Overslaan en naar de inhoud gaan
Ga naar Otheo
HomeIDGP – Gezinspastoraal Vlaanderen
  • Startpagina
  • Contacten
  • Over ons
Search form expand icon
Mobile menu expand iconMenu
HomeIDGP – Gezinspastoraal Vlaanderen
Mobile menu expand iconSluiten
  • Startpagina
  • Contacten
  • Over ons
  • Over IDGP

Achtergrondinformatie en artikels over vergeven

Artikels die verschillende aspecten van vergeving belichten
  1. Vergeving in het gezin
  2. Hoe vergeven? Vergeven om te genezen, genezen om te vergeven
  3. Vergeving is niet goedkoop
  4. Tussen goed & kwaad – De complexe wereld van schuld, herstel en vergeving
  5. 'Van harte vergeven' – Buitensporig of ontspoord?

     

Vergeving in het gezin

Roger en Godelieve zijn vijftig jaar getrouwd. Ze krijgen een journalist van de Streekkrant op bezoek. Er worden een paar obligate vragen gesteld, maar al snel blijkt dat dit echtpaar geen obligate antwoorden geeft. Hun verhaal is een levensecht verhaal van goede en kwade dagen, maar vooral van een veerkrachtige liefde. De journalist moet dit opgemerkt hebben, want hij stelt een laatste vraag. 'Wat is eigenlijk het geheim van een gelukkig huwelijk?' Hun antwoord is even eerlijk als verrassend. "Meneer, als je bij elkaar wilt blijven, moet je elkaar veel kunnen vergeven."

Vergeving. Een woord dat centraal staat in het christelijk geloof. Een woord dat vaak verkeerd begrepen en zelfs misbruikt wordt. Een woord dat ook vandaag blijft opduiken, overal waar mensen goede, langdurige relaties proberen uit te bouwen.
Hoe kan de pastoraal gezinnen vandaag inspireren en begeleiden bij het gaan van deze weg in vergeving?

Vergeving verkondigen

Allereerst is het belangrijk dat gezinnen inzicht krijgen in wat vergeving is. Bij een zo zwaar beladen woord begint dit vaak met de vaststelling van wat vergeving niet is.
Vergeving is niet zeggen 'zand erover' en alles met de mantel der liefde bedekken, alsof de kwetsende ervaring er nooit geweest is. Vergeving betekent ook niet dat men onrecht moet laten gebeuren. Integendeel, gezonde vergeving zet stappen naar een rechtvaardig samenleven.
Vergeving betekent ook niet altijd dat de relatie op dezelfde manier wordt verdergezet. Als er veel schade geleden is, kan dit ook niet. Misschien wordt de relatie nog dieper. Of misschien is het herstel van de relatie niet mogelijk of wenselijk, bijvoorbeeld omdat de veiligheid in het gedrang komt.
Vergeving is ook geen morele prestatie, die we van onszelf moeten eisen. Het is veeleer een geschenk. We kunnen het enkel doorgeven, omdat we het zelf ontvangen hebben. Iemand heeft onze zonden geworpen 'in de diepte van de zee' (Micha 7,19), wordt ons verteld. En we vertrouwen erop dat er ook een bordje 'verboden te vissen' bij staat.
Vergeving is geen verplichting, maar een bevrijding. Het verband tussen 'vergeven' en 'genezen' in het evangelie is meer dan duidelijk. Echte vergeving laat nieuw leven stromen. En dat is goed nieuws!

Deze inzichten rond vergeving vormen kostbare bagage voor mensen die zich voorbereiden op hun huwelijk, voor partners, voor ouders van kinderen, voor broers en zussen.
Hoeveel gezinsrelaties verzuren er niet doordat mensen niet kiezen voor een weg in vergeving? Hoeveel leed wordt er niet als 'onheelbaar' beschouwd, omdat mensen nog niet hebben ervaren hoe krachtig en deugddoend vergeving kan zijn? Of hoeveel mensen ontdekken niet dat ze 'vergeving' jarenlang hebben verward met 'niet opkomen voor jezelf'?
Door een diocesaan aanbod, in het kader van gezinsdagen of thema-avonden (bijvoorbeeld in de vasten), huwelijksvoorbereiding of voorbereiding op een ander sacrament, kan verkend worden wat 'vergeving' is, en wat het kan betekenen in het leven van gezinnen.

Vergeving ervaren

Gezinnen hebben nood aan een Kerk die met hen meegaat. Ze hebben nood aan priesters, diakens, pastorale werkers en medegelovigen die oor hebben voor wat gezinnen bezighoudt.
Als er een crisis is in een gezin, zal de bereidheid tot vergeving vaak bepalend zijn voor de verdere afloop. Het alternatief voor vergeving is immers de heel natuurlijke vergeldingsreactie, met een escalatie van emotioneel, verbaal of ander geweld tot gevolg. 'Vergelding' kan heel wat vormen aannemen. Maar al te vaak zijn mensen zich er niet eens van bewust hoe een wrokkige houding binnensluipt en de onderlinge relaties én het persoonlijke welzijn verziekt. Of weten ze helemaal niet hoe ze die andere weg kunnen gaan: groeien in vergeving.
Geloof en psychologie raken hier elkaar.
Dat hoeft ons niet te verwonderen: al sinds de woestijnvaders en -moeders zijn mensen met een pastorale taak ook 'zielenherders', van wie het inzicht in de menselijke psyche geworteld is in hun geloof. In hun spoor werken en schrijven ook vandaag nog veel pastores. Zo is er het gedachtengoed van Jean Monbourquette, een Canadees priester-psycholoog. Als therapeut kwam hij dagelijks in contact met de menselijke realiteit van gebroken relaties, van kwetsuren die het onmogelijk maakten om een liefdevolle God nog te kunnen zien of ervaren. Hij ontwikkelde een laagdrempelige methodiek met kleine, haalbare stappen op de weg in vergeving. Hierbij is er ook aandacht voor de erkenning van het gekwetst zijn, en de innerlijke heling van de wonde. In verscheidene bisdommen wordt er ruimte gemaakt voor dit diaconale aanbod .

Vergeving vieren

'Vergeving' staat in het hart van de christelijke boodschap. Het is 'agape' in uitvoering. Logisch dat vergeving ook een belangrijke plaats in de viering heeft.
De eucharistieviering begint met een bewustwording van gemiste kansen om onze roeping tot liefde te volgen. In brood en wijn gedenken we onze Redder. We ontvangen vergeving, we ontvangen genezing. En we krijgen de zending om zelf op deze liefdevolle, vergevende manier in het leven te staan.
In de homilie, de voorbede en de schuldbelijdenis raakt dit eeuwige thema het eigen leven. Dit zijn kansen om de realiteit van het gezinsleven een plaats te geven. Om de hoge roeping van het christelijk leven te laten landen in het dagelijks leven van een gezin. Om te spreken over moeders en vaders, broers en zussen, ruzies en teleurstellingen, en over de kracht en eenvoud van vergeving.
Het verzoeningsgesprek is een van de sacramenten, lange tijd gekend als 'de biecht'. Het leek dezelfde weg op te gaan als de biechtstoel: een fraai versierd meubelstuk – dat bijna niemand nog wilde bezoeken. Is het niet wonderlijk dat het 'sacrament van de verzoening' zo veel jongeren heeft aangesproken op de Wereldjongerendagen in Madrid? Blijkbaar is de behoefte aan een mild en open gesprek over falen, kwetsen en gekwetst worden nog steeds erg groot. Blijkbaar leeft het verlangen naar vergeving van Godswege nog steeds in het hart van mensen.
Jongeren hebben het sacrament van de verzoening al herontdekt. Zullen gezinnen deze kans ook krijgen, en nemen?
'De kwaliteit van een monastieke gemeenschap is recht evenredig aan haar kwaliteit van vergeving' , stelt Anselm Grün. Hetzelfde kan gezegd worden over een gezin. En hierbij kan de kerkgemeenschap een belangrijke rol spelen.

Katie Velghe
Educatieve medewerker IDGP

Bron:
Dit artikel verscheen in de bladen van de bisdommen Hasselt, Brugge en Mechelen-Brussel:

Samen, 28(2013)6, 17-18 (bisdom Hasselt)
Ministrando, 49(2013)7-8, 358-361 (bisdom Brugge)
Pastoralia, (2013)8, 26-27 (aartsbisdom Mechelen-Brussel)

Hier vind je de tekst van deze bijdrage over vergeving in het gezin (pdf-bestand)

 

Hoe vergeven? Vergeven om te genezen, genezen om te vergeven

In 2013 was de LOGOS studiedag gewijd aan de thematiek van vergeving.

Katie Velghe, educatieve medewerker van IDGP en jarenlang begleider van de groeigroepen in vergeving in het bisdom Gent, verzorgde er een werksessie over de visie en methodieken van Jean Monbourquette. Het bijbehorende artikel dat zij schreef verscheen in het Logos boek 'Sta op en loop. Geloven in vergeving' dat naar aanleiding van deze LOGOS studiedag werd uitgegeven:

Katie Velghe, 'Hoe vergeven? Vergeven om te genezen. Genezen om te vergeven', in Yves De Maeseneer en Tom Uytterhoeven (red.), Sta op en loop. Geloven in vergeving, Halewijn, Antwerpen, 2013, 75-83.

 

Vergeving is niet goedkoop

Ilse Cornu en Johan Van der Vloet publiceerden in De Standaard van 7 september 2010 de bijdrage 'Vergeving is niet goedkoop'. In deze bijdrage gaan ze in op woorden als vergeving of vergiffenis en herstel, omdat het wezenlijk is dat deze begippen op een juiste manier worden gehanteerd en begrepen.

 

Tussen goed & kwaad – De complexe wereld van schuld, herstel en vergeving

De actualiteit drukt ons voortdurend met de neus op het kwaad. Het lijkt alomtegenwoordig en toch wil (bijna) iedereen het goede ... een vreemde paradox! Waarom doen we kwaad en waarom doen we goed? Het is een vraag die filosofen, theologen, psychologen en wetenschappers intens bezighoudt. Kwaad roept ook de schuldvraag op en hoe met die schuld van anderen en van jezelf om te gaan. Nog ingewikkelder wordt het wanneer we spreken over vergeving en verzoening. De recente debatten rond de mogelijke vrijlating van Michelle Martin en haar opvang in een klooster, confronteren ons heel concreet met de complexiteit van het kwaad en de omgang ermee. Wat betekent erkenning voor slachtoffers? Wat doe je met je woede om het aangedane onrecht? Wat is de rol van straf en herstel? Wat is er nodig om te vergeven? Wat is vergeven wel en niet? Is dat altijd mogelijk? En last but not least: mogen we hopen dat het goede het kwade kan overwinnen?

Waar komt het kwaad vandaan?

Die vraag houdt de mensheid al sinds haar ontstaan bezig. Religieuze tradities proberen op een verhalende manier aan te geven hoe het kwaad iets is wat de wereld binnendringt en de mens daardoor afleidt van de weg van het goede, dat zijn eigenlijke bestemming is. Wat of wie dat kwade is en waar het vandaan komt, kan heel moeilijk worden gedefinieerd. Sommige wetenschappers spreken liever niet van goed en kwaad omdat we als mens niet vrij zouden zijn, maar gedetermineerd door onze genen. Hoe het ook zij, kwaad is er, en de voornaamste vraag luidt dan: Hoe ga je er mee om?

Schuld en boete

Het christendom is lang voorgesteld als een religie van het schuldgevoel en helaas kwam dit ook vaak zo over. Nochtans is de christelijke manier van omgaan met het kwaad een heel bevrijdende boodschap. Dat hangt samen met de betekenis van het begrip 'zonde'. Heel beladen, maar toch: dit woord is een vertaling van het Hebreeuwse 'de weg verliezen'. In het Grieks betekent het zoveel als 'het doel missen'. Zonde duidt daarmee op de complexe maar heel reële vaststelling dat wij allemaal kwaad kunnen doen en het ook doen. Allemaal hebben we onze wonden en angsten, onze machtswil en controledrang en laten we onze zelfhandhaving primeren op de ander. Dat wordt in het bekende verhaal van het eten van de 'verboden' vrucht door Adam en Eva gesymboliseerd (Gen 3): uit angst dat God hen niet liefheeft, proberen ze de 'macht' te veroveren, over God en over elkaar en zo over de wereld. En dat lijdt tot rampen, zoals de rest van de verhalen in Genesis vertellen: Kain en Abel, de zondvloed, de toren van Babel. Maar de erkenning van onze 'zondigheid' opent ons ook voor de mogelijkheid van de 'vergeving van de zonden'. Deze Bijbelse uitdrukking slaat met name op Jezus, die de macht van dit kwade in ons is komen breken. Door zelf, in een extreme situatie van kwaad, de liefde niet te verliezen, heeft hij getoond dat de macht van het goede en de liefde groter is dan die van het kwade.

Geen soft recept

Het christelijke geloof is geen softe ideologie. Het kwaad wordt er kwaad genoemd. Jezus' dood is verschrikkelijk en wordt ook zo benoemd. In de hele Bijbel kiest men radicaal voor het slachtoffer, zoals in de beroemde passage van David en de profeet Nathan, die hem er op wijst dat hij de moordenaar is van de man van Betseba, de vrouw die hij voor zichzelf wilde (2Sam 12). David erkent zijn kwaad en heeft diep berouw. Pas dan kan er herstel komen, maar het kwaad wordt daarmee niet ontkend. Het is onomkeerbaar en het proces van herstel is daarbij wezenlijk. In die zin moet men zeer voorzichtig zijn met externe oordelen over slachtoffers. Het vermorzelde hart van de dader – David – is heel anders dan onze excuuscultuur. Zoals Guillaume van der Stichelen onlangs zeer treffend zij: "Zich excuseren, is hetzelfde als zeggen: 'Sorry dat gij zo'n lange tenen hebt maar ok als ik u zou pijn gedaan hebben, wat niet mijn bedoeling is, dan excuseer ik mij hiervoor … echt berouw hebben, is verdriet hebben om wat je de ander hebt aangedaan". Vergeving is dan ook geen plicht maar een uitnodiging. Het is wel zo dat vergeving een bevrijdend proces kan zijn. Ook is het belangrijk een onderscheid te maken tussen vergeving en verzoening. vergeving is een innerlijk proces, waarin het slachtoffer de dader vergeeft om zelf ook te kunnen leven zonder – zoals Jef Vermassen zegt – dat "gewicht op uw schouders overal mee te dragen". Voor christenen is het belangrijk dat zij vergeving ervaren als een mogelijkheid die hun gegeven wordt door God. God vergeeft in de eerste plaats onze beperktheid en kwaad, onze zonde. We zijn immers allemaal daders (en slachtoffers). Verzoening is het herstel van de relatie en dat is soms niet mogelijk en het kan in een aantal gevallen ook beter zijn niet te verzoenen.

De dader

Dat brengt ons bij de dader. Er is in de media heel wat gesproken over mildheid, vergevingsgezindheid en een tweede kans geven aan daders, met name in de zaak Michelle Martin. Vanuit christelijk perspectief is het inderdaad wezenlijk dat iedere mens recht heeft op leven. Maar in de concrete relatie tussen mensen is dat niet onvoorwaardelijk. De voorwaarde voor de vergeving in de Bijbel is het berouw. Dat is ook zo in de biecht: als je geen echt berouw en geen wil tot bekering hebt, geldt de absolutie niet. Tegelijk kan niemand het hart van de ander doorgronden. Het blijft, christelijk gezien, iets tussen God en deze mens. De dader blijft een mens, die door God geliefd blijft en geroepen tot bekering. Maar dat hoeft niet te betekenen dat slachtoffers daders zonder berouw kunnen vergeven. Wij zijn God niet! Als ze dat doen als innerlijk proces om van de druk van de dader op hun leven af te komen en zo verder te leven, is dat een spirituele kracht. Maar als dat niet lukt, is dat heel begrijpelijk. Vanuit de christelijke visie kan je de vergeving die je zelf niet kan geven ook toevertrouwen aan God: je onmacht aan Hem geven en de dader ook aan Hem toevertrouwen.
Ten slotte: ook de dader kan zich opsluiten in daderschap en denken dat er voor hem of haar geen vergeving bestaat of zichzelf tot slachtoffer verklaren. Ook de dader moet een innerlijk proces doorgaan van erkenning, bekennen en veranderen om hieruit te treden en zelf zijn leven opnieuw op te nemen en zijn schuldig-zijn daarin te integreren.

Een permanente uitdaging

De zaak Dutroux is uiteraard zeer complex door de ongekende overmaat aan kwaad. Maar het mag ons niet doen vergeten dat we in ons omgaan met onszelf en elkaar getekend zijn door onze angst én onze drang naar macht. Het christelijk geloof roept op dit te erkennen en voortdurend te bevragen, om dan je eigen onmacht en kwaadheid om te vormen tot openheid en vrijheid, door lief te hebben en de liefde van een ander te ontvangen. Dat is een permanent proces, dat het christelijk geloof onze roeping tot 'heiligheid' noemt. Klinkt weer heftig, maar het betekent niets anders dan dat het christelijk geloof mensen wil bevrijden tot het goede en gelooft dat dit goede het laatste woord zal hebben.

Johan Van der Vloet

Bron:
Dit artikel van Johan Van der Vloet verscheen in september-oktober 2012 (p. 8-9) in de rubriek 'Onderweg' van Don Bosco Vlaanderen, het tweemaandelijks tijdschrift van de beweging rond Don Bosco.
Met dank aan Don Bosco Vlaanderen voor de toelating om dit artikel hier ter beschikking te stellen.

 

'Van harte vergeven' – Buitensporig of ontspoord?

"Tot zeventig maal zeven keer toe…" Van jongs af leren we dat Jezus ons vraagt elkaar van harte te vergeven. Een mooie boodschap, die echter ook heel wat weerstand oproept. Is deze eis niet naïef, zelfs schokkend?
Maar misschien schuilt er meer diepgang in Jezus' oproep dan we op het eerste gezicht zien, en moeten we wat 'dieper' lezen? Proberen we even door te dringen tot de 'pit' van de tekst in Matteüs 18,15-34.

De grondslag van mijn mededogen

Wanneer Jezus de puntjes op de i wil zetten, dan verduidelijkt Hij zijn standpunt vaak met een verhaal. Zo ook in Matteüs 18, waar hij vanaf vers 23 de parabel vertelt van de barmhartige heer en zijn hardvochtige dienaar. Vergeven wordt hier vergeleken met het kwijtschelden van een schuld. De dienaar heeft tienduizend 'talenten' schuld bij zijn meester – een ongelooflijk hoog bedrag, een staatsschuld waardig. Op zijn smeekbede brengt zijn meester niet alleen geduld op, maar scheldt hij zelfs de hele schuld kwijt. Maar eenmaal buiten is de dienaar keihard tegenover een collega die hem een kleine som verschuldigd is (ongeveer 600.000 maal minder dan zijn eigen schuld!), en laat hem zelfs gevangenzetten. In het verhaal spelen ook de andere collega's een rol, die in hun verontwaardiging het hele gebeuren aan hun meester gaan vertellen.
De lezer van dit verhaal kan slechts tot één besluit komen, dat de grondslag vormt voor Jezus' leer over de vergeving: de man aan wie een dergelijke schuld werd kwijtgescholden, zou zelf ook mild moeten zijn tegenover zijn mededienaar. Jezus' oproep tot vergeving komt niet zomaar uit de lucht vallen; juist het mededogen van de Ander vormt de grond van mijn mededogen voor de ander! De vergeving als vorm van christelijke liefde komt voort uit het besef dat God ons het eerst heeft liefgehad. Je kunt vergeven omdat je zelf eerst mildheid en vergeving ervaren hebt. Ouders en opvoeders krijgen hierin trouwens een bevoorrechte plaats: voor het kind zijn zij het eerste en het laatste woord van vergeving!

"Tot zevenmaal zeventig maal…"

In Petrus' vraag in vers 21 ligt de klemtoon al op de vergeving – het lijkt erop dat hij in Jezus' kielzog zijn les al goed geleerd heeft. De "zeven keer" duiden op een volheid: Petrus vraagt dus of hij 'altijd' moet vergeven. Jezus pikt deze draad op maar geeft een scherp antwoord: "Niet tot zeven keer toe, zeg Ik je, maar tot zeventig maal zeven keer toe!" Hij treedt m.a.w. in een soort 'superoverdrijving', een ware extravagantie aan vergeving. Een buitenissigheid die schokkend overkomt en ons de hakken in het zand doet zetten…
We voelen een dubbele weerstand tegen deze oproep van Jezus. Vooreerst lijkt het wel alsof hier iets onmogelijks gevraagd wordt. Is de buitensporige eis van vergeving niet onmenselijk? En bovendien, is het eigenlijk wel juist en billijk zoiets van eens mens te verlangen?
Deze weerstand is helemaal gerechtvaardigd en werd in de christelijke traditie niet altijd voldoende ernstig genomen. Vaak werd de eis tot vergeving afgekookt tot een zeemzoeterig verhaal van "Geef eens een mooi handje aan elkaar" – en ons dan maar verwonderen dat er mensen heel erg kwaad zijn geworden!
Die woede kunnen we vermijden door Jezus' gesprek met Petrus binnen de ruimere context te lezen. Het wordt gevolgd door de hoger besproken parabel, als om te zeggen dat we vaak in dezelfde fout als Petrus vervallen: zijn vraag blijft in het 'ik' steken, de vergeving wordt volledig gezien als eigen verdienste en terloops wordt God volledig doodgezwegen… Terwijl het buitensporige karakter van de eis tot vergeving pas dan zinvol begrepen kan worden als we Gods extravagante mildheid en barmhartigheid centraal stellen.
Maar wat is er nu menselijk nodig om dit 'van harte vergeven' ook echt te kunnen realiseren? Daarvoor lezen we ook de verzen vóór de vraag van Petrus…

Niet toedekken of bagatelliseren

Jezus' toespraak over de vergeving begint niet met Petrus' vraag, maar al in vers 15. En we durven weleens te snel lezen over dit begin: "Als je broeder je iets misdaan heeft…" Woorden die verraden dat het niet gaat om een bagatel, en al zeker niet om 'blindweg vergeven', doen alsof er niets gebeurd is. Integendeel, het kwaad mag uitgesproken worden, het hoeft helemaal niet verdoezeld te worden!
Jezus' onderricht staat in schril contrast met de bij ons vaak heersende cultuur van 'elkaar ontzien' en 'rond de hete brij draaien' – vergeven als 'je moet braaf zijn'. "Neen, "zo wil Jezus zeggen, "je moet met je voeten op de grond blijven! Je mag het kwaad niet toedekken of bagatelliseren. Je moet het ter sprake brengen: taal – met elkaar spreken in eerlijkheid en waarheid – is de oplossing voor alle problemen!"
En inderdaad, zwijgen en het aangedane onrecht verbijten is geen teken van naastenliefde. Want door de dingen niet in alle eerlijkheid uit te spreken, bereid je de grond voor om haat en wrok te koesteren…
Jezus' visie is zeer 'to the point' en bijzonder actueel. Denken we aan de verzoeningscommissie na de verschrikkingen van het Apartheidsregime in Zuid-Afrika: deze bood geen gemakkelijke uitweg voor de daders, maar verplichtte hen in waarheid te erkennen wat ze misdreven hadden, en dit en face met de slachtoffers… Dit is de enige weg om een authentiek verzoeningsproces op gang te trekken.
En in onze gezinnen, gemeenschappen, leefgroepen scholen… Hebben ook wij de moed om de dingen in alle eerlijkheid uit te spreken?

Een 'oorwoordje'

Al dadelijk benadrukt Jezus dat dit 'ter sprake brengen' onder vier ogen moet gebeuren: je brengt een anders fout niet in het publiek. Het is immers niet de bedoeling de ander voor schut te zetten of te vernederen, of zelfs op te zadelen met een schuldgevoel. Hoe goed moet Don Bosco dit vers niet begrepen hebben – hij die als geen ander het 'oorwoordje' met veel succes toepaste als een 'pedagogische tactiek' om zijn jongeren op een en ander te wijzen!
Wanneer de ander echter niet luisterbereid is, dan voorziet Jezus een aantal verdere stappen om het verzoeningsproces toch op gang te trekken. Dit gebeurt steeds in groot respect voor de vrijheid van beide betrokkenen: de een kan van de ander immers geen bekentenis afdwingen, en evenmin kan de ander vergeving afdwingen van de eerste. Jezus beseft dat het om een heel menselijk gebeuren gaat, met eigen wetmatigheden en een eigen dynamiek, en Hij respecteert dit ook.
Daarom erkent Hij ook dat er een grens bestaat aan de vergeving, namelijk de grens van de onwil. Want hoe kan je ermee omgaan als je, onlangs alle stappen naar de ander toe, blijft spaak lopen in diens manifeste onwil? Pas dan horen we een heel definitieve uitspraak van Jezus: laat dan de ander los…

Roger Burggraeve en Steven Pinnoo

Bron:
"Van harte vergeven' – Buitensporig of ontspoord?" verscheen in Don Bosco Vlaanderen, mei-juni 2014, p. 4-5.

 

Meer lezen over vergeving

Publicaties over vergeving

Enkele goede boeken over vergeving

Gedichten, gebeden en gedachten over vergeving

Van Monbourquette en Hans Bouma

Vergeving

Heel wat info over vergeving is op deze webpagina gebundeld.

HomeIDGP – Gezinspastoraal Vlaanderen
Algemeen
  • Contact opnemen
Sociale kanalen
  • Facebook
© IDGP – Gezinspastoraal Vlaanderen 2026
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Abonnementsvoorwaarden
  • Vacatures
Ga naar Otheo