Wie de waarheid vreest, omhelst de leugen — Mark Van de Voorde [column]
Ik word er zo moe van, zei mijn buurman onlangs. Waarvan?, vroeg ik. Van het nieuws, antwoordde hij. Dat hij daarom wel eens een journaal overslaat, bekende hij. De illusie dat de wereld even stilstaat, maakt hem wat rustiger. Ook maar even, want uiteindelijk kijkt hij dan uitgesteld.
Zonder nieuws kan hij niet, gaf mijn buurman toe. Ik ook niet, antwoordde ik. Maar ja, ik leef nu eenmaal van het nieuws. We leven uiteindelijk allemaal van het nieuws, filosofeerde mijn buurman.
Zolang er mensen zijn die, in alle betekenissen van het woord, tegen elkaar aanbotsen, produceren ze nieuws, dat ze daarna consumeren, wat hun vervolgens materiaal bezorgt voor nieuw nieuws. Eindeloos gaat het door. Tot het einde der tijden. Zonder nieuws geen menselijk leven op aarde.
Ook het christelijk geloof begon met nieuws: ‘In het begin was het woord!’ En: ‘Ik breng u een blijde boodschap!’ En: ‘Kom en zie!’ Zonder nieuws kunnen we niet geloven. Zonder nieuws kunnen we niet leven. Niet als toehoorders, niet als verkondigers.
Het is altijd zo geweest. Ook toen er nog geen media waren, was nieuws alom. Toen gingen verhalen rond, deden geruchten de ronde, kwamen troubadours zingen over verre landen en vreemde voorvallen, werden pamfletten verspreid, schreeuwden grote letters op plakkaten besluiten, riep de bellenman de edicten om.
Toen werden helaas ook roddels gefluisterd en fantasieën geneuzeld. Nu ook: sociale media fingeren fake news. Een reden te meer om het echte nieuws van de beroepsmedia niet te mijden, want wie de waarheid vreest, omhelst de leugen.
Vandaag is er weliswaar meer nieuws. ‘Niets is ouder dan de krant van deze morgen’, stelde Charles Péguy 150 jaar geleden vast. Vandaag is het journaal meteen na zijn uitzending al oud en versleten. Vroeger was nieuws periodiek, nu is nieuws continu.
Het zou een vergissing zijn te denken dat de problemen van de wereld vandaag groter zijn, omdat het nieuws ons continu om de oren vliegt. De catchphrase uit de saloons van het Amerikaanse Wilde Westen geldt ook hier: schiet niet op de pianist!
Niet de media maken de wereld, ze vertellen er enkel over. De politiek en de economie maken de wereld. Door hen is de toestand van de wereld veel problematischer dan enkele decennia geleden. Het zijn Trump, Poetin en hun extreemrechtse copycats die de wereldorde doen wankelen. Niet de media die, gelukkig voor ons, de wandaden niet verzwijgen.
Door onze oren en ogen te sluiten, krijgen we de wereld toch niet weer in balans. We kunnen proberen te vluchten voor de informatie, maar we kunnen ons niet verstoppen voor de impact en de gevolgen van de werkelijkheid.
Ook denken dat goed nieuws, hoe belangrijk ook, het boze nieuws zou verdrijven is een illusie. Die idee is even fake als wat Donald Trump op Truth Social post. Goed nieuws is belangrijk, maar duwt het slechte niet weg.
Mijn machteloosheid bij al dat barre nieuws maakt mij zo moedeloos, zei mijn buurman. We kunnen er inderdaad weinig aan doen, antwoordde ik. Niets kunnen we doen. Of toch?
Allereerst kunnen we ervoor zorgen dat we niet overstag gaan en niet beginnen te geloven wat de roeptoeters op de politieke bühne en hun fans op sociale media verkondigen. Daarom moeten we doen wat Augustinus aanraadde: ‘Tolle, lege!’
Pak op en lees. In twee betekenissen. Ten eerste moeten we ons blijven informeren en nadenken. We moeten gewetensvol de feiten erkennen, de commentaren beluisteren en de analyses overwegen.
Daarvoor moeten we ten tweede doen wat Augustinus met ‘tolle, lege’ wezenlijk bedoelde: neem en lees de Bijbel! We moeten het nieuws van de wereld leggen op de boodschap van het evangelie.
Dan zullen zien dat wraak en rancune niet corresponderen met de boodschap van Christus, polarisatie en discriminatie niet in overeenstemming te brengen zijn met de christelijke naastenliefde, vreemdelingenhaat en vijandschap niet sporen met de gelijkwaardigheid van Gods kinderen, autocratie en antidemocratie niet te verzoenen zijn met de Zaligsprekingen.
Het zou een vergissing zijn te denken dat de problemen van de wereld vandaag groter zijn, omdat het nieuws ons continu om de oren vliegt.
Staan we machteloos ten opzichte van retorisch geweld, economische chantage en maatschappelijk onrecht die een handvol zogenaamde groten der aarde aanrichten? Helaas. En toch. We moeten leren de juiste vraag te stellen.
Ik pak er de verhalen over de broodvermenigvuldiging bij. Toen de leerlingen van Jezus vaststelden dat de massa die was komen luisteren, honger had maar geen voedsel, stonden ze net als wij vandaag met de handen in het haar: we kunnen niets doen!
Ze vroegen of ze de mensen dan maar moesten wegsturen zonder eten. Ze stelden echter de verkeerde vraag. Jezus, zo vertellen drie evangelisten, stelde de correcte vraag: Hoeveel broden hebben we?
Dat is ook de vraag die bij machteloosheid ons wakker kan schudden: Wat hebben we? Wat kunnen we doen? Delen! Dan moeten we dat doen, zoals eertijds de leerlingen. Slechts vijf broden (in een ander versie zeven) wisten de leerlingen uit te delen. En zie, op het einde hadden ze twaalf korven over.
Naastenliefde, als antwoord op machteloosheid, vermenigvuldigt zichzelf. Want goedheid is aanstekelijk. Uiteindelijk aanstekelijker dan het brutale bravoure van alle politieke rouwdouwers van deze wereld.