Mogen we eindelijk zeggen waarover het gaat? Christianofobie! — Benoit Lannoo [opinie]
Decennialang was de gedachte dat er wereldwijd christenen worden vervolgd in Europese politieke kringen taboe. De Europese commissie heeft in de persoon van de Beierse aristocrate Katharina von Schnurbein al meer dan tien jaar een speciale coördinatrice in dienst voor de strijd tegen het antisemitisme – en terecht. Sinds 2023 staat de Franse topdiplomate Marion Lalisse in voor de bestrijding van moslimhaat – opnieuw terecht. Maar haat tegen en vervolging van christenen, dat waren fenomenen die de Europarlementsleden als uitzonderlijk beschouwden, in pakweg Noord-Korea of tijdens het terreurbewind van de zogenaamde Islamitische Staat in Syrië en Irak in de jaren 2014 en volgende. Het taboe op het benoemen van het antichristelijk ressentiment en de christenvervolging lijkt in Europees Brussel echter onlangs doorbroken.
Op 21 januari 2026 nam een meerderheid aan Europarlementsleden via een resolutie een jaarlijks rapport aan over ‘mensenrechten en democratie in de wereld’, waarin voor het eerst de term ‘christianofobie’ voorkomt. De tekst hekelt de wereldwijde schaal van de vervolging van christenen en noemt het christendom zonder omwegen ‘de momenteel vaakst vervolgde religie’, want meer dan 380 miljoen mensen wereldwijd worden omwille van hun christelijke geloof gediscrimineerd. De resolutie wijst daarbij in het bijzonder naar de situatie van de oosterse christenen – de oudste christelijke gemeenschappen uit de geschiedenis – die gebukt gaan onder ‘serieuze vervolging, gedwongen migratie of beperkingen op de uiting van hun geloofsovertuiging’. De tekst ‘betreurt dat er geen speciale coördinator is voor de strijd tegen christianofobie is’.
Het rapport noemt het christendom zonder omwegen ‘de momenteel vaakst vervolgde religie’.
Aan de basis van deze bocht staan vooral de Nederlander Bert-Jan Ruissen (Staatkundig Gereformeerde Partij – European Conservatives and Reformists) en de Kroaat Davor Stier (Hrvatska demokratska zajednica – European People's Party). Zij gingen in zee met respectievelijk het protestantse Open Doors en het katholieke Aid to the Church in Need, die allebei jaarlijks de christenvervolging in kaart brengen. Maar sinds Frans extreemrechts (via de Patriots for Europe-fractie van Jordan Bardella) op de kar sprongen, draaiden ook verschillende liberalen van Renew Europe bij. De rapporteur van het mensenrechtenverslag is de Portugese socialist Francisco Assis, dus kwam er ook steun van enkele S&D (Socialists and Democrats)-verkozenen. Alleen klein-links en vele Greens-verkozenen verzetten zich nog expliciet tegen de notie ‘christianofobie’.
De resolutie werd meteen enthousiast onthaald. Het Observatory on Intolerance and Discrimination against Christians in Europe in Wenen stipte in zijn reactie aan dat het Europese parlement ‘niet alleen de wereldwijde omvang van antichristelijke vervolging erkent, maar ook een institutionele asymmetrie binnen de bestaande antidiscriminatie-architectuur van de Europese Unie benadrukt’. De katholieke commissie van bisschoppen van de Europese gemeenschap (Comece) herhaalde dan weer haar al eerdere oproep om een Europese coördinator aan te stellen voor de strijd tegen ‘anti-christenen-haat’; de Comece houdt niet van het concept ‘fobie’ omdat dit her en der gecontesteerd wordt. De resolutie van het Europees parlement is echter juridisch niet-bindend, en dus is het afwachten of de commissie-von der Leyen er gehoor aan geeft.
Alleen klein-links en vele Greens-verkozenen verzetten zich nog expliciet tegen de notie ‘christianofobie’.
Wat kan deze strijd tegen antichristelijk ressentiment inhouden? Allereerst is het goed het fenomeen in kaart te brengen, want de haat voor of vervolging van christenen is – vooral in het geseculariseerde Westen – nog vaak een blinde vlek. Oké met de aandacht voor de precaire situatie van de jezidi’s in Irak, maar toen de zogenaamde Islamitische Staat deze tien jaar geleden met genocidaal geweld aanviel, werden ook tienduizenden christenen uit de vlakte van Ninive verdreven – met veel minder internationale aandacht. Nog altijd trouwens worden huizen van gevluchte gezinnen aldaar tegen spotprijzen afgetroggeld, nu door sjiitische milities. En toen onlangs de koerden in noordwest-Syrië werden aangevallen, meldde zo goed als niemand dat hun christelijke bondgenoten in Qamishli en Al-Hassakeh evenzeer het gelag van al dat soennitische geweld betaalden.
Die aandacht kan diplomaten gevoeliger maken voor het fenomeen, zodat zij de strijd tegen christenvervolging in hun internationale contacten ter sprake brengen. Wie neemt het immers bij Recep Tayyib Erdoğan op voor de christelijke dorpen in het noorden van Syrië en Irak, die telkens weer collateral damage vormen als de Turkse president beweert Koerdische haarden van verzet aan zijn grenzen te bombarderen? Je hebt trouwens nog geen gewonnen spel als je overheden weet te overtuigen van de rechten van christenen. Een Europees topdiplomaat vertrouwde mij ooit toe dat zijn Pakistaanse gesprekspartners het er met hem over eens waren dat de blasfemiewetten in hun land niet misbruikt mogen worden om christelijke gezinnen met huwbare meisjes onder druk te zetten; maar hoeveel invloed heeft de Pakistaanse regering op haar verre binnenland?
Marokko legt gevangenisstraffen op aan al wie ‘met verleiding’ een moslim helpt bij zijn bekering tot een andere godsdienst. Kortom: je mag er niet evangeliseren.
Het concept van de christianofobie botst echter snel op allerlei grenzen botsen. De kans bestaat inderdaad dat wie antichristelijke ressentiment aanklaagt, meteen van pakweg islamofobie of antisemitisme beschuldigd wordt. Of hij of zij wordt er – vooral in het geseculariseerde Westen – van beschuldigd de vrije meningsuiting of andere mensenrechten niet te respecteren.
Beginnen we met buitenlandse voorbeelden. In Nicaragua vervolgt president Daniel Ortega al jaren de katholieke Kerk. Sinds 2018 werden honderden priesters, nonnen en prelaten gearresteerd of tot ballingschap gedwongen. Een maand geleden sloten de Sandinisten ook de priesteropleiding in vier bisdommen en processies waren er de voorbije Goede Week verboden. Maar niemand kijkt hiernaar om; Europees klein-links blijft de Ortega-dictatuur zelfs steunen.
Ander buitenlands voorbeeld, iets delicater. Marokko heeft mensenrechtenverdragen over godsdienstvrijheid en gewetensvrijheid van burgers geratificeerd. Tijdens het bezoek van paus Franciscus in 2019 zei de Marokkaanse koning Mohammed VI nog dat hij ‘garant staat voor de Marokkaanse joden en buitenlandse christenen die in Marokko wonen.’ Maar intussen legt de strafwet er gevangenisstraffen op aan al wie ‘met verleiding’ een moslim helpt bij zijn bekering tot een andere godsdienst. Kortom: je mag er niet evangeliseren. Dat is trouwens in alle islamitische landen min of meer het geval. Maar omgekeerd mag wel: ik was in het noordwesten van Irak toen een jihadist – IS-vlaggen open en bloot in zijn garagebox – een minderjarig christelijk meisje verleidde tot een polygaam huwelijk. Rechter, politieke overheid en moskee keken de andere kant op.
Overal in het Midden-Oosten stonden de Kerken tijdens de jongste Goede Week trouwens onder druk.
Nog delicater; de volgende regels van dit essay maken van mij ongetwijfeld een antisemiet! Israëlische overheden en zionistische hardliners bezondigen zich systematisch aan christianofobie. Enkele voorbeelden? In Zuid-Libanon eist Israël de ontruiming van maronitische dorpen, omdat Hezbollah vandaar raketten zou afschieten. De christelijke bewoners weigeren, wat priester Boutros al-Raï van Qlayaa onlangs met de dood bekocht. Op de Westbank en in Oost-Jeruzalem worden christenen en hun kerken door orthodoxe joden voortdurend bespuwd; de extremistische minister Itamar Ben-Gvir noemt dat een ‘aloud joods gebruik’. En eerder deze maand besliste het Israëlische ministerie van Onderwijs dat 200 christelijke leerkrachten uit de Westelijke Jordaanoever niet meer in christelijke scholen in Jeruzalem mogen werken.
Overal in het Midden-Oosten stonden de Kerken tijdens de jongste Goede Week trouwens onder druk. Terwijl de Latijnse patriarch van Jeruzalem, kardinaal Pierbattista Pizzaballa, vorige zondag door de Israëlische politie verhinderd werd de Heilige Grafkerk in Jeruzalem binnen te gaan, hoewel hij scrupuleus het samenscholingsverbod van maximaal 50 personen respecteerde, hebben de katholieke Kerken in centraal-Syrië dan weer zelf alle publieke manifestaties tijdens de Goede Week afgelast, omdat bij de aanval op Syriaaks-orthodoxe christenen in het centraal-Syrische stadje Al-Suqaylabiyyah vorig weekend was gebleken dat de ordediensten van het nieuwe Syrische regime van Ahmed al-Sharaa op het soenitische geweld tegen christenen staan te kijken, maar niet tegen de geweldplegers ingrijpen.
Ook in eigen land neemt het antichristelijk ressentiment toe, maar het krijgt nauwelijks aandacht en is niet evident aan te klagen. Probleem is trouwens dat vooral extreemrechts in het geweer komt als de christelijke identiteit bedreigd lijkt, terwijl zij de christelijke boodschap van dialoog met de ander en gastvrijheid voor de vreemdeling niet echt genegen zijn. Maar in welke krant hebt u gelezen dat er onlangs een satanisch symbool werd getagd op de deur van de chaldeeuws-katholieke Onze-Lieve-Vrouw van Altijddurende Bijstandskerk in het Antwerpse district Deurne? In geen enkele.
Lees ook
Christenen hebben al lang leren leven met goede parodie: Monty Python’s Life of Brian vind ik hilarisch en ik voel mij al praktiserend katholiek geenszins geschoffeerd. Maar wat er grappig is aan het kapotslaan van Jezus- en Mariabeelden, dat ontgaat mij.
Erger nog dan die slechte humor, is dat bobo’s als Eva De Roo en Dries Lenaerts niet eens beseffen hoeveel mensen ze hiermee kwetsen. Aan islamofobe en antisemitische grapjes zouden ze zich natuurlijk niet gewagen, zeggen ze zelf, maar christenen… Kom nou! En wat als – precies op Stille Zaterdag – Opera Ballet Vlaanderen een langdurige blasfemie en belediging van religieuzen opvoert. ‘Wat is er mis met shockeren?’, vraagt de Oostenrijkse choreografe en performancekunstenares expliciet in De Standaard? De vraag stellen is ze beantwoorden. Niemand zou protesteren als naakte vrouwen met een nonnenkap een piercing in de tepels wordt geboord… in het Fetish Café, de beruchte SM-sexclub in de Antwerpse Pieter Potstraat. Maar dient het Vlaamse belastinggeld dan echt om deze wansmaak voor het grote publiek te brengen?
Hoe reageren?
Stel je voor dat we – om eens ‘lekker te shockeren’ – de voorbijtrekkende wielrenners van de Ronde van Vlaanderen met stront bekogeld hadden? Of op 11 juli een Vlaamse Leeuw op de Antwerpse Grote Markt in brand steken? Of naar aanleiding van de Antwerp Pride een grove stand-up met hiv- en andere soa-toespelingen op de LGBTQIA+-gemeenschappen zouden loslaten. Voor alle duidelijkheid: ik ben wielerfan noch Vlaams-nationalist en ik heb weinig affiniteit met de Prides, maar ook ik walg van de drie fictieve scenario’s hierboven. Als christenen het voorwerp worden van platvloerse beledigingen, dan is dat echter ‘geen groot thema’, volgens Studio Brussel-presentator Sam De Bruyn. ‘We hebben er gewoon ook niet zo hard over nagedacht’, illustreert zijn collega Eva De Roo het intellectuele niveau van de gemiddelde BV’er.
Christianofobie benoemen is dus moeilijk, en je dreigt meteen als antisemiet, islamofoob, homofoob, tegenstander van de mensenrechten, conservatieve zak e tutti quanti te worden bestempeld als je het voor de christelijke identiteit opneemt. Zoals gezegd: het is meestal extreemrechts die dat als eerste doet, en extreemrechts is inderdaad doorgaans antisemitisch, islamofoob, homofoob, enzovoort. Dat zijn dus niet echt onze ideale bondgenoten. We zullen het begrip antichristelijke ressentiment dus moeten verfijnen en naar het goede narratief zoeken om de christenen wereldwijd en bij ons adequaat te verdedigen. Daar is nog veel werk aan de winkel, en ik roep bij deze christelijke academici en middenveldorganisaties en kerkelijke leiders en organisaties op daaraan te beginnen.
Evangelie
Lees ook
Maar de Antwerpse bisschop Johan Bonny wierp naar aanleiding van de Sancta-beledigingen van Opera Ballet Vlaanderen terecht de vraag op: moeten we onszelf eigenlijk verdedigen? ‘Gelukkig zijn jullie wanneer ze jullie omwille van mij uitschelden, vervolgen en van allerlei kwaad betichten’, zegt Jezus in de Bergrede. ‘Verheug je en juich, want je zult rijkelijk worden beloond in de hemel’ (Matteus 5,11). Athenagors van Athene, een apologeet uit de tweede eeuw, toen christenen nog steevast werden vervolgd, verwoordde het ooit zo: ‘Geleerde betogen kunnen ze [onder de christenen] niet onthouden, maar wel kunnen ze bogen op goede daden: worden ze geslagen, dan slaan ze niet terug; worden ze beroofd, dan gaan ze niet procederen, ze geven aan wie vragen en beminnen hun naaste aan zichzelf.’
In deze paastijd is het goed ons vast te klampen aan de hoop die sinds de Verrijzenis de christenen voortgestuwd heeft – toen we nog niet met velen waren net als nu, sinds het cultuurchristendom in elk geval bij ons weer verdwenen is. En over die hoop schrijft de apostel Petrus in zijn eerste epistel: ‘Vraagt iemand u waarop de hoop die in u leeft gebaseerd is, wees dan steeds bereid om u te verantwoorden. Doe dat dan vooral zachtmoedig en met respect, houd uw geweten zuiver; dan zullen de mensen die zich honend over uw goed, christelijke levenswandel uitlaten, zich schamen over hun laster (1 Petrus 3, 15-16). Want de beledigingen die wij hier in het Westen ervaren, zijn klein bier in verhouding tot de vervolging van vele christenen wereldwijd, die vaak niet eens bang zijn met hun leven martyrion of sjaheed – dit is: ‘getuige’ – van die hoop te worden.
Benoit Lannoo is kerkhistoricus en expert in interreligieuze dialoog en oosterse christenen









