Overslaan en naar de inhoud gaan
Home
  • Abonneer nu
  • Zoeken
  • Help
  • Digitale krant
  • Inloggen
Menu
Sluiten

Hulp nodig? Bel de klantendienst op het nummer
03 210 08 30 (ma-vr: 9-12u, 13-16u) of mail ons

  • Inloggen
  • Digitale krant
  • Verhuis melden
  • Krant niet ontvangen
  • Help
  • Contact
  • Zoeken
  • Ontdek Otheo
  • Otheo voor Kerk en Leven abonnees
  • Wegwijsinfo Kerk in Vlaanderen
  • Vacatures
  • Abonneer nu
  • Bestel proefpakket
  • Ontvang nieuwsbrief
Nieuwsoverzicht
Columns
Paus Leo XIV
Kerk in Vlaanderen
Otheo Radio
Otheo Magazine
previous
next

Lies Zaenen, enthousiaste godsdienstleerkracht: ‘Hoezo, het is saai?’

In een vorige job coördineerde ze een overlegplatform over gelijkekansenbeleid in het onderwijs, sinds drie jaar staat Lies Zaenen zelf voor de klas.
Ilse Van Halst

Ilse Van Halst

‘Mevrouw, het is zoooo saai’, zuchtten de leerlingen toen hun godsdienstleerkracht Lies Zaenen (46) een aantal Latijnse termen uitlegde in een les over het Tweede Vaticaans Concilie. ‘Hoezo saai?’, reageerde Lies verbaasd. ‘Ik vind dat superinteressant!’ Nog deeltijds in opleiding staat ze al voor het derde jaar vol enthousiasme voor de klas als leerkracht Godsdienst en Geschiedenis. ‘Toch was die opmerking voor mij de trigger om het over een andere boeg te gooien. Je wil geen saaie lessen geven, toch?’

Lies Zaenen: ‘Ik trek geregeld naar het bos met mijn leerlingen om te filosoferen.’ © Frank Bahnmüller

Hoezo, over een andere boeg? 

‘Ik daagde de leerlingen uit om zelf een concilie na te spelen en zo al doende te le ren: iemand kruipt in de rol van paus, an deren spelen de bisschoppen, iedereen leest zich in, debatten dienen voorbereid … Uiteindelijk is het mijn doel om mijn leer lingen kennis en theorie bij te brengen. Dat mis ik soms in de leerboeken waarmee we vandaag werken. Het is wat te vrijblij vend. Terwijl leerlingen een kader nodig hebben, een houvast. Je kan maar over iets praten en je een mening vormen als je kennis ter zake hebt. En dus moet er gewerkt worden in mijn lessen.’

Geef je daarom ook huiswerk mee, zoals een leerling me vertelde? 

‘Inderdaad. (Ze rolt met haar ogen.) En al bots ik vaak op ongeloof – ‘Huiswerk, voor een vak als godsdienst?’ – ik geef niet toe. Omdat de godsdienstles een plek is om leerlingen kapstokken mee te geven. En omdat ik voel aan jongeren dat zingeving belangrijk is. Dat ze zoekende zijn. Zo gaf ik ze als taak een gezinslid of vriend te interviewen over liefde, relaties en seksualiteit, en de rol van geloof. Het verrast me steeds welke uitgewerkte antwoorden ik krijg. Sommige leerlingen gaven aan dat het de eerste keer was dat ze met hun ouders over zulke thema’s gepraat hebben.’

Het is belangrijk dat je weet waarvoor onze religieuze feestdagen staan, want ze structureren onze samenleving.

Onder het mom van huiswerk wordt vaak heel wat mogelijk. Natuurlijk vereist dat een degelijke voorbereiding. Zo leg ik in de klas uit dat ze eerst de spelregels van het gesprek moeten uitleggen, dat ze moeten doorvragen als de ander giechelt of hoogdravende termen gebruikt om ongemak te maskeren, om zo tot een echt gesprek te komen. Het gaat erom hun geest te openen. Vaak gaat het niet louter om leerstof, het is meer dan dat. Ik zie dat sommige leerlingen dat echt indrinken en dat het bij andere leerlingen helemaal niet aanslaat. Sensitiviteit voor dit vak kan je aanbrengen, maar niet bij iedereen komt dat binnen.’

Waarom ben je godsdienstleerkracht geworden? 

‘Tijdens mijn reizen groeide mijn belangstelling voor andere culturen en levensbeschouwingen. Ik deed veel vrijwilligerswerk. Tijdens 9/11 studeerde ik in Caïro. Vijf dagen na de aanslagen zag ik in mijn straat de imam, de priester en de rabbijn broederlijk naast elkaar zitten, terwijl de media berichtten dat het heel gevaarlijk was in Caïro. Daar groeide mijn respect voor mensen die hun geloof oprecht waarmaken. Tegelijk boeiden jongeren me altijd al. Ik schreef mijn thesis over kinderrechten in Tunesië, vanuit een bedenking die groeide tijdens mijn vrijwilligerswerk bij moeder Teresa over het verschil tussen kinderrechten op papier en wat daarvan overblijft in werkelijkheid. Ik werd daar rechtstreeks geconfronteerd met hoe geloof of een religieus geïnspireerde instelling zusters inspireerde tot de mooiste of slechtste daden.’ 

‘In mijn vorige job coördineerde ik een overlegplatform over gelijkekansenbeleid in het onderwijs. Hoe langer hoe meer waren het de trajecten met kinderen en jongeren die me wisten te boeien. Het project ‘naar meer verbinding via interreligieuze dialoog’ in basisscholen in Genk gaf de doorslag. Ik bevroeg er kinderen over religie, kansen geven, discriminatie … en was onder de indruk van hun antwoorden. Ik bracht leerkrachten rond de tafel over de zelfde thema’s en zo rees de gedachte: in plaats van te vertellen hoe ze het moeten aanpakken, waarom doe ik het niet zelf? Zo eenvoudig was het.’

Vind je nog aanknopingspunten bij leerlingen als het gaat over geloof en Kerk? 

‘Ik merk telkens opnieuw dat de Kerk een ver-van-hun-bed-show is. En onbekend is onbemind. Zo moest ik in het vierde jaar lesgeven over het thema ‘wanderlust’. Om het niet te saai te maken, ging ik met de leerlingen op bedevaart naar Scherpenheuvel. We werden er ontvangen door de pastoor, de leerlingen vervaardigden een poortje uit hout, medewerkers uit de parochie begeleidden ons op een toffe manier, we kregen een pin ‘pelgrims van hoop’ mee … Vorig jaar nodigde ik bisschop Bon ny uit om te komen debatteren met mijn leerlingen houtbewerking, elektromechanische technieken, industriële ict en mechatronica over tal van actuele godsdienstige en kerkelijke thema’s. Ze waren ervan onder de indruk dat hij zich de moeite ge troostte om tot bij ons te komen, bleef napraten, luisterde naar hun verhalen … Dankzij zulke fijne ontmoetingen krijgen ze een heel ander beeld van de Kerk, een beeld van een nabije Kerk. Desalniettemin blijven ze kritisch, en dat mag! Meer nog, ik spoor hen aan om steeds genuanceerd te denken. We evalueren ook altijd samen zulke initiatieven. Net die kritische ingesteldheid stimuleert openheid.’

Hoe pak je dat aan? 

‘Ik geef het liefst les vanuit debatten. Om sociaal wenselijke antwoorden te vermijden daag ik leerlingen uit, onder meer met de polarisatiemethode van filosoof Bart Brandsma. Daarbij zet ik twee vragen tegenover elkaar om het debat bewust op gang te brengen. Alle leerlingen krijgen een rol, onafhankelijk van hun eigen mening: de pushers of zij die altijd gelijk hebben, de joiners of de ja-knikkers, en de stilzwijgende meerderheid, die duct tape op de mond krijgt. Die oefening laat ik vooraf gaan door lessen waarin ze leren argumenteren met de socratische methode, die vragen wil stellen om te begrijpen, niet om te overtuigen. De les is voor mij geslaagd als mijn leerlingen zich durven open te stellen en zich veilig voelen om echt hun mening te geven.

De les is voor mij geslaagd als mijn leerlingen zich durven openstellen en zich veilig voelen om hun mening te geven

Ik trek geregeld naar het bos met mijn leerlingen om te filosoferen of neem hen mee naar de agora – de speelplaats – om te debatteren. Al wandelend kan je beter nadenken, je hoeft de ander niet in de ogen te kijken en een gesprek per twee in de natuur geeft ook ruimte aan leerlingen die in een groep minder goed functioneren. Dat werpt vruchten af.’

Wat zijn noodzakelijke ingrediënten als leerkracht godsdienst? 

‘Openheid en jezelf kwetsbaar durven opstellen als leerkracht, maar wel doordacht. De leerlingen echt ernstig nemen. Eerlijk en authentiek zijn. Kennisoverdracht, al geef ik eerlijk toe dat ik soms te saai lesgeef. Een echte open dialoog, waarvan je samen de contouren vastlegt en waarin je de leerlingen het voortouw laat nemen. Kritische reflectie en respect stimuleren. En hen laten kennismaken met rituelen. Het vak godsdienst biedt normen en waarden in de vorm van verhalen en rituelen. Zo nodigde ik tijdens de advent onze pastoor uit. Ik bakte brood, we ontbeten allen samen, hij vertelde over de advent en de betekenis van de rituelen. Zelf kreeg ik vroeger les van een pater. Hij had het over de waarde van samen eten en over ‘wat als je elkaar niet meer in de ogen kan kijken’. Zulke waarden worden via geloof overgebracht. In die zin is godsdienst een relevant vak. Ik vind het belangrijk mijn leerlingen dichter bij de betekenis van geloof (in alle facetten) te brengen en het verschil met het instituut de Kerk te duiden. Tegelijk houd ik eraan kritisch les te geven en de verschillende perspectieven in kaart te brengen, om hen een ruime open blik mee te geven. Zo bekijken we bijvoorbeeld de documentaire Godvergeten.’

Hoe droom je de toekomst van het vak godsdienst? 

‘Ik vraag me af of je twee uren godsdienst moet inplannen. Godsdienst moet voor mij wel gekoppeld zijn aan een examen, omwille van de sérieux van het vak. Maar één enkel uur volstaat mogelijk, met daarnaast nog een vak als mens en samenleving. Ik merk aan de leerlingen dat ze het onderscheid niet goed kunnen maken en dat de vakken ook inhoudelijk overlappen. Toch ben ik voorstander van godsdienst als een volwaardig vak, omdat het relevant is, zoals ik net aangaf. En om onze samenleving, gebaseerd op christelijke wortels en toch de wereld waarin we bewegen, te begrijpen. Een eenvoudig voorbeeld. We hebben heel wat religieuze feestdagen. Het is belangrijk dat je weet waarvoor die staan, omdat ze onze samenleving structureren. Heel wat mensen willen wel graag een dagje vrijaf, maar gaan voorbij aan de inhoud en betekenis. Je moet wel consequent zijn, hé. Op een katholieke school hoort godsdienst thuis. Wil je dat niet, volg dan elders les.’


De drie... mensen die Lies Zaenen inspireerden

  1. Mijn grootmoeder was zeer katholiek en in haar denken mijn tegenpool, maar tegelijk ook mijn beste vriendin. Ik reis veel. Telkens bracht ik religieuze symbolen van andere religies mee naar huis als geschenk voor haar. Bijvoorbeeld kaarsjes uit Zuid-Amerika, waar het christendom is opgelegd aan de inheemse bevolking, om haar aan te zetten eens kritisch naar haar geloof te kijken. Niet om haar geloof af te breken, maar om haar wereld te openen.
  2. Pater Degreef, een jezuïet. Hij heeft ons gehuwd, niet in de kerk, maar absoluut in het kader van waarden van (christelijk) geloof. Mijn man en ik hebben lange gesprekken met hem gevoerd ter voorbereiding van ons huwelijk, om dat we dat op een zo integer mogelijke manier wilden doen. Voor mij moest dat een oprecht verhaal zijn, duidelijk religieus geïnspireerd. Het kernwoord bij een huwelijk is ‘religare’ of verbinden, stelde hij. Dat is voor mij ook de kern van wat godsdienst of geloof kan zijn. Ik begin mijn lessen steevast met dat idee van verbinding dat ik van hem leerde.
  3. Soeur Georgette was een van de zusters die bij Caritas in Egypte werkte. Ik ontmoette haar toen ik er vrijwilligerswerk deed. Ze werd vaak geconfronteerd met onregelmatigheden, maar bleef onvermoeibaar trouw aan haar geloofswaarden zonder over anderen te oordelen. De Franse zuster was zo mager, maar liep over van liefde voor de kinderen. Ze verdunde haar melk met water, om zo meer te kunnen geven aan de kinderen. Georgette belichaamde voor mij hoe sterk je kunt zijn als mens en in je geloof, om oprecht die naastenliefde uit te dragen, zelfs als er onaanvaardbare dingen gebeuren in de instelling waarvoor je werkt. En daarover gaat het uiteindelijk toch.

Wie is Lies Zaenen?

  • 46 jaar
  • Uit Leuven
  • Studeerde arabistiek-islamkunde aan de KU Leuven
  • Was een geëngageerd vrijwilliger, onder meer bij moeder Teresa in Nepal en bij Caritas in Egypte
  • Gehuwd en mama van een dochter van zeventien
  • Werkte veertien jaar voor het Ministerie van Onderwijs rond gelijke kansen
  • Deeltijds leerkracht geschiedenis en godsdienst in het Sint-Lambertusinstituut in Heist-op-den-Berg, nog in opleiding (vak RKG)
  • Hobby’s: pottenbakker en reisbegeleider in de bergen en de woestijn in Noord-Afrika
Laatste aanpassing op 16/02/2026 om 10:27

Lees meer

Sint-Michielsbeweging zoekt halftijdse medewerker (19u/week) [Vacature]

De Sint-Michielsbeweging is op zoek naar een halftijdse medewerker voor de ondersteuning van de algemene werking van de beweging in Kortrijk.

Eigen kijk

Hoe ik mijn uitvaart zie - Rik Torfs [column]

In een tijd waarin sommigen hun eigen uitvaart tot in de puntjes regisseren, verkiest Rik Torfs een eenvoudiger afscheid.

Eigen kijk

Aardbeienjam [Kolet op zondag]

‘Af en toe iets doen wat nergens op slaat, is onweerstaanbaar charmant.’ Lees de zondagse bijdrage van Kolet Janssen.

Home
Algemeen
  • Inloggen
  • Digitale krant
  • Ontdek Otheo
  • Kerk & Leven abonnees
  • Wegwijs Kerk in Vlaanderen
  • Deelsite op Otheo
  • Vacatures
Klantendienst
  • Abonnementen
  • Proefpakket
  • Nieuwsbrief
  • Verhuis melden
  • Krant niet ontvangen
  • Help
  • Contact
Sociale kanalen
  • Facebook
  • Instagram
  • Twitter
  • YouTube
Liturgische hoogtepunten
  • Advent en Kerstmis
  • Pasen
  • Pinksteren
  • Hemelvaart
  • Allerheiligen en Allerzielen
Bisdommen
  • Bisschoppenconferentie
  • Aartsbisdom Mechelen-Brussel
  • Bisdom Antwerpen
  • Bisdom Brugge
  • Bisdom Gent
  • Bisdom Hasselt
  • Vicariaat Brussel
  • Vicariaat Vlaams-Brabant en Mechelen
© Otheo 2026
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Abonnementsvoorwaarden
  • Vacatures

Nieuw bij Otheo? Ontdek hier wie we zijn en wat we voor je kunnen doen.

CIM