Bij het begin van een nieuw werk- en schooljaar
We zijn halfoogst. Zo noemen we vaak de periode rond het hoogfeest van Onze-Lieve-Vrouw Tenhemelopgenomen op 15 augustus. Het is een moment om vooruit te kijken naar een nieuw werk- en schooljaar, en dat in een nog steeds woelige periode in de geschiedenis.
Ook in de natuur gebeurt er heel wat. De klimaatverandering is voelbaar door de opeenvolgende hittegolven. Ook de aarde is tektonisch in beweging. De vele aardbevingen wereldwijd en vulkaanuitbarstingen zijn daar het gevolg van. Daarnaast zijn er nog steeds oorlogen die maar geen uitzicht op een einde kennen. Om nog maar te zwijgen over epidemieën die hier en daar woeden, zoals ebola in Oost-Congo. Bij al deze gebeurtenissen hebben vaak heel veel onschuldige mensen te lijden en worden mensen gedwongen op de vlucht te slaan.
Het gebeurt allemaal. Veel van deze gebeurtenissen proberen we te begrijpen. Daarvoor krijgen we vanuit de wetenschap steeds meer inzichten aangereikt.
Uiteindelijk gaat dit over het onderzoeken en beschrijven van wat we de zichtbare – of waarneembare – werkelijkheid noemen. Maar speelt het reduceren van de werkelijkheid in haar geheel tot alleen de waarneembare werkelijkheid ons niet parten in de manier waarop we met die werkelijkheid omgaan?
Nochtans belijden we als christenen iedere zondag ons geloof in een God die Schepper is van ‘al wat zichtbaar en onzichtbaar is’. Over de zichtbare werkelijkheid zijn we goed geïnformeerd. We kunnen daarvoor naar school gaan en ons verstand gebruiken om er steeds meer inzicht in te verwerven.
Maar wie leert ons vandaag iets over die ‘onzichtbare’ werkelijkheid?
Het spreekt vanzelf dat we dit deel van de werkelijkheid niet op dezelfde manier kunnen benaderen als het zichtbare deel. De onzichtbare werkelijkheid is datgene waarop de zichtbare werkelijkheid steunt. God bijvoorbeeld behoort tot het onzichtbare, want niemand heeft ooit God gezien en is in leven kunnen blijven.
Als mens daarentegen nemen we deel aan zowel het zichtbare als het onzichtbare. Je zou de mens een hybride wezen kunnen noemen. Tegenwoordig kennen we de term ‘hybride’ vooral vanuit de autowereld: auto’s die zowel op fossiele brandstof als op elektriciteit rijden, noemen we hybride auto’s.
De mens als persoon bestaat uit een lichaam en een ‘geest’. Daardoor is hij in staat zich open te stellen voor de onzichtbare werkelijkheid en daaruit ervaringen op te doen. Tegelijk zal hij het zichtbare – of althans beelden daaruit – nodig hebben om wat hij ervaart tot uitdrukking te brengen of onder woorden te brengen.
Het verwerven van kennis over het onzichtbare zal niet zozeer gebeuren door het verstand, maar eerder door het ontwikkelen van wijsheid. Dit wordt ook wel het ontwikkelen van de spirituele zintuigen van de ziel genoemd. Het kan ook door menselijke ervaring. Bijvoorbeeld: hartepijn, geluk, liefde. Deze hebben een dimensie die voorbij het zichtbare gaan en ook niet met die categorieën kunnen gemeten worden. Of denken we aan beloften die we elkaar doen. Ze behoren tot het onzichtbare, maar hebben hun invloed op onze relatie tot de werkelijkheid.
Voor het ontwikkelen van kennis over de fysieke wereld kunnen we ons verstand vormen. Maar om te groeien in kennis van de onzichtbare wereld en in wijsheid, zullen we ons moeten openstellen voor God zelf, die zich aan ons bekend wil maken.
Dat de benadering van de onzichtbare wereld anders is dan die van de zichtbare, lijkt duidelijk. De onzichtbare werkelijkheid kan niet op dezelfde manier benaderd worden als de zichtbare. Wie dat toch probeert, zal wellicht tot de ontkenning van die onzichtbare werkelijkheid komen. Dat is vandaag de realiteit voor velen in onze westerse samenleving.
Toch is het openen van deze spreekwoordelijke poort noodzakelijk om de gehele werkelijkheid, ook haar onzichtbare dimensie, toegankelijk te maken. Moeten we dat helemaal alleen doen? Nee.
Zoals we in de zichtbare wereld leermeesters hebben, hebben we ook voor de onzichtbare werkelijkheid spirituele leiders die ons kunnen helpen om die werkelijkheid te verkennen en zo te komen tot de diepte van het bestaan waarover het christelijke geloof onder andere spreekt.
Ook de Schrift is een leidraad op onze weg door die onzichtbare werkelijkheid. Daarin wil God zich aan ons kenbaar maken. Dat gebeurt ook in de sacramenten. Het zijn zichtbare tekenen die ons de onzichtbare werkelijkheid willen laten ervaren.
Het leren kennen van die onzichtbare werkelijkheid kan ons helpen om op een andere manier naar het zichtbare te kijken en om op een andere manier met het geschapene – het zichtbare én het onzichtbare – om te gaan.
Ik hoop dat we daar met z’n allen verder in mogen groeien als leerlingen van Jezus Christus. Hij is daarbij ook onze bijzondere Meester.
Een leerrijk en inspirerend school- en werkjaar toegewenst aan allen die hiervoor openstaan!
Deken Emmanuel