Na 49 jaar weer op de trouwstoelen - Kolet Janssen [column]
Onlangs wandelden we in onze eigen stad voorbij onze kerk. We gingen naar binnen om eindelijk eens rustig naar de tentoonstelling van Koen Lemmens te kijken. Er liepen enkele toeristen rond en vooraan stonden twee stoelen, versierd met witte bloemen. Later op de dag zou er een trouwviering doorgaan.
‘Zal ik een foto van jullie nemen op die trouwstoelen?’ stelde een mevrouw die de kerk openhield schalks voor.
Wij konden de verleiding niet weerstaan. We waren die week negenenveertig jaar getrouwd, in de kerk van mijn thuisparochie, maar we volgden een verloofdenweekend in deze kerk. In onze doordeweekse kleren nestelden we ons op de trouwstoelen en hielden elkaar stevig vast.
Wisten wij destijds veel van wat er allemaal nog boven ons hoofd hing: hoop en teleurstelling, lieve woorden en verwijten, kleine kantjes en grote liefde, een stel kinderen dat van overal kwam aangevlogen, successen en tegenslagen, een huis als een kloppend hart en steeds meer banden met steeds meer mensen.
Ik dacht ‘ja’ en mijn wederhelft gaf me een kneepje in mijn arm.
Zelfs God moest erom glimlachen.






