlijke elementen zoals symbolen, rituelen of vieringen kunnen daarbij helpen, maar ze krijgen pas echt betekenis wanneer ze gedragen worden door een innerlijke overtuiging. Anders blijven het deuren naar een lege ruimte daarachter.
Tina: We merken dat pastorale werkgroepen vaak al heel veel waardevol werk doen. De uitdaging ligt vooral in het creëren van samenhang. Hoe zorg je ervoor dat al die losse initiatieven geen eilandjes blijven, maar samen een duidelijk verhaal vertellen dat gedragen wordt door de hele school?
Isabelle: Daar proberen wij scholen in te ondersteunen. We helpen hen om de brug te maken tussen hun visie en hun concrete praktijk. Dat kan gaan over het uitwerken van een pedagogisch project, maar ook over kleine, dagelijkse keuzes. Het vraagt telkens opnieuw reflectie, gesprek en soms ook durf om dingen anders aan te pakken.
Wanneer krijgen jullie vragen ?
Tina: Dat kan op verschillende momenten en rond uiteenlopende onderwerpen. We begeleiden scholen bijvoorbeeld bij het herwerken van hun visieteksten of pedagogisch project. Dat zijn vaak intense trajecten waarbij we samen nadenken over waar de school voor staat.
Isabelle: Daarnaast worden we ook betrokken bij thema’s zoals diversiteit. En we zijn er ook in moeilijke tijden, bijvoorbeeld wanneer een school geconfronteerd wordt met verlies of ingrijpende gebeurtenissen. Dan proberen we nabij te zijn en ondersteuning te bieden.
Jullie werken dagelijks rond zingeving en spiritualiteit. Welke rol speelt dat in jullie eigen leven?
Isabelle: Ik vergelijk mijn geloofsverhaal graag met het roepingsverhaal van Samuel. Hoewel ik niet uit een sterk praktiserend gezin kom, heb ik van jongs af aan een geloofsdimensie ervaren in mijn leven. Doorheen de jaren ben ik uitgedaagd om niet alleen ‘dicht bij de bron’ te blijven, maar ook naar buiten te gaan en mijn verhaal te delen.
Ik wil mensen niet overtuigen, maar hen uitnodigen om mee naar binnen te gaan. In mijn werk probeer ik vanuit een gevoel van geborgenheid en vertrouwen te spreken. Ik ervaar vaak dat ik mijn weg niet alleen ga, maar dat God met me meegaat, en dat geeft kracht.
Tina: Ik ben opgegroeid in een omgeving waar geloof niet vanzelfsprekend was, en waar ik daar ook vaak over bevraagd werd: ‘waarom zou je dat in hemelsnaam doen?’ Het zou dus soms gemakkelijker zijn om niet te geloven, maar dat kan ik niet. Het is een wezenlijk deel van mijn identiteit. Het hoort bij wie ik ben, en dus neem ik het vanzelf mee in mijn werk. Het is fijn om te merken dat daar in scholen ruimte voor is, en dat dit zelfs gewaardeerd wordt.
Het zou soms gemakkelijker zijn om niet te geloven, maar dat kan ik niet.
Wat wensen jullie scholen, directies en leerlingen toe aan het begin van dit nieuwe schooljaar?
Tina: Ik wens hen vooral moed toe. Moed om te spreken wanneer dat nodig is, maar ook om te zwijgen wanneer dat beter is. Moed om keuzes te maken en trouw te blijven aan wat echt belangrijk is. En misschien nog het meest: moed om mild te zijn, voor anderen en voor zichzelf.
Isabelle: Ik wens hen de kans om echt te beleven. In de drukte van elke dag dreigen we soms te vergeten stil te staan. Ik hoop dat mensen momenten vinden om bewust aanwezig te zijn, om te voelen wat er leeft en om de rijkdom van het leven te ontdekken. Dat iedereen een ankerpunt mag hebben dat houvast geeft.
Annelies Bollaert


