Het tijdelijke 

Het tijdelijke omvat het beheer van financiële middelen en bezittingen, steeds ten dienste van de pastoraal.
Op parochiaal niveau houden twee instanties zich met financiën bezig: de kerkfabriek en de pastorale zone.

De kerkfabriek staat in voor de materiële voorwaarden die nodig zijn voor de eredienst en voor het behoud van de waardigheid ervan. Zij zorgt voor het onderhoud en de bewaring van de kerkof kerken van de parochie en beheert de goederen en gelden die eigendom zijn van de kerkfabriek of bestemd zijn voor de eredienst in de parochie, zoals het decreet bepaalt.
Met andere woorden: de kerkfabriek draagt alle kosten die nodig zijn voor de eredienst. Dat mag ruim worden begrepen: het onderhoud van kerk en pastorie, de aankoop en het onderhoud van kerkmeubilair, kerkgewaden en altaardoeken, cibories, kelken, hosties, wijn, altaarkaarsen, orgel en klokken, misteksten en zangboekjes. Haar inkomstenkomen onder meer uit landpachten en eventuele verhuringen, stichtingen — bijvoorbeeld een schenking van grond in ruil voor een aantal jaarlijkse missen — een deel van de omhalingen, inkomsten uit begrafenissen en huwelijken, en toelagen of subsidies voor grote investeringen in gebouwen. Wanneer de kerkfabriek middelen tekortkomt, past de gemeente bij. Sinds het nieuwe decreet van 2004 is dat strikter dan vroeger gekoppeld aan voorafgaand gezamenlijk overleg tussen de gemeente en de kerkfabriek.

Waar de kerkfabriek als openbare instelling de materiële middelen beheert die nodig zijn voor de eredienst in de parochie, beheert Sjalom Boutersem, afdeling 106 van de Stichting Vicariaat VLBM de middelen die daarbuiten vallen. Het gaat onder meer om inkomsten en uitgaven van onroerende goederen, zoals huizen, en om uitgaven die niet rechtstreeks met de eredienst verbonden zijn, zoals catechese, diaconie, devotie, evangelisatie, vergaderkosten en kosten voor telefoon en internet. De vroegere parochies van Boutersem werden sinds 1 januari 2016 samengebracht in één afdeling en sinds 20 november 2020 in één parochie.
De bijdragen van gelovigen — via intenties, omhalingen, offergaven en ‘vrome schikkingen’ zoals giften — worden eerst verzameld op de transitrekening. Van daaruit worden ze nauwkeurig en volgens voorgeschreven regels verdeeld onder de rechthebbenden: voorgangers, vrijwilligers zoals gepensioneerde priesters die voorgaan, organisten, het bisdom, de kerkfabriek en de pastorale zone.

Het beheer van het tijdelijke wordt in overleg met de zoneploeg opgevolgd door de Stichting Vicariaat VLBM. De dagelijkse verantwoordelijkheid en opvolging liggen bij de afdelingsverantwoordelijke.

Bettie Geelen, afdelingsverantwoordelijke voor het tijdelijke