Adventsconferentie 2024 
Hoop doet leven - Anne Vandenhoeck

Het fijne van de avond was dat Anne Vandenhoeck niet zozeer sprak vanuit een theoretisch opgebouwde kennis, maar wel zeer gedreven en zeker vatbaar vanuit een jarenlange beroepservaring als pastor in UZ Leuven. Ze kon dan ook haar lezing kruiden met vele, soms
grappige, anekdotes.

Na een korte inleiding sprak Anne vooreerst over de hoop in het algemeen om daarna de hoop te plaatsen in de context van ziekte en gezondheidszorg met daarbij aandacht voor het christelijke geloof.

Als inleiding vertrok Anne van de vaststelling dat de hoop vandaag onder druk staat, onder meer door de oorlogen in Oekraïne en Gaza, de toename van extremisme in de politiek, de klimaatverandering,…
Teken aan de wand is het hoge zelfmoordcijfer, zowel bij ouderen boven de 70 jaar als bij jongeren. Er is veel wanhoop en het antwoord hierop ligt voor Anne vervat in slechts twee woorden: “en toch”. En ze voegde er onmiddellijk aan toe dat christenen mensen zijn van de “en toch”, onderweg met hoop (sluit dit niet bijzonder goed aan bij het thema van het jubeljaar 2025 “Pelgrims van Hoop”? nvdr).
En ook dat er in Vlaanderen bij sommigen een bepaalde huiver heerst tegenover het woord “hoop” omdat het als te “christelijk” wordt waargenomen. Of omdat ze een negatieve visie hebben over hoop en het woord “hoop” liever vervangen zien door een ander woord, bijvoorbeeld“ moed”.

Na de inleiding toonde Anne aan de hand van enkele definities van “hoop” aan dat het begrip “hoop” niet voor iedereen dezelfde betekenis heeft. Toch kunnen op basis van de verschillende definities een aantal belangrijke karakteristieken van hoop opgesomd worden:

  • Hoop is universeel: elke mens hoopt (en wanhoopt).
  • Hoop functioneert als een wijze van voelen, denken en doen: hij is meer dan positief denken of optimisme.
  • Hoop functioneert als een manier waarop iemand verbonden is met zichzelf en met de wereld: hij is kwetsbaar (hij kan aangemoedigd of vernietigd worden door externe factoren zoals een krasse uitspraak van een arts of medepatiënt) en hij is flexibel (de inhoud van hoop verandert
    in functie van de omstandigheden, bijvoorbeeld van “ik hoop op genezing” naar “ik hoop op een goede dood”).
  • Hoop is dynamisch: vanuit de eigen ervaring (het eigen verhaal van de mens in zijn context) kan hij gaan naar een spiritueel niveau (door het eigen verhaal in te passen in een groter verhaal) of een religieus niveau (door het eigen verhaal te plaatsen in een religieuze context), waarbij hoop steeds een relationeel proces blijft (hij wordt gevormd in relatie met andere mensen).
  • Hoop staat in relatie met de tijd: het eigen verhaal van elke mens wordt geleefd in het verleden, het heden en de toekomst. “Er is hoop, omdat er morgen is.” Hoop is een kerningrediënt dat geworteld is in de drie tijdsdimensies: hoop bestaat omwille van gebeurtenissen in het verleden,
    hoop geeft energie nu en hoop wordt krachtig door de toekomst.

Als religieuze context haalde Anne het christendom aan. Voor christenen is de hoop een deugd, naast geloof en liefde (1 Korintiërs 13, 13). De hoop verbindt het eigen verhaal van de christen met het verleden, het heden en een toekomst in God. De “ultieme hoop”, de hoop in het kader van het levenseinde, heeft voor de christen te maken met God. In Jezus’ leven zien we dat God met de mens lijdt. In Jezus’ verrijzenis zien we dat de mens met God leeft. Goede Vrijdag, symbool van lijden en wanhoop, wordt gevolgd door Pasen, symbool van hoop en toekomst. De christen leeft altijd van Goede Vrijdag naar Pasen, zoals elke mens leeft van vallen naar opstaan.

Op het einde gaf Anne als antwoord op een vraag nog drie tips mee om de hoop te versterken bij onze naasten die lijden:

  • neem de hoop van je naaste nooit weg, ook al deel je die hoop niet,
  • hoop zelf in de plaats van je naaste die hoop nodig heeft en
  • stap niet onmiddellijk over het lijden van je naaste heen, maar sta naast je naaste.

Bedankt Anne.
Diaken Emiel Clerckx
 

Wie is Prof. Anne Vandenhoeck? 

Anne Vandenhoeck is professor pastorale en spirituele zorg en diaconie aan de faculteit Theologie en Religiewetenschappen KU Leuven. 
Ze is tevens vrijwillig voorganger in de Universitaire Parochie.
Ze was ziekenhuispastor in het UZ Leuven van 1992 tot 2002.