Jotam kreeg het beeld niet uit zijn hoofd toen hij die avond op zijn dakterras zat. Vandaag was zijn buurman Hosea gek geworden. Hij had luidkeels over het marktplein geroepen met een wilde blik in zijn ogen. Je werd bang als je naar hem luisterde. Hij was altijd een rare vent geweest, die Hosea. Altijd iets te mopperen en overal kritiek op, je had nu eenmaal van die mensen. Nooit tevreden, terwijl ze het toch goed hadden, in Israël. Ja, het was natuurlijk waar dat de Assyriërs het land waren binnengevallen en dat ze niet meer hun eigen baas waren. Maar buiten het feit dat ze een zware belasting aan hen moesten betalen, hadden ze daar niet zo veel last van. In feite kon het Jotam allemaal niet zo veel schelen. En het had ook wel iets om bij dat grote rijk te horen. Ze hadden een heleboel luxeartikelen leren kennen waar ze voordien nog nooit van gehoord hadden. Verfijnde gerechten en nieuwe stoffen en speciale schalen en reukwerk. Nieuwe spelletjes en liederen. Heel spannend allemaal. Die wisten wel hoe ze moesten plezier maken, die Assyriërs. Wie zou daar niet aan willen meedoen? De mensen van stand tenminste. De gewone boeren en vaklui hadden daar allemaal geen tijd voor, die moesten werken, veel harder dan ooit tevoren.
Nog niet zo lang geleden had Jotam een oude man horen zeggen dat de mensen hun geloof in God en hun normen voor een goed leven waren kwijtgeraakt. Maar Jotam vond dat het zwaar overdreven was om dat te zeggen: ze brachten nog steeds braafjes hun offers aan God. Voor de rest waren ze weinig met hem bezig: ze hadden wel wat beters te doen. En ach, was het nu zo erg dat ze wat losser leefden dan vroeger? Je hele leven met dezelfde vrouw getrouwd zijn, dat was eigenlijk best wel saai. Dan zorgde je toch gewoon voor een nieuwe vriendin van tijd tot tijd, daar was toch niets mis mee? De vrouwen genoten er immers ook van. Kijk maar naar Gomer, de vrouw van Hosea, die ging maar wat graag in op het geflirt van Jotam op zijn laatste feestje. En daar bleef het niet bij. Hosea wist dat ze af en toe met Jotam vrijde, maar wat kon hij ertegen doen? Verder bleef ze netjes voor Hosea zorgen, dus hij had niet veel te klagen. Maar vandaag waren de stoppen bij Hosea doorgeslagen. Vanmorgen rende hij naar het marktplein terwijl hij zijn vrouw aan één arm met zich meesleurde. De mensen keken hem meewarig aan. De meesten wisten wel hoe het zat tussen hem en zijn vrouw. ‘Weet je wat God tegen jullie zegt?’ riep Hosea. ‘Hij zegt: jullie zijn als Gomer. Jullie zijn mij niet trouw, jullie houden je niet meer aan het verbond met mij! Ik ben net als Hosea: een arme, bedrogen, in de steek gelaten echtgenoot! Denken jullie nu echt dat ik iets geef om die offers die jullie brengen, waar je hart niet in zit? Ik wil toch geen offers maar wel mensen met een eerlijk hart, die proberen goed te leven! Zien jullie dat niet?’ Jotam had gezien hoe Hosea wanhopig stond te hijgen. Hij keek zijn vrouw Gomer aan en begon te huilen. ‘Weet je dan niet hoeveel ik van je hou, Gomer?’ vroeg hij. Gomer wist niet waar ze moest kijken. ‘Zo gaat het ook met God: hij houdt zoveel van jullie en toch moeten jullie niets van hem weten!’ Toen stortte Hosea in elkaar als een hoopje ellende. Samen met een andere buurman had Jotam hem naar zijn huis gebracht. Gomer volgde hen stilletjes, zonder iets te zeggen. Er zat een vreemde blik in haar ogen. Jotam wist niet of ze nog naar zijn feestjes zou komen.
Wat betekent het om trouw te blijven aan iets of aan iemand?
Doe-tip
Teken een groot hart en schrijf daarin alle waarden die voor jou heel belangrijk zijn (bv. vriendschap...) en alle mensen aan wie jij trouw wilt blijven.
Gebed
Lieve God, Wij horen bij Jou. Zo willen we ook leven. We vinden steun daarvoor in de verhalen van Jezus. En ook bij elkaar. Blijf voor altijd in ons hart en help ons om trouw te blijven aan Jou. Amen.