Overslaan en naar de inhoud gaan
Ga naar Otheo
HomeInterdiocesane Commissie voor Liturgie
  • Startpagina
  • Contacten
  • Over ons
Search form expand icon
Mobile menu expand iconMenu
HomeInterdiocesane Commissie voor Liturgie
Mobile menu expand iconSluiten
  • Startpagina
  • Contacten
  • Over ons
  • Liturgische kalender
  • Liturgisch woordenboek
  • Liturgische zang en muziek
    • De eucharistie zingen
    • Liedsuggesties Zingt Jubilate
    • Antwoordpsalmen voor de zondagsliturgie
  • Aanvullingen missaal en getijdenboek
  • Uitgaven van de ICL
    • Periodiek
    • Niet-periodiek
  • Documenten bisschoppenconferentie
  • Nuttige links

Zegening van de adventskrans

De adventskrans kan worden gezegend, in huiselijke kring en in de gemeenschap rond het altaar, op de (vooravond van de) eerste zondag van de advent.

Het gebruik om vier kaarsen op een krans van altijd groene takken te plaatsen komt vooral voor in Germaanse landen en in Noord-Amerika en is het symbool geworden van de advent in de huizen van de christenen. De adventskrans met de vier kaarsen, die geleidelijk aangestoken worden, zondag na zondag, tot het hoogfeest van Kerstmis, is de herinnering aan de verschillende etappes van de heilsgeschiedenis vóór Christus en symbool van het profetisch licht dat langzamerhand de nacht verlichtte van de verwachting tot het opgaan van de zon van de gerechtigheid (vgl. Mal. 3, 20; Luc. 1, 78)."

Directorium over volksvroomheid en liturgie, 98

Tijdens de eucharistieviering – Word – pdf 

Vindt de zegening van de adventskrans plaats tijdens een eucharistieviering, dan gebeurt dit meteen na de opening van de viering. De priester bidt dan:

Eeuwige God, Gij laat ons, mensen, niet alleen
bij ons zoeken naar leven en vreugde.
Daarom keren wij ons bij het begin van deze advent tot U,
op wie geheel onze hoop gevestigd is.
Wij bidden U: zegen deze krans en deze kaarsen.
Zij zijn een teken dat Gij de Heer zijt van eeuwigheid
aan wie ook de toekomstige tijd toebehoort.
Zij zijn een teken van leven, dat wij van U verwachten;
een teken ook dat Gij het licht zijt,
dat schijnt in de duisternis.
Laat onze liefde toenemen en laat ons met nieuwe toeleg
op zoek gaan naar U.
Door Christus, onze Heer.

Vervolgens besprenkelt de priester de krans en de kaarsen met wijwater, en wordt de eerste kaars ontstoken.

Uit het Klein Rituale voor de Nederlandse Kerkprovincie (2009)

In de huiskring – Word– pdf 

Krachtens het algemeen priesterschap kan iedere gelovige dit zegengebed leiden. De ruimte kan tijdens het gebedsmoment enigszins verduisterd zijn. 

Openingsriten

GL:In de naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest.

Toon ons, Heer, uw barmhartigheid.

Allen antwoorden:

En schenk ons uw heil.

GL:Laat ons bidden.

God,
wij vragen U:
Luister in uw goedheid naar ons bidden.
Breng licht in de duisternis van ons hart
door de genadevolle komst van uw Zoon,
Jezus Christus onze Heer,
die met u leeft en heerst
in de eeuwen der eeuwen.

Lezing van het Woord van God

Vervolgens leest één van de aanwezigen of de gebedsleider zelf een tekst uit de Heilige Schrift, bijv.:

Uit de profeet Jesaja (Js 9, 1-2b)

Het volk dat in het donker wandelt,
ziet een groot licht;
een licht straalt over hen
die wonen in het land van doodse duisternis.
Gij hebt hun blijdschap vermeerderd,
hun vreugde vergroot.
Voor uw aanschijn zijn zij vol vreugde.

Woord van de Heer.

ofwel

Uit de brief van de heilige apostel Paulus 
aan de christenen van Rome (Rom 13, 11-13a)

Broeders en zusters,
Gij weet
dat het uur om uit de slaap te ontwaken
reeds is aangebroken.
Thans is ons heil dichterbij
dan toen wij tot het geloof kwamen.
De nacht loopt ten einde, de dag breekt aan.
Laten wij ons dus ontdoen van de werken der duisternis
en ons wapenen met het licht.
Laten wij ons behoorlijk gedragen
als op klaarlichte dag.

Woord van de Heer.

ofwel

Uit de brief van de heilige apostel Paulus 
aan de christenen van Efeze (Ef 5, 8-9.13-14)

Broeders en zusters,
Eens waart gij duisternis,
nu zijt gij licht door uw gemeenschap met de Heer.
Leeft dan ook als kinderen van het licht.
De vrucht van het licht kan alleen maar zijn:
goedheid, gerechtigheid, waarheid.
Alles wat aan het licht wordt gebracht,
komt in het licht tot helderheid.
En alles wat verhelderd wordt,
is zelf "licht" geworden.
Zo zegt de hymne:
"Ontwaak, slaper,
sta op uit de dood
en Christus' licht zal over u stralen."

Woord van de Heer.

Eventueel kan een antwoordpsalm gezongen of gezegd worden of een ander passend gezang.

Antwoordpsalm: Ps 24 (23)

Kv Open de poorten voor de koning der glorie.

Aan God hoort de aarde en al wat erop is,
de aardschijf en al wat daar woont;
Want Hij heeft haar op het water gegrondvest,
haar vastgelegd op de zee. – (Kv)

Wie zal beklimmen de berg van de Heer,
wie in zijn heiligdom staan?
Die rein is van handen en zuiver van hart,
zijn zinnen niet zet op wat kwaad is. – (Kv)

Hij zal gezegend zijn door de Heer,
door God, zijn heil, gerechtvaardigd;
Zo doet het geslacht dat zich richt tot Hem,
dat staat voor het aanschijn van Jakobs God.

Kv Open de poorten voor de koning der glorie.

Zegeningsgebed

GL:Laat ons bidden.

God,
Gij hebt ons uw Zoon gezonden, het Licht der wereld.
Mogen deze krans en kaarsen door uw zegen
ons in de dagen van de advent doen denken
aan Jezus Christus, die elke mens wil verlichten.
Laat ons groeien in de liefde tot Christus,
zoals wij elke dag des Heren
aan deze krans een nieuw licht ontsteken.
Maak ons gereed om de geboorte van uw Zoon te vieren
en laat ons eenmaal zijn heerlijkheid aanschouwen
vol genade en waarheid.
Door Christus, onze Heer.

Vervolgens wordt de eerste kaars van de adventskrans ontstoken.

Het gebedsmoment kan worden besloten met een passend gezang, bijv.:

Slotlied: O kom, o kom, Immanuël (ZJ 121)
  1. O kom, o kom, Immanuël,
    verlos uw volk uw Israël,
    herstel het van ellende weer,
    zodat het looft uw naam, o Heer!
    Refr. Weest blij, weest blij, o Israël!
    Hij is nabij, Immanuël.
  2. O kom, Gij wortel Isaï,
    verlos ons van de tyrannie,
    van alle goden dezer eeuw,
    o Herder, sla de boze leeuw.
    Refr.
  3. O kom, o kom, Gij Oriënt,
    en maak uw licht alom bekend;
    verjaag de nacht van nood en dood,
    wij groeten reeds uw morgenrood.
    Refr.
  4. O kom, Gij sleutel Davids, kom
    en open ons het heiligdom;
    dat wij betreden uwe poort,
    Jeruzalem, o vredesoord!
    Refr.
  5. O kom, die onze Koning zijt,
    in wolk en vuur en majesteit.
    O Adonaï, die spreekt met macht,
    verbreek het duister van de nacht.
    Refr.

Uit het Klein Rituale voor de Nederlandse Kerkprovincie (2009)

HomeInterdiocesane Commissie voor Liturgie
Algemeen
  • Neem contact op
Sociale kanalen
  • YouTube
© Interdiocesane Commissie voor Liturgie 2026
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Abonnementsvoorwaarden
  • Vacatures
Ga naar Otheo