‘Kerk moet echt naar jongeren luisteren’
Leraar en auteur Tom Zwaenepoel voerde met jongeren indringende gesprekken over geloof
Van 3 tot 28 oktober vindt in Rome de bisschoppensynode over jongeren en roeping plaats. Mgr. Jean Kockerols vertegenwoordigt de Belgische bisschoppen, mgr. Luc Van Looy neemt deel als persoonlijke gast van de paus. Een synode is bovenal een bijeenkomst van bisschoppen samen met de paus. Ook jongeren werden uitgenodigd, al vond er in het voorjaar al een internationale voorbereidende samenkomst plaats met jongerenvertegenwoordigers uit de hele wereld.
Als een vrijblijvende, persoonlijke bijdrage publiceerde Tom Zwaenepoel, leraar Duits aan de abdijschool van Zevenkerken in Brugge en lector Duits aan de Universiteit Gent, een boek over de leefwereld van jongeren en jongvolwassenen. Twaalf maanden lang verdiepte hij zich in de wereld van de jongeren. Zwaene- poel polste 270 Vlamingen tussen 17 en 31 jaar naar de levensvragen die hen bezighouden.
„Ik zocht geen representatief staal”, zegt de auteur. „Wel sprak ik oud-leerlingen aan en leerlingen van andere scholen, ook islamitische jongeren. Ook Facebook deed zijn werk. Het klopt niet dat jongeren vandaag niet meer bezig zijn met de zingeving van het leven. Alleen beantwoorden ze de levensvragen minder vanuit een christelijk referentiekader. Jongeren geloven vandaag niet minder, ze geloven op een andere manier, zo stelde ook ik vast. Ze voelen zich vooral aangetrokken door het ‘waardenchristendom’. God is echter een stap verder, over Kerk wordt amper gesproken.”
Wat zijn dan zijn verwachtingen bij de synode? „Allereerst dat de Kerk echt naar jongeren luistert en geen strenge, veroordelende taal hanteert”, zegt hij. „Hoe kunnen wij de kern van het geloof voorstellen zonder te moraliseren? Dat lijkt me een belangrijke vraag. Openstaan voor het geloof is vandaag niet vanzelfsprekend, zeker niet voor jongeren. Wie zich als gelovige positioneert, stoot op kritiek en spot en loopt al vlug het gevaar als extreem en wereldvreemd te worden weggezet. Religie en godsdienst worden geminimaliseerd en verbannen naar de privésfeer. De jongeren die ik sprak zijn echter niet wereldvreemd.”
Vlaanderen ligt niet wakker van de synode, daarvan is Tom Zwaenepoel zich scherp bewust, ook al zijn binnenkerkelijk de verwachtingen hooggespannen. „In mijn boek spreek ik over oases van christelijk leven”, zegt hij. „Dat zijn gastvrije plaatsen waar leven en geloof elkaar vinden. Ik denk dan aan Taizé, aan de Sint-Michielsbeweging of aan IJD – Jongerenpastoraal Vlaanderen. Ik hoorde mooie getuigenissen van jonge mensen waaruit blijkt dat wie zich openstelt voor de ontmoeting met de medemens en God, gelukkig mag zijn.”
Zwaenepoel praatte ook met enkele bevoorrechte gesprekspartners, onder meer over de katholieke school. Voor Piet Raes, bisschoppelijk gedelegeerde voor vorming in het bisdom Brugge, staat of valt een katholieke school met de vraag of in dat „opvoedende, onderwijzende hart” iets voelbaar is van het evangelie. Mgr. Hoogmartens, de bisschop van Hasselt, spreekt dan weer de hoop uit dat een school af en toe vierend samenkomt en niet enkel bezinningsteksten leest of louter academisch spreekt over God.
De boektitel Mag het iets meer zijn? draagt een boodschap uit. Zwaenepoel: „Jammer vind ik dat we niet méér kunnen halen uit de liturgie. Door jongeren te confronteren met de liturgie tonen we hun ook wat geloven is. In Zevenkerken trokken we met alle zesdejaars naar de vespers in de abdij en iedereen deed mee. Begrijp me niet verkeerd, ik wil niet terug naar de negentiende eeuw, maar we moeten ons hoeden voor een lightversie van het christendom. Godsdienst is meer dan waarden. Vandaag lijkt het dat veel katholieke scholen zich schamen voor God. Als ik iets mag hopen van de bisschoppensynode, dan is het dat ze aanzet ons niet te schamen voor het christen zijn en ons helpt uit te komen voor ons geloof.” (eds)
Tom Zwaenepoel, Mag het iets meer zijn? Jongeren over geloven, Lannoo, Tielt, 2018, 256 blz., 22,50 euro, ISBN 978 94 0145 284 7 • Volg de synode op www.kerknet.be/jongerensynode.