Op zoek naar bijbelse verkoeling
#1 Schaduw en regen als tekenen van goddelijke bescherming
In het boek Jona laat God een plant opgroeien om Jona schaduw te geven tegen de zon. Wanneer Hij die weer wegneemt, wordt Jona boos (Jona 4,5-11). God doet dit niet zomaar. Hij wil Jona duidelijk maken dat hij vreugde zal vinden als hij dicht bij Hem blijft. Tot nog toe deed Jona precies het omgekeerde: voor God op de vlucht slaan.
In de verhalen over de profeet Elia is er sprake van een langdurige droogte omdat Israël zijn God verloochent (1 Koningen 17-18). Wanneer Elia bidt om regen, komt die overvloedig. De regenbuien zijn meteen ook een teken van verzoening tussen het Israëlitische volk en God.
#2 Een rechtvaardige gaat verdorring tegen
Aangezien God zelf verbonden wordt met schaduw en levengevend water, roepen bijbelteksten geregeld op om de verdorring in het eigen leven tegen te gaan.
Psalm 1 vergelijkt de rechtvaardige met een boom die zijn plaats vindt aan stromend water.
Hij zal zijn als een boom, geplant aan stromend water. Op tijd draagt hij vrucht, zijn bladeren verdorren niet. Alles wat hij doet komt tot bloei.
Psalm 1,3
Ook Jesaja vergelijkt de rechtvaardige leiders waar hij op hoopt met water en schaduw.
Ze zullen zijn als een beschutting tegen wind, als een schuilplaats tegen een stortbui, als waterstromen in een dorre streek, als de schaduw van een machtige rots in een uitgedroogd land.
Jesaja 32,3
#3 Jezus als bron van levend water
In de persoon van Jezus komt deze rechtvaardigheid helemaal tot zijn volmaaktheid. In het verhaal over de ontmoeting met de Samaritaanse vrouw aan een bron (Joh 4,1-26) wordt dit duidelijk door de metafoor van levengevend water toe te passen op Jezus. De evangelist Johannes stelt Jezus voor als de bron van levend water.
Al wie in Jezus gelooft, zal ‘vol levend water zijn’, zo lees je in Johannes 7:
Hij riep tegen de mensen: ‘Als je dorst hebt, kom dan bij mij om te drinken! Want dit zeggen de heilige boeken over mensen die in mij geloven: Ze zullen altijd vol levend water zijn.’
Johannes 7,37-39
#4 Verbondenheid verfrist
Waar wij in deze warme dagen eerder wat afstand nemen van elkaar om het koel te houden, raadt de Bijbel een sterke verbondenheid aan als bron van verfrissing. Het gaat dan om geestelijke verbondenheid weliswaar.
Zo vergelijkt het boek Spreuken verkoeling op een zomerdag met een boodschapper die trouw is aan zijn heer.
Een betrouwbare bode is voor zijn opdrachtgever als een koele dronk tijdens de oogst: hij beurt hem op.
Spreuken 25,13
Ook in de verbinding met jezelf dien je te waken over voldoende vrolijke frisheid in je hart volgens datzelfde boek vol praktische wijsheden:
Een vrolijk hart bevordert een goede gezondheid, een sombere geest verdort het lichaam.
Spreuken 17,22
#5 Eeuwige verfrissing na dit leven
In Gods nieuwe wereld zal alle dorst gelest zijn, zowel de letterlijke als de geestelijke, zo belooft het allerlaatste boek in de Bijbel ons.
Dan zullen ze geen honger meer lijden en geen dorst, de zon zal hen niet meer steken, de hitte hen niet bevangen. Want het lam midden voor de troon zal hen hoeden, hen naar de waterbronnen van het leven brengen. En God zal alle tranen uit hun ogen wissen.
Openbaring 7,16-17
We kunnen deze verzen lezen als een geruststelling voor wat ons ooit in de hemel te wachten kan staan. Maar tegelijkertijd klinkt er een scherpe oproep uit om er hier en nu alles aan te doen om honger en dorst uit de wereld te helpen. Daar waar mensen lijden onder welke vorm van verdorring ook, is Gods nieuwe wereld nog niet tot stand gekomen.