‘Het wordt ongezond als je niet iets hebt om naar te streven’
Als mensen vragen of hij gelooft in God zegt hij nooit „nee”, vaak „meestal” of „soms”. Zo schrijft de Nederlandse theoloog en filosoof Gerko Tempelman in zijn boek Ongeneeslijk religieus waarvan de ondertitel zijn paradox illustreert: Hoe God verdween uit mijn leven en waarom steeds meer filosofen zeggen dat-ie terug is.
Toen Gerko Tempelman (31) indertijd als vrijgemaakt-gereformeerde zijn uithoek in Overrijssel verliet om te gaan studeren in Amsterdam, waarschuwde een vrouw uit zijn dorp hem dat hij in de grootstad zijn geloof zou verliezen. Zo geschiedde, of toch niet. De absolute zekerheden werden weliswaar vervangen door absolute twijfel, maar ondanks dat ‘hellend vlak’ hield hij nooit op te geloven in God, alleen is hij nog op zoek naar een manier waarop.