30e zondag - jaar A

25 oktober 2026

Lezingen

  • Ex 22, 20-26    (Gij hebt zelf als vreemdeling in Egypte gewoond)
  • Mt. 22, 34-40    (De Heer beminnen met heel uw hart)

Homilie

Beste medegelovigen,

“Gij zult de Heer uw God beminnen met geheel uw hart, geheel uw ziel en geheel uw verstand. Het tweede is daarmee gelijkwaardig: Gij zult uw naaste beminnen als uzelf.” - Dit is het voornaamste gebod, zegt Jezus…

Deze twee geboden vormen samen één groot en onafscheidelijk gebod. Eerbied voor God en respect voor de mens zijn bij manier van spreken twee zijden van hetzelfde muntstuk. Kop en munt: samen vormen ze één munt. Geen muntstuk zonder kop, geen muntstuk zonder munt. Ontbreekt een van beide, dan gaat het om een vervalsing, om een waardeloos stukje metaal. Liefde voor God en geen aandacht voor de mens kunnen nooit samengaan. Willen we christenen zijn, dan moeten we dat ene gebod tot het onze maken en er ook naar leven. Zoals Jezus ons dat heeft voorgeleefd.

Als je de cijfers bekijkt van de jongste jaren, hoe vrijgevig, wij Belgen, zijn als er nood is in de wereld… Misschien illustreert onze vrijgevigheid dat het veel gemakkelijker is van onze naaste te houden als hij veilig en ver van ons af woont. We zien zijn leed, we zien zijn ellende, en we duiken in onze portemonnee. Eigenlijk kost ons dat niet veel moeite. Gewoon in onze portemonnee gaan of een bedrag overschrijven dat we bovendien ook nog van onze belastingen mogen aftrekken. Geef toe, moeilijk is dat niet. Waarbij ik me afvraag of we ook zo mild zouden zijn, mocht die arme met al zijn leed en al zijn ellende voor onze deur staan. Zouden we hem dan ook zo graag zien, of zouden we hem eerder als bedreigend ervaren? De manier waarop wij met vreemdelingen, asielzoekers en zogenaamde illegalen omgaan, laat hier niet veel goeds vermoeden.

Ik lees dat er in België meer dan 90.000 gezinnen in schuldbegeleiding zitten…

Een voorbeeld: In de gemeente Heusden-Zolder zijn er op dit ogenblik zowat 250 gezinnen die door de plaatselijke Sint Vincentiusvereniging geholpen moeten worden… die door deze vereniging moeten voorzien worden van de zo broodnodige dagelijkse boterham… Zo dragen zij zorg voor meer dan 300 kinderen…
Het is een schande, dat dit in onze, in deze tijd nog moet gebeuren!

Laat ons hopen dat deze verenigingen de slagkracht en de financiële hulp van ieder van ons mogen blijven ervaren, zodat zij die noodzakelijke zorg kunnen blijven dragen voor deze medemensen die afhankelijk zijn van organisaties zoals de Sint Vincentiusvereniging.

Jezus stelt in zijn tweede gebod, dat gelijkwaardig is aan het eerste, heel duidelijk: ‘Bemin uw NAASTE als uzelf.’ En die naaste, dat zijn in de eerste plaats de mensen met wie we dagelijks omgaan, de mensen die we op het werk, in de trein, in de winkel en op straat ontmoeten, en dat zijn natuurlijk ook onze familieleden en onze buren. Zij zijn ons nog het meest nabij. En misschien zijn we tegenover hen helemaal niet zo vrijgevig in ons doen en laten, in ons spreken en in ons handelen, als tegenover hen die ver weg in nood zijn. 
Misschien zijn we hen zo gewoon dat we hen niet eens meer als onze naasten beschouwen. 
Misschien gedragen we ons tegenover hen helemaal niet zo christelijk zoals we dat zouden moeten doen.

Misschien beperken we ons geloof teveel tot alleen maar bidden, 
Alleen maar tot naar de viering komen, 
Tot een kaarsje branden en op bedevaart gaan.

Dat is allemaal heel goed, en ook allemaal heel noodzakelijk, want ze zijn de invulling van het eerste gebod dat Jezus ons geeft: ‘Bemin God bovenal’.

Maar we mogen ook het tweede gebod niet vergeten: ‘Bemin uw naaste als uzelf’. En die naaste, dat is iedere mens met wie we omgaan. Misschien wordt het iets makkelijker als we ons spiegelen aan Jezus: Hij ging werkelijk met iedereen om, voor iedereen had Hij aandacht en een goed woord, nooit sloot Hij iemand uit, zelfs niet op het kruis.

In het evangelie van vorige week hoorden we Jezus ook zeggen: ‘Geef aan de keizer wat aan de keizer toekomt, en geef aan God wat aan God toekomt’. 
Welnu, vandaag horen we hetzelfde, maar met andere, heel duidelijke woorden.

Aan iedereen geven wat hem toekomt: liefde, respect, zachtmoedigheid. 
Je weet wel: de Zaligsprekingen. 
Dan zijn we op de goede weg. 
De weg van Jezus. 
Het kan ook door uw financiële bijdrage in het mandje, achteraan in de kerk

© PJ