Werelddag van Verzet tegen Armoede
Deze dag gaat terug tot 1987, toen zeker 100.000 mensen, waaronder ook père Joseph Wresinski, stichter van de Internationale Vierde Wereldbeweging, samenkwamen op de Place du Trocadéro in Parijs, de plek waar in 1948 de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens werd ondertekend.
Ter inspiratie bij deze Werelddag vertaalde pr. Dominique Ballegeer (medewerker vicariaat Diaconie) enkele fragmenten uit de vorige week verschenen eerste apostolische exhortatie van paus Leo XIV: Dilexi te of 'Ik heb je liefgehad'. Over de liefde voor de armen.
In het vierde hoofdstuk van deze exhortatie verwijst paus Leo heel duidelijk ook naar eerdere woorden van zijn voorganger, paus Franciscus zaliger, als het gaat over 'zondige structuren die extreme armoede en ongelijkheid veroorzaken'.
Het zal nodig zijn om de economische dictatuur die doodt, aan de kaak te stellen, wanneer de winsten van slechts enkelen steeds meer gaan toenemen, terwijl de meerderheid telkens verder af komt te staan van deze gelukkige minderheid […] De waardigheid van elke menselijke persoon moet nú gerespecteerd worden, niet morgen, en de ellendige situatie van zovelen wiens waardigheid ontzegd wordt, moet ook een aanhoudende oproep zijn voor ons geweten. (DT 92)
We moeten ons steeds meer gaan inzetten om de structurele oorzaken van de armoede op te lossen […] Gebrek aan gelijkheid is de wortel van veel kwaad […] Hoe dikwijls moeten we zien dat de mensenrechten niet voor iedereen gelijk zijn. (DT 94)
In het 5de en laatste hoofdstuk van Dilexi te lezen we:
Een christen kan de armen niet zomaar gaan zien als enkel een sociaal probleem. Zij zijn een ‘familiekwestie’, ze zijn gewoon ‘van ons’, de onzen. (DT 104)
En helemaal aan het einde van Dilexi te:
Is het nu door jullie werk, of door jullie inzet om onrechtvaardige structuren te veranderen, of enkel maar door heel eenvoudige, nabije en persoonlijke hulp, het zal voor deze arme aanvoelen, dat de woorden van Jezus voor hem en haar zijn bestemd: ‘Dilexi te, Ik heb je lief gehad.’ (Openbaring 3,9) (DT 121)
(vertaling pr. Dominique Ballegeer)