Ouders bouwen woongemeenschap voor kinderen met beperking
Een warme plek met een hart voor mensen, dat is het minste wat je van Ter Loo kan zeggen. De voorziening in Loppem, gehuisvest in het voormalige noviciaat van de Paters van het Heilig Hart in Zedelgem, biedt een thuis aan vijftien (jong)volwassenen met een verstandelijke en/of fysieke beperking. Hun ouders dragen grotendeels de zorglast, zowel praktisch als financieel. Om de werking te ondersteunen vindt in augustus een reeks activiteiten plaats: van een fietstocht en een kippenfestijn tot een muziek- en oldtimerfestival.
Op zoek naar een geschikte plek
Carl De Clercq en Mieke Fiems zijn de drijvende krachten achter Ter Loo. ‘Als gevolg van hersenverlamming sinds haar geboorte heeft Emily, Carls dochter, een meervoudige beperking’, vertelt plusmama Mieke. ‘Toen ze 21 werd moest ze terug naar huis omdat er geen geschikte plek voor haar was. Dat terwijl onze andere kinderen op dat moment uit huis gingen. Met de persoonsvolgende budgetten (PVB) die de Vlaamse Overheid ingevoerd heeft in 2016 zou dit normaal geen probleem mogen zijn. Helaas worden deze toegekende budgetten niet volledig uitbetaald, met als gevolg dat ouders een groot deel van de zorg zelf moeten blijven dragen.’
Als ouders leggen we onze budgetten samen en doen we er alles aan om een optimale zorg te garanderen.
Bijgevolg gingen Carl en Mieke samen met andere ouders op zoek naar een plek om een kleine woongemeenschap uit te bouwen. Die vonden ze in Ter Loo. Na een grondige renovatie trokken de eerste bewoners op 1 juni 2023 er in. Mieke: ‘Ter Loo geeft Emily niet enkel zorg, maar ook een sociale omgeving met lotgenoten. Als ouders leggen we onze budgetten samen en doen we er alles aan om een optimale zorg te garanderen.’
Ook Petra Schutyser is tevreden. ‘Astrid was vier toen ze na de waterpokken een hersenontsteking kreeg. Sindsdien heeft ze een mentale beperking en dus aangepaste zorg nodig. Na het middelbaar was er geen plaats voor haar in een instelling. Ik zette mijn zelfstandige activiteit drie jaar ‘on hold’ om haar thuis op te vangen. Helaas bleek deze zorg op termijn onhoudbaar. Sinds Astrid in Ter Loo woont, zien we haar openbloeien. Ze krijgt er de structuur die ze nodig heeft, leeft er samen met anderen en maakt vooruitgang op een manier die we thuis nooit konden bieden. Te weten dat Astrid goed omringd is, stelt ons gerust. Er komt een moment dat wij er als ouders niet meer zullen zijn. Ook Astrids zus moet haar eigen leven kunnen leiden.’
Gerust gevoel
Het idee dat er voor je kind gezorgd zal worden, geeft ook Sofie Bullynck, mama van Margot, een gerust gevoel. ‘Margot wordt binnenkort 21 en zal vanaf september wekelijks vier in plaats van drie nachten in Ter Loo verblijven. Anders dan in een klassieke voorziening is de zorg er echt op maat. Op donderdagavond gaat Margot bijvoorbeeld graag zwemmen in Wingene. Dat is in Ter Loo geen enkel probleem.’
Anders dan in een klassieke voorziening is de zorg er echt op maat.
Om ook ‘s nachts alles in goede banen te leiden werden in Ter Loo vier studio’s speciaal ingericht voor residenten. Een van hen is Karen Maenhoudt, pas afgestudeerd in de biomedische wetenschappen. ‘Vanaf september ga ik in Ter Loo wonen. Eén nacht op vier is het mijn beurt om de bewoners te helpen, bijvoorbeeld als ze moeilijk slapen. Ik ben blij iets voor anderen te kunnen betekenen en intussen zelfstandig te wonen.’
Info: www.terloo.beof viaVriendenhuis Ter Loo