Manna ~ De mooie Suzanna
Het verhaal
Joakim en Susanna waren een rijk, joods echtpaar. In hun huis was het altijd een drukte van belang. Het was de verzamelplaats van alle joden in de stad. Elke voormiddag liepen er massa’s mensen in en uit. En de twee oude mannen, die tot rechters waren gekozen, hielden bij hen zitting in de grote tuin bij het huis. Iedereen kon hen komen raadplegen. Gelukkig hadden Joakim en Susanna heel wat dienstpersoneel om eten en drinken voor iedereen klaar te maken en om alles op te ruimen als het bezoek weer weg was.
In de namiddag was het vaak wat rustiger. Dan ging Susanna wandelen in de tuin. Meestal waren de mensen dan weg, al bleven die twee oude mannen nogal eens hangen. Ze keken graag naar Susanna. Dat was begrijpelijk, want Susanna was een heel mooie vrouw, maar van twee rechters zou je toch verwachten dat ze niet naar de vrouw van een ander zouden kijken.
Joakim en de dienaars keken ontzet. Ze konden niet geloven dat Susanna zoiets gedaan had.
Susanna huilde. ‘Het is niet waar’, zei ze. ‘Deze mannen wilden met mij gemeenschap hebben, maar toen ik weigerde, hebben ze mij beschuldigd. Er is geen sprake van een andere man. Ik wilde gewoon een bad nemen, en toen kwamen zij opeens uit de struiken te voorschijn. God weet dat ik onschuldig ben.’
Ja, zo moest het gebeurd zijn. Joakim wilde Susanna in zijn armen nemen, maar de rechters hielden hem tegen.
‘Deze vrouw moet veroordeeld worden: zij is schuldig en verdient de doodstraf!’ zeiden ze.
Het toegestroomde volk geloofde de rechters. Ze omsingelden Susanna en duwden haar vooruit om haar ter dood te brengen. Opeens sprong er een jonge man op een omgehakte boomstam. Rivka en Mikal hadden hem nog al gezien in het huis. Het was Daniel. Joakim had graag dat hij op bezoek kwam, omdat hij op een verstandige manier over dingen kon praten.
‘Mensen, laat jullie niet zo meeslepen!’ riep hij uit. ‘Jullie moeten eerst zorgvuldig onderzoeken of deze vrouw schuldig is.’
‘Hoe durf je daaraan te twijfelen?’ vroeg één van de rechters. ‘Wij beiden zijn getuigen. Denk je dat wij liegen?’
‘Jullie moeten apart ondervraagd worden’, beval Daniel. ‘Jij eerst. Breng die andere ver genoeg weg.’ Zo gebeurde het. ‘Vertel eens,’ zei Daniel, ‘onder wat voor een boom zag je Susanna en die jonge man samen vrijen?’
De oude man aarzelde heel even. ‘Onder een mastiekboom’, zei hij toen.
Daarna werd hij weggeleid en werd de andere man bij Daniel gebracht. Daniel stelde hem dezelfde vraag. ‘Onder een steeneik’, antwoordde hij. Toen begonnen de mensen te joelen en te schreeuwen: ‘Bedriegers! Verraders! Susanna is onschuldig! Jullie wilden vast zelf met haar vrijen!’
Susanna gooide zich in de armen van haar echtgenoot. Die streelde troostend over haar losse haren.
Met een harde blik keek hij naar de rechters, die langs alle kanten stompen en slagen van de mensen kregen. ‘Wat gebeurt er nu met hen?’ vroeg hij aan Daniel.
‘Wees gerust, ze worden gestraft’, antwoordde Daniel.
’God zij dank dat jij hier was en de waarheid aan het licht kon brengen’, zei Joakim.
Dat vonden ze allemaal. Toen Daniel door Joakim werd uitgenodigd voor de maaltijd, brachten Mikal en Rivka een extra zacht kussen en een bord vol heerlijke hapjes naar hem. Ze zouden nooit vergeten wat hij voor hun meesteres had gedaan.
Naar Daniel 13
Uit: Hosanna! Kinderbijbel met meer dan 150 verhalen (Kolet Janssen, ill. Roel Ottow, Van In, 2013) pag. 120-122.
Denkvraag
Iemand vals beschuldigen is heel erg. Heb jij het al eens meegemaakt dat je zelf vals werd beschuldigd? Of heb je weleens iemand anders van iets beschuldigd wat hij of zij niet had gedaan? Hoe was dat?
Doe-tip
Zoek op internet naar schilderijen van Susanna. Kun je de verschillende personages uit het verhaal terugvinden? Kies je favoriete afbeelding.
Gebed
Lieve God,
Help ons om mensen niet vals te beschuldigen.
Laat ons eerlijke mensen worden,
die opkomen voor wie onrechtvaardig wordt behandeld.
Thuis, in de klas en in de grote wereld.
Want met een eerlijk hart
horen we helemaal bij Jou.
Amen.