Scheutist Jan Reynebeau hongerde voor rechtvaardigheid in Gaza. Dag 3: 'Loom en moe'
De oordopjes hebben hun werk gedaan. Niet bij iedereen. Onbezette veldbedden doen vermoeden dat elders betere en meer vertrouwde bedden zijn opgezocht. In de ochtend is iedereen opnieuw present.
Rond 10 uur komt de dokter langs. De bloeddruk is goed. Maar ik voel me moe en loom.
Om 11 uur wordt de kerkdeur geopend. Er komen mensen binnen. Uit nieuwsgierigheid, uit sympathie en solidariteit. Vertrouwelingen van House of Compassion, maar ook anderen. Eén heeft thee meegebracht, een ander vraagt waarmee we kunnen geholpen worden. Nog een ander wil aansluiten bij de actiegroep. Af en toe wordt een opposant gemeld.
In de voormiddag is het doorgaans heel rustig. We zorgen om beurt voor warm water en propere tassen en glazen. Anderhalve liter water moet het lichaam overeind houden. Laptops en smartphones houden de vertrouwde wereld binnen handbereik. En we praten met elkaar zoals mensen overal doen. Enkelen hebben over een aantal zaken een uitgesproken mening, wat in deze context niet verwonderlijk is. Daarnaar lange tijd luisteren zou ook een vorm van ascese kunnen zijn, vind ik.
In de namiddag worden we online in contact gebracht met deelnemers die hongeren van thuis uit. Er wordt wat over en weer gepraat. De voorpagina in de krant van deze morgen geeft stof voor commentaar: Europa is de belangrijkste klant van de Israëlische wapenindustrie. Tienduizenden mensenlevens wegen niet op tegen miljarden euro’s. Niet alleen in Palestina. Als we dat weten, mogen we dan nog zwijgen?
In de voormiddag is het doorgaans heel rustig. We zorgen om beurt voor warm water en propere tassen en glazen.
Bij valavond komen we samen voor een halfuurtje circle of silence, gisteren in de stille ruimte van de kerk, vandaag op het pleintje voor de kerk. Gisteren in stilte, vandaag met enkele mensen die iets willen vertellen. Ik ben geraakt door wat iemand leest: ‘Hoop is niet optimisme. Het is de wil en de capaciteit van een mens om verwachtingen niet uit te doven, maar het te laten branden, met veel geduld, over tijd en ruimte, tot – eindelijk! – mensen elkaar in de ogen durven zien, en besluiten elkaar het leven te gunnen.’
De film No Man’s Land die we nog te zien krijgen vertelt het verhaal van Palestijnse dorpen die door het leger met het nodige geweld worden vernietigd. Ze moeten plaats maken voor joodse nederzettingen. Het is het verhaal van ontheemde families, van mensen, vaders, moeders, kinderen, nergens meer thuis, altijd op de vlucht.
Vandaag is zwaar geweest. Die moeheid en loomheid van deze morgen is de hele dag gebleven. Iets voor middernacht kruipen we het bed – het bed!? – in. De derde dag zit er op.