Paus Franciscus past catechismus aan betreffende de doodstraf: ‘Tegen menselijke waardigheid’
Begin augustus 2018 maakte het Vaticaan bekend dat de Congregatie voor de Geloofsleer op vraag van paus Franciscus het nummer 2267 in de Catechismus van de Katholieke Kerk over de doodstraf aanpaste. Voortaan leert de Kerk, 'in het licht van het evangelie, dat de doodstraf ontoelaatbaar is, omdat ze een aanval is tegen de onschendbaarheid en de waardigheid van de persoon'.
De paus had al in oktober 2017 om de aanpassing gevraagd naar aanleiding van de 25ste verjaardag van de apostolische constitutie Fidei depositum. Tijdens zijn toespraak zei hij dat de doodstraf 'uit zichzelf in strijd is met het evangelie'. Met Fidei depositum bekrachtigde paus Johannes-Paulus II in 1992 de toen nieuwe catechismus. In die eerste versie van de catechismus werd de doodstraf overeenkomstig de kerkelijke traditie niet uitgesloten, op voorwaarde dat de schuld van de veroordeelde vaststond en er geen enkele andere effectieve manier bestond om mensenlevens tegen de dader te beschermen.
Eerste aanpassing in 1997
In 1997 werd de formulering een eerste keer aangepast. Voortaan luidde het dat de doodstraf nooit in verhouding stond tot de zwaarte van het vergrijp en enkel toegelaten kon worden wanneer het absoluut noodzakelijk was om mensenlevens te beschermen. Tegelijk werd gesteld dat dergelijke gevallen uitermate zeldzaam zijn, zo niet praktisch onbestaande. Die wijziging kwam er onder invloed van de encycliek Evangelium vitae uit 1995 waarin Johannes-Paulus II de groeiende weerstand tegen de doodstraf een teken van hoop noemde en wees op alternatieve straffen.
In een begeleidende brief aan de bisschoppen plaatst kardinaal Ladaria, prefect van de Congregatie voor de Geloofsleer, de huidige aanpassing in de lijn van die eerdere wijziging. Hij verwijst ook naar andere uitspraken van Johannes-Paulus II en naar een toespraak van paus Benedictus XVI toen die erop wees dat politieke leiders inspanningen moesten leveren om de doodstraf af te schaffen.
Ook de nieuwe tekst van nummer 2267 vermeldt uitdrukkelijk dat de doodstraf voorheen wel als legitiem werd beschouwd. Het groeiende besef dat de menselijke waardigheid ook na het plegen van zware misdaden intact blijft evenals een nieuw begrip van de betekenis van sancties droegen echter bij tot het besef dat de doodstraf in geen geval toelaatbaar is. Aangepaste vormen van detentie maken het bovendien mogelijk dat thans de bescherming van de samenleving kan samengaan met het openhouden van de mogelijkheid dat de dader later tot inkeer komt. Kardinaal Ladaria besluit daaruit dat de wijziging van paus Franciscus 'een authentieke ontwikkeling van de kerkelijke leer is'.
Bijbel en traditie verdeeld
Toch zijn Bijbel en traditie verdeeld over het morele statuut van de doodstraf. Die verdeeldheid bepaalt ook de houding van christenen vandaag tegenover die radicale straf. Vinden sommigen het, zoals paus Franciscus, in alle omstandigheden verwerpelijk, dan menen anderen dat het niet enkel een legitiem strafmiddel is, maar dat de staat zo zelfs de wraak van God voltrekt, zoals Paulus schrijft in zijn brief aan de christenen van Rome.
Verenigde Staten
De Verenigde Staten zijn het enige westerse land in het lijstje van 53 landen waar volgens Amnesty International in 2017 de doodstraf werd uitgesproken.
Onderzoek van het PEW Research Centre uit 2018 toont aan dat 54 procent van de Amerikanen voor de doodstraf is in geval van moord. Daarmee steeg het aantal voorstanders opnieuw een beetje, nadat het in 2016 een historisch dieptepunt bereikte. Mannen zijn eerder voor dan vrouwen, ouderen eerder dan jongeren, blanken eerder dan Latino’s en, vooral, Afro-Amerikanen.
Onder christenen valt allereerst op dat 73 procent van de witte evangelicalen er voor de doodstraf is, naast 61 procent van de witte mainstream protestanten. Onder Amerikaanse katholieken maakt het aandeel voorstanders 53 procent uit. Bij de witte katholieken is dat zelfs 57 procent.


