Overslaan en naar de inhoud gaan
Home
  • Abonneer nu
  • Zoeken
  • Help
  • Digitale krant
  • Inloggen
Menu
Sluiten

Hulp nodig? Bel de klantendienst op het nummer
03 210 08 30 (ma-vr: 9-12u, 13-16u) of mail ons

  • Inloggen
  • Digitale krant
  • Verhuis melden
  • Krant niet ontvangen
  • Help
  • Contact
  • Zoeken
  • Ontdek Otheo
  • Otheo voor Kerk en Leven abonnees
  • Wegwijsinfo Kerk in Vlaanderen
  • Vacatures
  • Abonneer nu
  • Bestel proefpakket
  • Ontvang nieuwsbrief
Nieuwsoverzicht
Columns
Paus Leo XIV
Kerk in Vlaanderen
Otheo Radio
Otheo Magazine
previous
next

Bart Stouten: ‘Muziek is voor mij de meest directe vorm van geloof’

'Het wonder in je stilte'. Zo heet het nieuwe boek van Bart Stouten dat zopas verscheen bij Otheo Books. Lees het interview met de auteur.

Lieve Wouters

Zijn bindteksten op Radio Klara waren steevast kunstwerkjes. Bart Stouten (69) legde er hart en ziel in. Dat was hij die hoogstaande cultuur verschuldigd, vindt hij, want die vormde precies zijn hart en ziel. Hoe dat gegaan is, lees je in dit interview, en nog meer in het boek Het wonder in je stilte, uitgegeven bij Otheo Books.

‘Klassieke muziek heeft met stilte te maken.’ © Stefaan Temmerman

Poëzie, muziek, schilderkunst. Vele kunstvormen kunnen je boeien. Wat is jouw vroegste artistieke herinnering?

‘Mijn eerste artistieke herinnering is een klank: het zachte, bijna ademende geluid van een orgelpijp in een kerk waar ik als kind zat te luisteren. Die trilling in de lucht was tegelijk lichamelijk en geestelijk. Ze maakte van de stilte geen afwezigheid, maar een ruimte waarin iets kon ontstaan, iets waarvoor ik toen nog geen naam had. Later kwamen de beelden: het licht dat door gekleurd glas viel, de geur van oude boeken, het hout van de banken, glad geworden door generaties handen. Maar het was die klank die voor mij als eerste een deur opende. Ik begreep, zonder het te kunnen formuleren, dat schoonheid een vorm van nabijheid is; dat klank en licht ons niet alleen omringen, maar ons soms bijna lijken aan te raken, alsof ze ons iets willen geven wat buiten de taal ligt. Het zal dan ook niet verbazen dat ik een vurige adept ben geworden van het briljant spirituele werk van Johann Sebastian Bach. In zijn orgelmuziek lijkt hij de ruimte zelf te willen bevragen. Hij behandelt het instrument niet als een machine die tonen voortbrengt, maar als een lichaam waarin de wereld kan resoneren. Zijn harmonieën kunnen stoutmoedig zijn, zijn ritmes onverwacht, zijn muzikale constructies soms zo ver doorgevoerd dat ze, eeuwen later, een merkwaardig moderne indruk maken. Alsof Bach niet alleen wist waar de muziek vandaan kwam, maar ook vermoedde waarheen ze onderweg was. Overal in dat werk zit betekenis verborgen: getallen, tegenstellingen, patronen, kruisen, cirkels, stijgende en dalende lijnen. Misschien is juist dat de grootste kracht van Bach: dat de symboliek nooit de muziek verstikt. Je hoeft haar niet te ontcijferen om haar te ondergaan. De betekenis komt eerst als klank, en pas daarna, als je geluk hebt, als gedachte.’

Ligt van alle kunstvormen muziek jou toch nog het meest aan het hart?

Lees ook

Bart Stouten: 'Liefde is voor mij een orgel' [Otheo Radio]

Lees het volledige artikel

‘Misschien wel, ja. Muziek is voor mij de meest directe vorm van geloof. Niet in de dogmatische betekenis van het woord, maar als een ervaring van overgave: het vermogen om even niet zelf degene te hoeven zijn die alles begrijpt, ordent en beheerst. Daarom denk ik graag aan geloven als aan een luisterhouding. Je stelt je open voor iets wat je niet hebt gemaakt en waarvan je niet eens zeker weet of het je antwoord zal geven. Wanneer ik een akkoord aansla op een oud klavecimbel, gebeurt er iets merkwaardigs. De toon die onder mijn vingers ontstaat, is ouder dan ik ben en toch klinkt hij hier, in dit ene ogenblik, opnieuw. Het hout heeft eeuwen gezwegen en begint plotseling te spreken. Je staat in de zestiende en de eenentwintigste eeuw tegelijk, met één voet in een wereld die verdwenen is en de andere in de kamer waarin je nu eenmaal zit. Dat moment van spelen voelt voor mij als een bekering zonder Kerk: geen geloofsbelijdenis, geen openbaring, alleen een kleine innerlijke verschuiving waardoor de wereld zich even anders laat horen. Klank wordt gebed zonder dat er iemand hoeft te zijn die het gebed ontvangt. Misschien is dat ook waarom muziek mij zo diep raakt. Ze hoeft niets uit te leggen. Ze kan iets aanraken wat vóór de woorden ligt en er, wanneer de laatste toon is verdwenen, nog even blijft hangen. Het onzegbare heeft soms geen taal nodig. Het heeft alleen een resonantie nodig.’

Je moeder liet zich veeleer marxistisch inspireren, maar dan wel met Merkstenen van Dag Hammarskjöld als compagnon de route. Welke invloeden kreeg je mee?

‘Mijn moeder was een vrouw van paradoxen: rationeel en warm, kritisch en teder. Ze had het geloof van haar jeugd losgelaten, maar bleef zoeken naar zin. Haar marxistische overtuiging was nooit dogmatisch; ze las Dag Hammarskjöld, de Zweedse diplomaat en secretaris-generaal van de Verenigde Naties, een van die zeldzame figuren bij wie politiek, spiritualiteit en verantwoordelijkheid samenvallen tot één levenshouding, als iemand die geloofde in de stilte van verantwoordelijkheid. Van haar leerde ik dat spiritualiteit niet tegenover engagement staat, maar er juist uit voortkomt.In Borgloon had ze een klein rotstuintje dat ze met een bijna monastieke aandacht verzorgde. Geen grootse tuin, geen uitbundige bloemenpracht, maar stenen, mos, kleine planten die zich traag en koppig vastklampten aan de aarde. Het was haar manier om orde te scheppen in een wereld die vaak te luid was. Dat rotstuintje was geen hobby, maar een gebaar: een stille oefening in zorg, in geduld, in het geloven dat iets kleins toch betekenis kan dragen. Daar, tussen die stenen, zag ik hoe haar kritische geest en haar tedere handen elkaar vonden. Ze gaf me het besef dat denken een vorm van liefde kan zijn. Sta daar eens bij stil: bestaat er iets mooiers?’

In je boek beschrijf je een oude en een nieuwe ik, die het geloof heel anders ervaart. Leg eens uit?

‘De oude ik leefde in de schaduw van verlies, in een wereld die ik probeerde te begrijpen met woorden. Dat is het geloof van mijn kindertijd, waarin dogma’s nog een belangrijke rol speelden en waarin heel wat zaken op het verzet van mijn verstand botsten. De nieuwe ik probeert niet meer te begrijpen, maar te luisteren. Niet te ‘worden’, maar te ‘zijn’, zoals de Koreaanse filosoof Byung‑Chul Han zegt, een denker die onze tijd ontleedt als een tijd van uitputting, van permanente zelfoptimalisatie, van mensen die zichzelf voortdurend moeten worden en daardoor nooit meer zijn. Han pleit voor een terugkeer naar rust, naar ontvankelijkheid, naar een bestaan dat niet gedreven wordt door prestatie maar door aanwezigheid. De overgang van de oude naar de nieuwe ik gebeurde al in mijn tienerjaren, maar de ontdekking van zenmeditatie vele jaren later bracht me nog veel dieper in die beleving.’

Rouw is geen taak, maar een overgang. Liefde verdwijnt niet met de dood; ze verandert van vorm.

Welke rol speelde die ontdekking precies?

‘Zen was geen exotische curiositeit voor mij, het werd een discipline van concentratie op weg naar dieper inzicht. Het is geen leer, geen geloof, geen systeem; het is een oefening in helderheid. Zen leerde me dat stilte niet leeg is, maar barstensvol aandacht. Een manier van kijken waarin je niets toevoegt, niets wegneemt, niets forceert. Stilte wordt er een ruimte waarin de wereld zichzelf toont, zonder dat je haar hoeft te beheersen. De overgang tussen die twee gestalten is geen breuk, eerder een verschuiving, van zoeken naar toelaten.’

‘Zen heeft mijn schrijven veranderd: woorden werden autonome ritmes van bewustzijn. De beoefening ervan leerde me dat schoonheid niet iets is wat je maakt, maar iets wat zich openbaart wanneer je ophoudt de dingen te willen beheersen. Zen doet afstand van je ‘kleine ik’ om voeling te krijgen met het collectief onderbewuste, of zo je wil met een kosmisch bewustzijn.’

Je ouders en zus stierven in een auto-ongeval. Je wijdt er in je boek niet over uit, zodat de lezer over dit grote drama in je leven toch wat in het ongewisse blijft. Waarom doe je dat zo?

‘Ik was zestien toen mijn ouders en tweelingzus omkwamen in een auto‑ongeval even voorbij Keulen. Ik kwam mijn eigen zware verwondingen te boven en kreeg meteen voeling met de ware dimensies van het leven, het existentiële lijden in zijn volle omvang. Daarna voelde ik me jarenlang een ‘personage bij de zee’, zoals Henry in Becketts hoorspel Sintels: iemand die leeft aan de rand van het verdwijnen. Ik heb dat drama nooit expliciet beschreven, het was zelfs lange tijd taboe in mijn conversaties met medemensen, ook in mijn gedichten en teksten. Stilte bevat soms meer waarheid dan woorden. De leegte moest voelbaar blijven, niet als melodrama, maar als ruimte waarin de lezer zelf kan gedijen. Schrijven werd een manier om die leegte te bewonen, zonder haar met afleiding te vullen.’

Lees hieronder verder
‘Mijn aankondigingen op Klara waren kleine kunstwerkjes, zo wilde ik dat — niet uit ijdelheid, maar uit eerbied voor de muziek.’ © Leo A. De Bock

Een mystieke ervaring legde je rouwproces op een bepaald moment in een nieuwe plooi, vertel je in het boek. Kun je daar al een tipje van oplichten?

‘Tijdens een nacht van rouw hoorde ik een stem, die van mijn oma. Niet letterlijk, maar als een innerlijke fluistering: ‘Je hoeft niets meer te doen.’ Die zin was bevrijdend. Hij betekende niet dat ik moest ophouden met handelen, maar dat ik mocht ophouden met vechten. Rouw is geen taak, maar een overgang. Sindsdien weet ik dat liefde niet verdwijnt met de dood; ze verandert van vorm. ‘Niets meer hoeven doen’ is voor mij: leven in vertrouwen dat wat wezenlijk is, blijft. Het is ook een poging om mijn leven niet langer te sturen vanuit angst, maar vanuit aanwezigheid. Zoals de Duits-Joodse filosofe Hannah Arendt wil ik niet handelen uit reflex of angst, maar vanuit het stille, innerlijke denken dat de wereld openhoudt voor menselijkheid.’

Ik ben liever een stem die iets doorgeeft dan een gezicht dat iets opeist. De radio was mijn instrument om stilte hoorbaar te maken.

Als presentator op Klara waren je aankondigingen vaak poëtische kunstwerkjes. Was je graag een gevierd artiest geweest?

‘Mijn aankondigingen op Klara waren inderdaad kleine kunstwerkjes, zo wilde ik dat — niet uit ijdelheid, maar uit eerbied voor de muziek. Ik wilde dat elk werk zijn eigen taal kreeg. Roem heeft me nooit verleid; erkenning wel, maar alleen als ze gedeeld wordt. Ik ben liever een stem die iets doorgeeft dan een gezicht dat iets opeist. De radio was mijn instrument om stilte hoorbaar te maken.’

De gemiddelde Klara-luisteraar of museumbezoeker is hoogopgeleid én grijs. Is klassieke kunst niet toegankelijk genoeg?

‘Klassieke muziek heeft met stilte te maken. Je moet een drempel over naar een andere wereld. Niet als vlucht. Ik zie het meer als een vorm van verzet tegen de luidruchtige oppervlakkigheid van onze tijd. Wie schoonheid zoekt, weigert zich neer te leggen bij banaliteit. Dat maakt klassieke kunst niet elitair, maar veeleisend: ze eist bovendien innerlijke rust. In een wereld die snelheid aanbidt, is traagheid revolutionair, laten we dat zo eens bekijken. Veel van mijn luisteraars en lezers zijn blij dat ik kies voor diepere resonantie in plaats van onmiddellijke bevrediging. De sfeer van mijn werk is zoveel belangrijker dan een plot waarvoor andere auteurs hele schema’s uitdokteren. Mijn poëtische vertelling Für Elise is een mooi voorbeeld van de wijze waarop ik verhalen laat ontstaan uit stilte, ritme en innerlijke beweging, eerder dan uit dramaturgische constructie. De grijze luisteraar is niet iemand die ontsnapt, maar iemand die standhoudt … met de kracht van het luisteren.’

 

'Het wonder in je stilte' – Waarom kunst en religie zo mooi samengaan, Bart Stouten. Otheo Books, 304 blz, €29,99. Verschijnt op 21 september.


De drie (scharniermomenten in mijn leven)

  • Gevoel van eenheid - Beseffen dat de natuur een eenheid is van bloem, bij en zaad.
  • De ontdekking van mijn goddelijke kern - Een mystiek moment waarop me duidelijk werd wat meester Eckhart met ‘de zielevonk’ bedoelt.
  • Diepe verbinding - Een etentje aangeboden krijgen door Peter Handke in Parijs, nadat ik hem verteld had dat ik in Alaska op zoek was gegaan naar de jukebox die hij in zijn essay zo mooi beschreven had.

Bart Stouten

  • Geboren in Sint-Truiden in 1956
  • Vertaler van opleiding, dichter, schrijver van romans
  • Tot 2021 radioproducent en -presentator bij Klara
  • Spirituele leermeesters: Simone Weil, meester Eckhart en Bernardo Kastrup
  • Wat hij zoekt: waarheid in schoonheid, dat moment waarop vorm en geest elkaar raken en de wereld even stilvalt
Laatste aanpassing op 17/09/2026 om 10:32

Lees meer

Eigen kijk

Een landschap zonder kerken? – Erik De Smet [standpunt]

God is niet weg, Hij is verhuisd: de schaduwzijde en de schoonheid van kerkenbeleidsplannen. Lees het Standpunt van Erik De Smet.

Christophe Vekeman en de cover van 'Het gebeurt, het gebeurt elke dag'

Van bekeerling tot expert … en weer terug? Christophe Vekeman blikt terug in nieuwe roman

‘Het gebeurt, het gebeurt elke dag’ neemt de lezer mee op een uitdagende geloofstocht en houdt katholiek Vlaanderen een spiegel voor.

Home
Algemeen
  • Inloggen
  • Digitale krant
  • Ontdek Otheo
  • Kerk & Leven abonnees
  • Wegwijs Kerk in Vlaanderen
  • Deelsite op Otheo
  • Vacatures
Klantendienst
  • Abonnementen
  • Proefpakket
  • Nieuwsbrief
  • Verhuis melden
  • Krant niet ontvangen
  • Help
  • Contact
Sociale kanalen
  • Facebook
  • Instagram
  • Twitter
  • YouTube
Liturgische hoogtepunten
  • Advent en Kerstmis
  • Pasen
  • Pinksteren
  • Hemelvaart
  • Allerheiligen en Allerzielen
Bisdommen
  • Bisschoppenconferentie
  • Aartsbisdom Mechelen-Brussel
  • Bisdom Antwerpen
  • Bisdom Brugge
  • Bisdom Gent
  • Bisdom Hasselt
  • Vicariaat Brussel
  • Vicariaat Vlaams-Brabant en Mechelen
© Otheo 2026
  • Gebruiksvoorwaarden
  • Abonnementsvoorwaarden
  • Vacatures

Nieuw bij Otheo? Ontdek hier wie we zijn en wat we voor je kunnen doen.

CIM