Bruggen bouwen vraagt offers, stelt bisschop Johan Bonny in zijn nieuwe boek
‘Aan christenen die zich vandaag in een minderheidspositie bevinden in een steeds meer geseculariseerde samenleving, wil ik moed geven om in die samenleving aanwezig te blijven, zoals Jezus in zijn tijd in zijn samenleving aanwezig was, op een positieve manier, niet in een antipositie door steeds negatieve commentaar te geven, noch in een vluchtmechanisme door zich terug te trekken op een eiland’, motiveert bisschop Johan Bonny de drive om zijn jongste boek Bisschop op de brug te schrijven. ‘Jezus maakte op de eerste plaats dat hij welkom was, dat mensen hem graag zagen komen, dat ze uitkeken naar hem. Wat hem er niet van weerhield, als hij daar was, om zijn gedacht te zeggen en duidelijk te stellen wat kon en niet kon, in het volle besef dat sommigen dat niet zouden nemen.’
Met zijn jongste boek zegt ook de bisschop van Antwerpen zijn gedacht, vanuit zijn liefde voor Kerk en samenleving. Het boek groeide al schrijvend, vanuit zijn inzichten en ervaringen als professor in Brugge, als staflid in een pauselijke raad in het Vaticaan en als bisschop van Antwerpen, zijn verlangen om iets te schrijven over Paulus als bruggenbouwer, de actuele thema’s en uitdagingen voor de Kerk in de wereld van vandaag, zijn zeventigste verjaardag en zijn voornemen om de weg te banen voor zijn opvolger, en de hoop die hij stelt in het synodale proces en hoe het ons hier kan verrijken.
Met het beeld van de brug, dat Bonny ontleent aan de roman van de Albanese auteur Ismail Kadare, roept hij christenen op om bruggenbouwer te zijn, zoals Jezus was. En dat op verschillende vlakken.
‘De Kerk moet de brug slaan naar de westerse cultuur. Ik voel te veel koudwatervrees in de Kerk, zeker wereldwijd, om mee te stappen in de westerse cultuur. Alles wat uit het Westen komt, wordt negatief getaxeerd’, meent Bonny met een zekere wrevel omtrent het aanhoudende pessimisme vanuit Rome tegenover elke stem uit het Westen. ‘Zo geraken we niet vooruit. Als je enkel kritiek geeft op de samenleving als een zure tante, is men je liever kwijt dan rijk en zet je jezelf buitenspel.’
Als je enkel kritiek geeft op de samenleving als een zure tante, is men je liever kwijt dan rijk en zet je jezelf buitenspel.
Zo stap je trouwens niet in het spoor van Jezus volgens de bisschop.
‘Jazeker, Jezus voerde gesprekken in de synagoge, maar zijn wonderen deed hij ín de samenleving. Hij stond met zijn woord ín de samenleving. Jezus maakte dat hij welkom was, overal waar hij kwam. Mensen keken uit naar zijn komst, ze brachten hun zieken naar hem, zelfs de tollenaar zat klaar in zijn boom. Als Kerk moeten ook wij ervoor zorgen dat mensen blij zijn dat we er zijn. De voorbije jaren is er al te veel gebeurd waardoor mensen ons verlieten.’
Lees ook
Hij vervolgt: ‘Bovendien is de Kerk traditioneel altijd de dialoog met de samenleving en de heersende cultuur aangegaan. Doorheen de hele kerkgeschiedenis is er voor elke culturele inbedding altijd winst en verlies geweest. Op die weg moeten we vandaag durven voort te gaan, want – dat geef ik grif toe – ook al is niet alles goed, daar liggen ontzettend veel kansen voor het christendom die we met beide handen moeten grijpen.’
Ook het seksueel misbruik in de Kerk vraagt dat er bruggen geslagen worden. ‘Het misbruik is niet zomaar een van de problemen in de Kerk die we moeten aanpakken. Het is een wake-upcall op vele fronten tegelijk’, meent de bisschop, die lange tijd referent was voor het seksueel misbruik in de Kerk. ‘Men beseft nog te weinig dat het misbruik de vinger legt op een knooppunt van vraagstukken – zonder daarom te zeggen dat het daarvan een rechtstreeks gevolg is – zoals het klerikalisme, de man-vrouwverhouding in de Kerk, het niet wijden van gehuwden, het niet wijden van vrouwen waardoor er amper vrouwen in hoge kerkelijke posities staan … Als we bruggen willen slaan naar de toekomst, moeten we dat knooppunt van problemen, die systemische realiteit, ontwarren en duidelijker aanpakken.’
Men beseft nog te weinig dat het misbruik de vinger legt op een knooppunt van vraagstukken.
Het synodale proces is in de ogen van de bisschop dan weer een brug naar een nieuwe manier van werken in de Kerk, ‘maar dan moeten we moedig genoeg zijn om het uit te rollen zoals het beschreven wordt in de officiële teksten, mét alle consequenties die voor ons van toepassing zijn. Hij verwijst naar het synodale proces in Duitsland, dat hij van nabij kon volgen. ‘Dat was stevig en goed onderbouwd synodaal werk. Van bovenaf stellen dat elk bisdom of elke bisschoppenconferentie synodaal moet werken, maar dat dan afstraffen wanneer het gebeurt, dat kan niet. We moeten de moed hebben om die brug ook écht te bouwen, in het besef dat voor alle bruggen een paar offers moeten gebracht worden.’
Van bovenaf stellen dat elk bisdom of elke bisschoppenconferentie synodaal moet werken, maar dat dan afstraffen wanneer het gebeurt, dat kan niet.
Met zijn boek pleit de bisschop van Antwerpen dan ook vurig om de uitdagingen waarvoor de Kerk nu staat plaatselijk een kans te geven, in verschillende dossiers, van homozegeningen tot gemengde huwelijken, van wijdingen van gehuwde priesters tot een kerkelijk ambt voor vrouwen, van de oecumene …
‘We moeten voort bruggen bouwen naar andere godsdiensten. We moeten hier moediger zijn en meer vertrouwen geven aan wat mensen ter plaatse doen. Mooie theoretische teksten uitschrijven om ze in de cloud te bewaren, haalt niets uit. Zolang het niet ter plaatse gebeurt en concreet wordt, verandert er nog niets.’
Gedreven vervolgt hij: ‘Synodaliteit heeft maar zin als er verschillende ervaringen en inzichten samengebracht worden. Geef die diversiteit eerst een kans. Nadien kun je alle puzzelstukken weer samenbrengen. Waarom hebben we het altijd zo voorzichtig over ‘eenheid in verscheidenheid’ in de Kerk? Alsof eenheid een zegen is, en verscheidenheid een vloek. Waarom kunnen we die ‘verscheidenheid’ eerst niet voluit een kans geven? Je kunt maar werken aan eenheid als er voldoende ruimte is voor verscheidenheid.’
Tegen de stroom
Kortom, met het boek wil de bisschop van Antwerpen christenen oproepen om de moed te hebben om aan bruggen te bouwen en erin te verdwijnen, om tegen de stroom in te gaan en tegelijk hoopvol te zijn. ‘De brug komt er maar omdat er mensen bereid zijn offers te brengen. Dat is juist de betekenis van de Bergrede. Als Jezus spreekt over ‘Zalig zij die hongeren en dorsten naar gerechtigheid, zalig de barmhartigen, zalig de vredestichters …’ heeft hij het over mensen zonder wie de brug er nooit zou komen.’
Om hoopvol te besluiten: ‘Trek het je aan, durf het anders te doen, laat je niet te vlug omverblazen, het is maar door dat te doen wat moet en daarin stand te houden, dat dat men bruggen naar een betere samenleving en een betere wereld en Kerk kan bouwen.’
Johan Bonny, Bisschop op de brug, 208 blz., Manteau, 24,99 euro.









