Overslaan en naar de inhoud gaan
Home
  • Abonneer nu
  • Zoeken
  • Help
  • Digitale krant
  • Inloggen
Menu
Sluiten

Hulp nodig? Bel de klantendienst op het nummer
03 210 08 30 (ma-vr: 9-12u, 13-16u) of mail ons

  • Inloggen
  • Digitale krant
  • Verhuis melden
  • Krant niet ontvangen
  • Help
  • Contact
  • Zoeken
  • Ontdek Otheo
  • Otheo voor Kerk en Leven abonnees
  • Wegwijsinfo Kerk in Vlaanderen
  • Vacatures
  • Abonneer nu
  • Bestel proefpakket
  • Ontvang nieuwsbrief
Nieuwsoverzicht
Columns
Paus Leo XIV
Kerk in Vlaanderen
Otheo Radio
Otheo Magazine
previous
next

Bijbel van A tot Z ~ Kerk

In ‘Bijbel van A tot Z’ verklaren we verkeerd begrepen of vergeten Bijbelse woorden. Vandaag: Kerk, de wisselwerking tussen gemeenschap en instituut.

Lieve Wouters

Het Griekse woord voor ‘kerk’ is ekklèsia, in het Latijn: ecclesia. Het heeft iets te maken met het Griekse werkwoord ekkaleô, dat ‘oproepen’ of ‘tevoorschijn roepen’ betekent. Het gaat in deze term dus om een gemeenschap die door God ‘tevoorschijn is geroepen’.

Dat wil zeggen dat deze gemeenschap niet uit zichzelf is ontstaan: zij is een geroepen gemeenschap! Zoals de profeet Hosea het treffend uitdrukt: Uit Egypte heb ik mijn zoon geroepen! (Hosea 11,1). Dáár ligt de geboorte van een volk: het ongeregelde zootje van slaven, uitgebuit door de machthebbers van Egypte, wordt geroepen om een nieuw volk te worden, een ‘volk van God’. In de oude Griekse vertaling van de Hebreeuwse Bijbel wordt het Hebreeuwse woord voor ‘volksverzameling’ (qahal) al vertaald met ekklèsia (‘kerk’).

De kerk – zowel de joodse gemeenschap als de latere joods-christelijke gemeenschap – is dus een gemeenschap van geroepenen. God heeft als eerste gesproken. Hij heeft ons door zijn schepping (God sprak – Genesis 1) en door zijn woorden (Gen 12,1: Ga op weg naar een land dat Ik je zal wijzen!) uit de slaap van het vanzelfsprekende gehaald. Wij zijn niet wie we zijn. We worden pas wie we zijn als we gehoor geven aan de roep van onze Schepper.

De kerk is een gemeenschap van geroepenen. We worden pas wie we zijn als we gehoor geven aan de roep van onze Schepper.

Van intieme huiskerk tot bovenlokale kerk

Bij ‘kerk’ gaat het dus altijd om een volk, een gemeenschap. In het Nieuwe Testament zien we een dubbel gebruik van de term: het gaat enerzijds om de ‘lokale kerk’, en anderzijds om de ‘universele kerk’. Dat onderscheid is belangrijk, en daarom moeten we er iets meer over zeggen.

De eerste joods-christelijke gemeenschappen – die dus bestonden uit joden en niet-joden – kwamen bij elkaar aan huis samen. Op sabbat en op feestdagen gingen ze naar de synagoge – of indien mogelijk naar de tempel in Jeruzalem –, maar op de eerste dag van de week kwamen men samen bij iemand wiens huis groot genoeg was. Daar werd ‘het brood gebroken’. In het boek Handelingen staat dat als volgt beschreven:

Elke dag kwamen ze trouw en eensgezind samen in de ​tempel, braken het brood bij elkaar thuis en gebruikten hun maaltijden in een geest van eenvoud en vol vreugde. 
2,46

Dat waren de dus de zogenaamde ‘huiskerken’, die evenwel niet in oppositie stonden met de synagoge of de tempel.

In een Grieks-Hellenistische stad als Korinte hadden de niet-Joden de overhand in de gemeenschap. Daar kregen de huiskerken dus meer belang. Wanneer Paulus een brief schrijft aan de gelovigen in Korinte, brengt hij ook de groeten over van andere geloofsgemeenschappen. Hij schrijft:

De ​gemeenten ​van Asia groeten u. Ook Aquila en ​Prisca​ en de ​gemeente​ (ekklèsia) die bij hen in huis samenkomt laten u, met wie zij één zijn in de ​Heer, hartelijk groeten. 
1 Kor 16,19

Het brood breken en samen eten heeft met een zekere intimiteit van doen en vraagt om kleinschaligheid. De huiskerken zijn kleine gemeenschappen waar het geloof gedeeld wordt en de solidariteit gepraktiseerd wordt. Maar natuurlijk hebben die huiskerken ook onderling een band, en ook die band is belangrijk. In diezelfde brief aan de Korintiërs gebruikt Paulus het woord ‘kerk’ ook in een meer algemene zin: Wilt u werkelijk uw alledaagse geschillen aanhangig maken bij mensen die bij de ​gemeente ​(ekklèsia) geen aanzien genieten? (1 Kor 6,4). Naast de lokale kerkgemeenschappen bestaat er dus ook een ‘bovenlokale kerkgemeenschap’, die ook ekklèsia wordt genoemd.

In het Matteüsevangelie krijgt die gemeenschap een extra dimensie door in plaats van lokaal leiderschap ook over een bovenlokaal leiderschap te spreken, ja, een leiderschap dat zich zelfs over kerken in heel verschillende steden en landen uitstrekt:

En ik (Jezus) zeg je: jij bent ​Petrus (Petros), de rots (petra) waarop ik mijn kerk (ekklèsia) zal bouwen, en de ​poorten ​van het dodenrijk zullen haar niet kunnen overweldigen. Ik zal je de sleutels van het ​koninkrijk van de hemel​ geven, en al wat je op aarde bindend verklaart zal ook in de hemel bindend zijn, en al wat je op aarde ontbindt zal ook in de hemel ontbonden zijn. 
Mt 16,18-19

Naast de lokale kerkgemeenschappen bestaat er ook een ‘bovenlokale kerkgemeenschap’, die ook ekklèsia wordt genoemd.

Gemeenschap en instituut hebben elkaar nodig

De ‘kerk’ van Jezus is dus tegelijkertijd lokaal en bovenlokaal, ze is zowel plaatselijk als universeel. Men mag de twee niveaus nooit tegen elkaar uitspelen. Ze behoren samen te gaan, met respect voor ieders eigen taak en doelstelling.

De lokale kerkgemeenschap heeft ook een eigen leiderschap. Bij Paulus en bij Lucas (in het boek Handelingen) zijn dat meestal ‘oudsten’ (Grieks: presbuteroi), zoals ook de bestuurders van de plaatselijke synagoge ‘oudsten’ werden genoemd (Hand 14,23! – vgl. Ex 3,16; 24,1).

Wanneer men het woord ‘Kerk’ gebruikt om er alleen de institutionele kant van te benoemen, is dat altijd eenzijdig en hoogst onvolledig. De basisnotie is steeds die van een ‘gemeenschap’. Het leiderschap en de institutionele uitbouw is er een afgeleide van.

Bekijk het hele overzicht van A tot Z
Laatste aanpassing op 26/01/2026 om 10:47

Lees meer

Bijbel van A tot Z: zegel. Wie gedoopt en gevormd is, draagt in zijn hart het zegel van de heilige Geest, een merkteken dat herinnert aan een onverbrekelijke liefde.

Bijbel van A tot Z ~ Zegel

In ‘Bijbel van A tot Z’ verklaren we woorden uit de Bijbel. Vandaag: zegel. Van een verzegelde brief tot een verzegeld hart en het zegel van de Geest.

Home
Algemeen
  • Inloggen
  • Digitale krant
  • Ontdek Otheo
  • Kerk & Leven abonnees
  • Wegwijs Kerk in Vlaanderen
  • Deelsite op Otheo
  • Vacatures
Klantendienst
  • Abonnementen
  • Proefpakket
  • Nieuwsbrief
  • Verhuis melden
  • Krant niet ontvangen
  • Help
  • Contact
Sociale kanalen
  • Facebook
  • Instagram
  • Twitter
  • YouTube
Liturgische hoogtepunten
  • Advent en Kerstmis
  • Pasen
  • Pinksteren
  • Hemelvaart
  • Allerheiligen en Allerzielen
Bisdommen
  • Bisschoppenconferentie
  • Aartsbisdom Mechelen-Brussel
  • Bisdom Antwerpen
  • Bisdom Brugge
  • Bisdom Gent
  • Bisdom Hasselt
  • Vicariaat Brussel
  • Vicariaat Vlaams-Brabant en Mechelen
© Otheo 2026
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Abonnementsvoorwaarden
  • Vacatures

Nieuw bij Otheo? Ontdek hier wie we zijn en wat we voor je kunnen doen.

CIM