Schatkamer van de liturgie: Geboorte van Johannes de Doper [podcast]
Soundcloud
Deze podcast is een initiatief van het Leerhuis van de kerkvaders en het CCV in het bisdom Gent. Met toestemming van de Intermonasteriële Werkgroep voor Liturgie (IWVL), Abdijboek ©Stichting I.W.V.L. Arnhem/NL en de Interdiocesane Commissie voor Liturgie.
“De kerk houdt de geboorte van Johannes als een heilig gebeuren in ere,” zegt Augustinus in de preek van deze podcast. Hij voegt eraan toe: “Onder onze voorvaders in het geloof is er niemand van wie wij de geboorte zo plechtig vieren.” Het is inderdaad opvallend dat we, naast de eerder bescheiden plechtigheid voor de geboorte van de Moeder Gods, enkel die van Johannes en van Christus zo feestelijk vieren.
Augustinus schetst prachtig de parallellen en tegenstellingen tussen deze twee geboortes, waaruit duidelijk blijkt dat in Johannes’ geboorte onze wereld zich opmaakt voor iets groots, dat er, zoals we in het troparion van de geboorte zongen, er een onvruchtbaarheid ophoudt, en een stomheid verbroken wordt, zodat de eerste keer de Goede Boodschap kan klinken.
Want dat is precies de inhoud van de lofzang van Zacharias, Johannes’ vader, die zijn stem terugkrijgt om te zingen: “Gij, kind, zult genoemd worden profeet van de Allerhoogste.” Profeet en voorloper van welke boodschap zal Johannes de Doper zijn? Hij zal, zo zegt de tekst, “zijn volk kennis geven van heil.” Deze kennis is de wetenschap dat “het kwaad wordt vergeven” aangezien “onze God zo goed is, zo erbarmend.” Johannes, zegt de lofzang verder, is de wegbereider van “de hemelse zon die over ons zal opgaan.” Die hemelse zon is natuurlijk Christus, die verschijnt als een helder licht, als de morgenster voor ons – wij die, met de bijbelse woorden van de hymne zelf, “zonder uitzicht in duisternis zaten en schaduw des doods.” In de woestijn van ons leven is Johannes daarom ook de voorloper, die “de weg voor de Heer bereidt,” een heirbaan voor onze God, “om onze voeten te richten op de weg die naar vrede leidt.”
Uit een preek van de heilige Augustinus, bisschop van Hippo († 430)
De kerk houdt de geboorte van Johannes als een heilig gebeuren in ere. Onder onze voorvaders in het geloof is er niemand van wie wij de geboorte zo plechtig vieren. Wij vieren de geboorte van Johannes, wij vieren ook de geboorte van Christus. Dit kan niet zonder reden zijn, en ook al schiet ik te kort om zo’n verheven gebeurtenis uit te leggen, dan kan men er toch met meer vrucht en dieper over nadenken. Johannes wordt geboren uit een vrouw die oud en onvruchtbaar is, Christus wordt geboren uit een vrouw die jong en maagdelijk is.
Zacharias hecht geen geloof aan de aankondiging van Johannes’ geboorte, en daarom verliest hij, de vader, zijn stem; Maria hecht geloof aan de aankondiging van Christus’ geboorte, en daarom ontvangt zij Hem door de kracht van het geloof.
Wij hebben stof geboden ter overweging en ter bespreking, maar dit moest ik vooropstellen. En als ons het vermogen of de tijd ontbreekt om alle diepten van zo’n groot mysterie te doorvorsen, dan zal Hij die zelfs zonder onze hulp in uw binnenste spreekt, Hij aan wie gij met eerbied denkt, die gij hebt ontvangen in uw hart en wiens tempel gij geworden zijt, u beter onderrichten.
Johannes is als het ware een grenslijn tussen de twee verbonden: het oude en het nieuwe. Want dat hij in zekere zin een grens vormt, getuigt de Heer zelf, wanneer Hij zegt: ‘De Wet en de Profeten tot aan Johannes de Doper’ (vgl. Mt. 11, 13).
Hij is dus een vertegenwoordiger van het oude verbond en een heraut van het nieuwe. Omdat hij een vertegenwoordiger van het oude verbond is, wordt hij uit bejaarde ouders geboren, maar omdat hij ook een vertegenwoordiger van het nieuwe verbond is, wordt al in de moederschoot duidelijk dat hij een profeet is. Toen hij nog niet geboren was, sprong hij op in de schoot van zijn moeder bij het binnenkomen van de heilige Maria. Daar al was zijn bestemming duidelijk, reeds bepaald voordat hij geboren was. Hij toont van wie hij de voorloper zal zijn, nog vóór hij door Hem gezien wordt. Dit zijn goddelijke dingen, zij gaan ons zwakke mensenverstand te boven.
Ten slotte wordt hij geboren, ontvangt een naam, en de tong van zijn vader wordt losgemaakt. Zoek naar de betekenis van het gebeurde, want het is een beeld van een hogere werkelijkheid.
Zacharias zwijgt en verliest zijn stem, totdat Johannes, de voorloper van de Heer, geboren wordt, en hem zijn stem teruggeeft. Wat betekent dat zwijgen van Zacharias anders dan dat de profetie verscholen was, in zekere zin verborgen en gesloten tot aan de prediking van Christus? Zij werd geopenbaard en duidelijk bij de komst van Hem die voorzegd was. Dat betekent: het openen van de mond van Zacharias bij de geboorte van Johannes. Het is hetzelfde als het scheuren van het voorhangsel van de tempel toen Christus aan het kruis hing.
Als Johannes zichzelf aangekondigd had, zou de mond van Zacharias niet opengegaan zijn. De tong werd losgemaakt, omdat de stem geboren werd. Want toen Johannes volop bezig was de Heer aan te kondigen, vroeg men hem: ‘Wie zijt gij?’ En hij antwoordde: ‘Ik ben de stem van iemand die roept in de woestijn’ (Joh. 1, 19.23). Johannes is de stem; maar van de Heer wordt gezegd: ‘In het begin was het Woord’ (Joh. 1, 1). Johannes is een stem voor enige tijd, Christus, het Woord van den beginne, is voor eeuwig.




