Na ‘De nonnen’ (VTM): ‘Plaatsvervangende schaamte, jammer dat we niet in docu zelf mochten reageren’
Zopas werden de vier afleveringen van De nonnen gelanceerd op Pickx+, het kanaal van Proximusabonnees met een extra optie. Als voorzitter van de Unie van Vlaamse Religieuzen werd zuster Mieke Kerckhof zijdelings betrokken bij de productie.
Hoe kwam de serie bij jou binnen?
Mieke Kerckhof • ‘Ik vind er geen woorden voor… Verbijstering. Plaatsvervangende schaamte. De feiten zijn gruwelijk en onbegrijpelijk. Ik vind dat de getuigen heel sterk gesproken hebben en hoop dat de serie mensen die tot nu toe zwegen, helpt om nu toch iemand in vertrouwen te nemen. Ik hoop ook dat de getuigen respect en erkenning gaan voelen.’
Hoe is de serie opgebouwd?
‘Ze bestaat uit vier afleveringen met telkens een apart thema:
- Fysiek geweld
- Seksueel misbruik
- Gedwongen afstand en adoptie
- Getuigenissen van uitgetreden zusters.’
Waren de verhalen jou onbekend?
‘Het luik van fysiek geweld, door zusters aan kinderen in weeshuizen of opvangcentra aangedaan vooral tussen 1950 en 1990, was mij het minst bekend. Het verhaal over een weeshuis in Zelem waar kinderen verdwenen en mogelijk anoniem begraven werden op het kerkhof, waren me onbekend. We willen justitie oproepen om de feiten verder te onderzoeken. Veel van de andere verhalen werden sinds 2010 wel al gemeld en ook opgevolgd.’
(Er waren al een parlementaire commissie over het misbruik in de Kerk in 2010 en over adoptie in 2015. Na ‘Godvergeten’ kwamen er nog twee parlementaire commissies bij. Die moeten leiden tot nieuwe maatregelen, maar er is nog geen kader uitgetekend door de politiek. Het trauma blijft en dat betekent voor velen dat blijvende therapeutische zorg voor velen nodig is. De Kerk is vragende partij om de aanbevelingen van de commissies om te zetten in de praktijk, nvdr.)
Hoe werd je betrokken bij de productie?
‘Het eerste contact was een overlegmoment waarop we informatie kregen over de aanpak. Nadien hebben we elke aflevering samen bekeken. Het was een fijn contact met de makers, productieleider Barbara Van Poeck en onderzoeksjournalist Tom De Smet. Bij elke aflevering konden we onze feedback geven. Daar werd soms rekening mee gehouden, soms ook niet. ’
Op het einde van elke aflevering verschijnt een korte reactie van de Unie van Vlaamse Religieuzen. Waarom?
‘We hebben erg gepleit om in de uitzendingen zelf ook te mogen reageren. We zouden dan veel persoonlijker onze gevoelens en excuses kunnen uitdrukken over wantoestanden van vroeger. Maar dat werd geweigerd. Het paste niet in het format, vonden de makers. Er werd ons enkel toegestaan om op het einde op een pancarte een reactie te laten verschijnen. Daarop drukken we onze excuses uit, pleiten we voor meer onderzoek en opvolging en staan de gegevens van meldpunten binnen en buiten de Kerk.’
Maar een pancarte alleen zegt weinig en komt misschien kil over. We hadden bepaalde zaken in de reeks ook beter kunnen duiden, vooral in aflevering 4, waar uitgetreden zusters vertellen over hun ervaringen. Zo vertelt een vrouw dat ze bij haar intrede een andere naam en habijt kreeg. Dat wordt neergezet als het afnemen van haar identiteit en persoonlijkheid. Hier zouden we toch de religieuze betekenis hiervan moeten kunnen uitleggen, vind ik.’
Krijgt de kijker net als in Godvergeten de indruk dat de wantoestanden nog altijd voortduren en toegedekt worden?
Lees ook
‘In aflevering 4 gaat het over recente wantoestanden bij de Blauwe Zusters, waarmee men wil bewijzen dat er ook vandaag nog indoctrinatie is. Men zegt er niet bij dat de congregatie intussen Vlaanderen moest verlaten en dat het Vaticaan ingegrepen heeft. Zo mogen ze om te beginnen de eerste drie jaar geen novices meer aannemen. Wantoestanden kunnen altijd ergens optreden, maar er is veel meer preventie en er wordt veel alerter op gereageerd. Elke orde en congregatie heeft een visitator die namens de bisschop gedelegeerd is om verkiezingen op te volgen en die dan met alle leden spreekt. Zo’n visitator (een zuster, priester of zelfs leek) kan ook te allen tijde gecontacteerd worden bij een klacht. Hij of zij is een vertrouwenspersoon. En mocht het nodig zijn, dan kunnen religieuzen ook bij de meldpunten terecht.’
Gaat het in de uitzendingen ook over uw congregatie, de zusters van de Bermhertigheid Jesu?
‘Nee. Er komen zeven congregaties aan bod (op een totaal van 295 vrouwelijke orden en congregaties in Vlaanderen, nvdr.).’
Heb je zelf ooit wantoestanden meegemaakt in het kloosterleven?
‘Ook niet. Wij blijven ons inzetten om op een zorgzame en respectvolle manier om te gaan met het verleden, om recht te doen en erkenning te geven aan de slachtoffers van toen en een veilige ruimte te waarborgen voor iedereen vandaag. Ik zeg altijd: zusters zijn doodgewone mensen met een ongewone levenskeuze. De meesten zitten gezond in elkaar, maar er zijn er ook bij met een psychische kwetsbaarheid of mensen die in bepaalde omstandigheden zouden kunnen ontsporen. Maar de zwijgcultuur is hopelijk wel totaal verleden tijd. Ik hoop dat iedereen de moed zou hebben om ze te doorbreken. Daar zal de documentaire nog een steentje toe bijdragen.’









