Overslaan en naar de inhoud gaan
Ga naar Otheo
HomeGraag samen
  • Startpagina
  • Contacten
  • Over ons
Search form expand icon
Mobile menu expand iconMenu
HomeGraag samen
Mobile menu expand iconSluiten
  • Startpagina
  • Contacten
  • Over ons
  • Wie zijn we?
  • De visie achter 'Graag samen'

Vlammetjes ~ Petrus bij Cornelius

Goede mensen vind je overal.
Kolet Janssen

Kolet Janssen

Het verhaal

Petrus was in de stad Joppe toen hij opeens een rare droom kreeg. Hij zag een groot laken, dat aan de vier punten uit de hemel werd neergelaten. Daarin zaten dieren van over de hele wereld: schapen en varkens, konijnen en slangen, duiven en kippen. En een stem zei: ‘Vooruit, Petrus, dood die dieren, maak ze klaar en eet ze op!’ Maar Petrus zei: ‘Nee hoor, ik heb nog nooit van mijn leven een onrein dier gegeten.’ In het laken zaten namelijk ook veel dieren die de joden niet mochten eten. Toen antwoordde de stem: ‘Wat God je stuurt, moet jij niet onrein noemen! ‘ Petrus was helemaal in de war van deze vreemde droom. ‘Wat betekent die droom toch?’ vroeg hij zich af.

Een eindje verderop, in de stad Caesarea, woonden Marcus en Cornelius. Marcus was al jaren soldaat in het leger. Cornelius was zijn honderdman, de leider van de groep waarbij hij hoorde. Ze waren Romeinen uit Italië. Met de groep van Cornelius was Marcus al op verschillende plaatsen van het grote Romeinse Rijk geweest. Nu waren ze al een poosje in Caesarea, een stad in een uithoek van het rijk, in de provincie waar de joden leefden. Marcus kende veel joodse handelaars, omdat hij moest zorgen voor de aankoop van voedsel voor de soldaten. Hij had hen ook horen praten over hun geloof en ging vaak op sabbat naar de synagoge. Mensen zoals Marcus moesten daar op een speciale plaats zitten, apart van de joden. Daar had hij ook zijn honderdman Cornelius gezien. Samen praatten ze wel eens over die vreemde, maar mooie godsdienst van de joden. Wat Marcus en Cornelius het mooiste vonden was dat de joden geloofden in één God. En dat die God mensen aanspoorde om goed te leven.

De droom van Petrus
De droom van Petrus © Roel Ottow

Op een dag riep Cornelius Marcus bij zich. Cornelius ijsbeerde opgewonden door de kamer. ‘Ik heb zojuist iets vreemds meegemaakt’, zei hij. ‘Er kwam hier een engel van God binnen. Hij riep: “Cornelius!” Ik vroeg: “Wat is er, heer?” Hij zei: “God heeft je gebeden opgemerkt. Hij heeft ook gezien dat je de armen hebt geholpen. Laat uit de stad Joppe een man halen, die Petrus heet. Hij logeert bij de leerlooier.”’
Cornelius keek Marcus aan. ‘Wat denk je, ben ik gek geworden?’ Marcus schudde zijn hoofd. ‘We weten dat de God die de mensen hier aanbidden, groot is. Misschien wil Hij u door deze man iets duidelijk maken.’ Cornelius knikte. ‘Dat dacht ik ook. Wil je voor mij die man gaan halen?’ Marcus ging onmiddellijk op weg. Als hij maar wil meekomen, dacht Marcus. De mensen hier beschouwden alle niet-joden als onreine heidenen en hadden liever niets met hen te maken.
 

Cornelius en Marcus
Cornelius en Marcus © Roel Ottow

Marcus klopte aan bij het huis waar Petrus logeerde en vertelde hem waarvoor hij kwam. Petrus begreep meteen dat hij moest meegaan. ‘Vertel me eens iets meer over jouw honderdman’, vroeg Petrus onderweg aan Marcus. Marcus aarzelde. ‘In uw ogen is hij een heiden, want hij is een Romein. Maar hij is een goed man, die veel arme mensen helpt en die bidt tot dezelfde God als u.’ Misschien gaat mijn vreemde droom hierover, dacht Petrus. Dat ik niet alleen over God en Jezus moet vertellen aan de joden, maar aan alle mensen die het willen horen. Ik mag niet vergeten dat alle mensen kinderen van God zijn. 
Zonder aarzelen stapte hij het huis van Cornelius binnen, ook al was dat voor joden verboden. Cornelius liep hem  verwonderd en blij tegemoet. ‘God heeft mij laten zien dat ik geen mens ter wereld onrein mag noemen’, zei Petrus. En hij begon te vertellen over Jezus tegen Cornelius en tegen alle vrienden die hij had uitgenodigd. En iedereen voelde hoe goed en waar de woorden van Petrus waren. Cornelius, Marcus en hun vrienden bleven Romeinen, maar toch geloofden ze in Jezus en wilden ze de rest van hun leven goede christenen zijn. En Petrus doopte hen allemaal en bleef nog enkele dagen bij hen.

 

Petrus doopt Cornelius
Petrus doopt Cornelius © Roel Ottow

Naar Handelingen 10

Uit: Hosanna! Kinderbijbel met meer dan 150 verhalen (Kolet Janssen, ill. Roel Ottow, Van In, 2013) pag. 223-224.


Denkvraag

Mensen die heel andere ideeën en overtuigingen hebben dan jij, kunnen toch heel fijne en goede mensen zijn. Heb je dat al ervaren?


Doe-tip

Maak een slinger van papierpoppetjes.
Versier de poppetjes allemaal verschillend.

Hier zit je hoe je zo'n slinger maakt:
 

Voor het correct weergeven van deze inhoud dien je (sociale) content cookies te aanvaarden.

Gebed

Lieve God,
Alle mensen horen erbij voor Jou.
Wij proberen dat ook:
in onze klas,
in onze straat,
in de jeugdbeweging of de sportclub.
Het is zo makkelijk om alleen met vrienden om te gaan.
Maar het is ook fijn om nieuwe vrienden te maken.
Niemand hoeft alleen te zijn.
Iedereen hoort erbij.
Amen.
 

Meer Bijbelverhalen voor kinderen

Manna

Manna ~ Het Oude Testament hertaald voor kinderen

Een reeks van hertalingen van verhalen uit het Oude Testament, met denkvraag, doe-tip en gebed. Kolet Janssen hertaalt, Roel Ottow illustreert.

Zaadjes

Mosterdzaadjes ~ Kinderen proeven thuis van Bijbelverhalen

Een reeks van hertalingen van verhalen uit het Evangelie, met denkvraag, doe-tip en gebed. Kolet Janssen hertaalt, Roel Ottow illustreert.

Vlammetjes

Vlammetjes ~ Kinderen horen de avonturen van de eerste christenen

De rode draad in deze reeks is het doorgeven van wat Jezus vertelde. We ontmoeten er de eerste generatie christenen, met Paulus als hun kopman.

HomeGraag samen
Algemeen
  • Contact opnemen
Sociale kanalen
  • Facebook
© Graag samen 2026
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Abonnementsvoorwaarden
  • Vacatures
Ga naar Otheo