Caritas Jerusalem slaat alarm over uitzichtloosheid in Gaza en Jenin
Caritas Jeruzalem blijft medische noodhulp bieden in Gaza en voedselhulp op de Westelijke Jordaanoever. Ondanks de Iraanse raketaanvallen op Israël zet de katholieke organisatie haar missie voort in een gevaarlijke en alarmerende context, aldus Anton Asfar, directeur van Caritas Jeruzalem.
Na de Israëlische aanvallen op Iran op vrijdag 13 juni schortte de hulporganisatie van de Kerk haar activiteiten op om de risico’s bij haar humanitaire inspanningen in deze nieuwe context van open oorlog te beoordelen.
'Wij staan in de frontlinie'
Geconfronteerd met de immense noden liet Anton Asfar, directeur van Caritas Jeruzalem, echter al de volgende dag de activiteiten hervatten. ‘Wij staan in de frontlinie om hulp te bieden aan de bevolking, en als belangrijke organisatie en de sociale tak van de Kerk moesten we ons werk voortzetten.'
In de Gazastrook heeft Caritas Jeruzalem 122 teamleden ingezet, verdeeld over tien medische eenheden. Ze doen hun werk onder bombardementen, met dagelijks doden tot gevolg, vooral in het noorden. ‘De situatie is catastrofaal’, zegt Asfar, verwijzend naar het acute tekort aan medicijnen, voedsel en zelfs drinkwater. ‘We hebben zoveel medicijnen en medische benodigdheden meegebracht als we konden tijdens de recente wapenstilstand, maar nu raken onze voorraden op.’
In de Gazastrook ziet Caritas hartverscheurende taferelen, zoals kinderen die op blote voeten in vuilnisbakken snuffelen naar voedselresten, muggen die infectieziekten verspreiden en voedseldistributies van de Gaza Humanitarian Foundation die uitmonden in bloedbaden.
Aanhoudende bommenregen
Binnen de katholieke parochie van de Heilige Familie in Gaza lijden christenen ook onder een langzame en toenemende verstikking als gevolg van de bombardementen. Caritas Jeruzalem staat, wanneer mogelijk, in nauw contact met pater Gabriel Romanelli, pastoor van de enige katholieke parochie in Gaza. Onlangs moest de priester op het dak van zijn kerk klimmen om bereik te krijgen via zijn mobiele telefoon.
De directeur van Caritas Jeruzalem zei dat de aanwezigheid van teams ter plaatse een constante bron van bezorgdheid voor de leiding is. ‘We blijven de situatie evalueren, omdat we onze teams niet in gevaar willen brengen’, zei hij. 'Het is zeer gevaarlijk om te opereren in Gaza, dat geen centraal gezag meer kent.'
Caritas Jeruzalem slaat ook alarm over de ernstige situatie op de Westelijke Jordaanoever. Tijdens een recent bezoek aan het noorden van het gebied observeerde Asfar de bouw van nieuwe muren en nieuwe nederzettingen onder meer in Sinjil, 50 kilometer ten noorden van Jeruzalem, dat nu omgeven is door metershoge prikkeldraadhekken. ‘De Westelijke Jordaanoever is lamgelegd, er is nauwelijks bewegingsvrijheid door maar liefst 900 controleposten of barrières.’
De landbouw, het onderwijs en de hele economie lijden zwaar onder deze beperkingen, die bovenop de toch al moeilijke context komen. Door de stopzetting van de pelgrimstochten naar het Heilige Land zijn veel steden zoals Bethlehem economisch lamgelegd. Bijna 200.000 werknemers zijn werkloos op de Westelijke Jordaanoever, zo schat Caritas Jeruzalem, dat de economie probeert te stimuleren door zaden te verstrekken aan mensen die zich op de landbouw richten of door microsubsidies te verstrekken voor diverse ondernemersprojecten, zoals naai- of kookactiviteiten.
Meer dan 40.000 ontheemden
Caritas Jeruzalem werkt ook met de 40.000 vluchtelingen die in de kampen Jenin, Nur Shams en Tulkarem (Westelijke Jordaanoever) wonen. ‘Deze ontheemden hebben niets’, zei Anton Asfar. ‘We doen ons best om hen te helpen en we zullen medische opvang en psychosociale ondersteuningsprogramma's starten in het noorden van de Westelijke Jordaanoever.’
De directeur van Caritas Jeruzalem zei dat hij en zijn team weigeren op te geven en riep op tot internationale inspanningen om de oorlog te beëindigen. Asfar zei dat hij vooral op zijn geloof vertrouwt om hoop te houden op betere tijden. ‘We proberen de gemeenschap nieuwe hoop te geven, zodat ze veerkrachtiger wordt’, besloot hij, en zei dat hij bemoedigd is door de steun van partners over de hele wereld. (Vatican media/EDS)