Paus Leo XIV: ‘Solidariteit met kinderen op de vlucht is interreligieuze verantwoordelijkheid’
De titel en het thema van de boodschap voor de katholieke Werelddag van migranten en vluchtelingen luidt dit jaar: ‘Ook maar een van deze kinderen’. Het citaat uit Matteüs (18,10) volgt op de vraag van de leerlingen wie de grootste is in het koninkrijk der hemelen. Daarop haalt Jezus een kind naar voren en zegt: ‘Wie één zo’n kind ontvangt, ontvangt Mij.’ En vervolgens: ‘Hoedt u er voor ook maar een van deze kinderen te minachten.’
Tragische realiteit
Minderjarigen zijn de meest kwetsbare groep in de wereldwijde migratiestromen, zo schetst paus Leo XIV de realiteit. ‘Elk jaar worden miljoenen kinderen en jongeren gedwongen hun thuisland te verlaten vanwege oorlog, armoede, geweld, milieurampen en andere tragedies; en helaas blijft hun aantal toenemen. De economische, politieke en militaire verantwoordelijkheid voor deze ramp is immens’, klinkt het streng.
De economische, politieke en militaire verantwoordelijkheid voor deze ramp is immens.
Paus Leo XIV
De boodschap schetst de dramatische scenario’s waar veel van deze kinderen door moeten, om te besluiten: ‘Hun waardigheid wordt op zoveel manieren vertrapt.’
Solidariteit overwint onverschilligheid
Dan verschuift paus Leo de blik naar mensen, gezinnen, maatschappelijke instellingen en kerkgemeenschappen, die kiezen voor solidariteit. ‘Met hun toewijding getuigen zij dat liefde onverschilligheid kan overwinnen.’
‘Wie zo'n kind in mijn naam opneemt, neemt Mij op’, citeert de paus dan uit Matteüs 18,5. ‘Het gaat niet om aantallen of statistieken. Het Evangelie nodigt ons uit om niet te rekenen: zelfs maar één. Tegenover elk migrantenkind worden we geroepen om een daad van menselijkheid en geloof te verrichten: in het kind kunnen we immers de Heer verwelkomen en ontmoeten.’ De paus zet zijn redenering kracht bij met nog een ander citaat: ‘Ik was een vreemdeling en jullie hebben Mij opgenomen.’ (Matteüs 25,35)
Ieders verantwoordelijkheid
Maar de problemen moeten allereerst bij de bron worden aangepakt, vindt de paus. In hun landen van herkomst moet ingegrepen worden om alle oorzaken weg te nemen die hen dwingen te vluchten. En in de landen van doorreis en bestemming moet hen bescherming en een warm welkom geboden worden. Dat laatste is een verantwoordelijkheid op verschillende niveaus.
‘Zelfs maar één van deze kinderen roept ons persoonlijk op om onze ogen en harten te openen en aandachtig te luisteren naar hen. Het is een uitnodiging om de waardigheid van het kind te erkennen, en om hun fundamentele rechten te beschermen: het recht op leven, op onderwijs, op een levensstandaard die hen in staat stelt volledig te groeien en zich te ontwikkelen – fysiek, mentaal, spiritueel, moreel en sociaal.’
Christelijke gemeenschappen moeten worden aangemoedigd om vluchtelingen en migranten te integreren en te waarderen als volwaardige leden van de kerkelijke familie.
‘Zelfs maar één van deze kinderen roept ons op in de Kerk om gastvrijheid in praktijk te brengen. We kunnen deze taak niet zomaar delegeren aan instellingen of verenigingen met een specifiek charisma: geconfronteerd met de echte gezichten die ons in ons dagelijks leven uitdagen, is de hele christelijke gemeenschap geroepen om hen als haar kinderen te erkennen en zich te verdiepen in de concrete geschiedenis van ieder van hen.’
‘Christelijke gemeenschappen moeten worden aangemoedigd om vluchtelingen en migranten te integreren en te waarderen als volwaardige leden van de kerkelijke familie, en om nieuwe educatieve en spirituele paden te bevorderen, inclusief gepersonaliseerde paden, die verder gaan dan de logica van louter welzijn. In het bijzonder is het essentieel om eenzaamheid, isolement en afwijzing te voorkomen, die vaak voorkomen bij kinderen van migranten, en om dynamieken van ontmoeting en integratie te bevorderen waarin lokale kinderen en jonge migranten samen sterker kunnen worden, op een reis van wederzijds respect, solidariteit en vriendschap.’
De kwetsbaarheid van kinderen verenigt religies in een gedeelde humanitaire en spirituele verantwoordelijkheid.
‘Zelfs maar één van deze kinderen herinnert ons eraan dat hun kwetsbaarheid geen religieuze grenzen kent en ons verenigt in een gedeelde humanitaire en spirituele verantwoordelijkheid. Het biedt een vruchtbare bodem voor concrete interreligieuze dialoog, waar gelovigen, elk vanuit hun eigen gevoel van transcendentie, samenwerken om netwerken van bescherming te weven. Geloofsgemeenschappen worden opgeroepen om ruimtes te creëren waar elk kind wordt gerespecteerd en gewaardeerd in hun respectievelijke culturele identiteit, waardoor het risico op radicalisering door extremistische groeperingen wordt voorkomen.’
‘Zelfs één van deze kinderen roept de samenleving op om het principe van het belang van het kind opnieuw te bevestigen. Publieke en private instellingen zijn verplicht de bescherming en waardigheid van elk kind en elke jongere centraal te stellen. Dit houdt in dat effectieve juridische beschermingsinstrumenten moeten worden ingezet, gezinshereniging moet worden bevorderd en het trauma van scheiding moet worden voorkomen.’
Verandering van perspectief
De paus besluit: ‘Een verandering van perspectief is dringend nodig: de focus van het debat moet verschuiven van het louter beheren van migratiestromen naar de volledige en onmiddellijke bescherming van de mensenrechten, door middel van een gecoördineerde, ondersteunende en effectieve respons die bescherming, acceptatie en reële integratiemogelijkheden kan garanderen voor degenen die emigreren(Toespraak tot het Spaanse parlement, Madrid, 8 juni 2026).’








