Kerk ontkent inmenging in Operatie Kelk en bevestigt steun aan slachtoffers
De Kerk heeft zich enkel legitiem proberen te verdedigen in lopende processen via haar advocaten, wat normaal is in een rechtsstaat. Blijkbaar wordt dat nu in het rapport van de onderzoekscommissie omschreven als 'pogingen tot beïnvloeding'. De bisschoppenconferentie blijft bij haar standpunt: er is geen ongeoorloofde inmenging noch een poging tot beïnvloeding van haar kant geweest. De gerechtelijke autoriteiten hebben dat trouwens herhaaldelijk bevestigd in deze en in een vorige parlementaire commissie. Bovendien besluit de onderzoekscommissie zelf in haar eindrapport dat er geen bewijzen zijn voor ongeoorloofde inmenging.
De Bisschoppenconferentie blijft bij haar standpunt: er is geen ongeoorloofde inmenging noch een poging tot beïnvloeding van haar kant geweest. De gerechtelijke autoriteiten hebben dat trouwens herhaaldelijk bevestigd in deze en in een vorige parlementaire commissie.
De bisschoppenconferentie wacht nu verder af om het eindrapport zelf te kunnen lezen.
Meer dan ooit bevestigen de bisschoppen hun nabijheid met de slachtoffers van seksueel misbruik. Hun lijden blijft centraal staan. Zij onderstrepen hun blijvende engagement voor een nultolerantiebeleid, erkenning van feiten en ondersteuning van slachtoffers. De voorbije jaren werden heel wat concrete maatregelen genomen: meldpunten en begeleidingsstructuren, samenwerking met onafhankelijke instanties, opleidingen voor medewerkers en financiële tegemoetkoming voor slachtoffers van voor Justitie verjaarde feiten via de Stichting Dignity – intussen goed voor ongeveer 9 miljoen euro. In dat kader werd vorig jaar ook een nationale coördinator aangesteld, die reeds een concreet nieuw beleidsplan heeft uitgewerkt en nu uitvoert binnen de Stichting Dignity.
'Elke ontmoeting met slachtoffers confronteert ons opnieuw met hun blijvende pijn. De Kerk blijft onverminderd aan de zijde van de slachtoffers staan en elke vorm van misbruik bestrijden. Wij nemen daarin onze verantwoordelijkheid', aldus aartsbisschop Luc Terlinden.