Dode Zeerollen ouder dan gedacht, aldus Gronings onderzoek
Voor het eerst zijn er Bijbelteksten ontdekt die dateren uit de tijd waarin ze zijn ontstaan. Dat meldt het Dagblad van het Noorden op basis van onderzoek aan de Rijksuniversiteit Groningen, uitgevoerd samen met wetenschappers uit Denemarken, Italië en België.
Het is heel spannend dat we nu in de tijd van de Bijbelschrijvers zelf rollen.
Mladen Popovic
Qumran Instituut
Nieuwe dateringsmethode
Het onderzoek paste een nieuwe dateringsmethode toe op de oudste verzameling manuscripten met Bijbelteksten: de Dode Zeerollen, die tussen 1947 en 1956 in grotten bij de Dode Zee zijn gevonden.
De nieuwe dateringsmethode werd ontwikkeld door het Qumran Instituut in samenwerking met de afdeling Kunstmatige Intelligentie en het Centrum voor Isotopen Onderzoek. Ze combineert nieuwe C14-dateringen met analyses van lettervormen en schrijfstijlen, uitgevoerd met behulp van kunstmatige intelligentie.
Daniël en Prediker
Twee fragmenten, één uit het Bijbelboek Daniël en één uit Prediker, blijken te stammen uit de tijd waarin de boeken volgens wetenschappers werden geschreven.
'Het is heel spannend dat we nu in de tijd van de Bijbelschrijvers zelf rollen,' zegt onderzoeksleider Mladen Popovic. 'Dat is voor het eerst.'
Popovic, hoofd van het Qumran Instituut en decaan van de Faculteit Religie, Cultuur en Maatschappij, denkt overigens niet dat het de originele Bijbelboeken zijn. 'Het zou kunnen. Maar we denken van niet omdat er wat typische kopiistenfoutjes in staan.'
De nieuwe chronologie heeft belangrijke implicaties voor onze kennis van de geschiedenis van het rabbijnse jodendom, het christendom én de Qumrangemeenschap die de Dode Zeerollen verzamelde.
Nederlandse exclusiviteit
Aan het Qumran Instituut van de Rijksuniversiteit Groningen wordt al bijna 65 jaar onderzoek gedaan naar de ongeveer duizend manuscripten die (in snippers en grotere fragmenten) tussen 1947 en 1956 werden gevonden in grotten bij Qumran, aan de oevers van de Dode Zee.
Toen in 1956 grot 11 werd ontdekt, betaalde Nederland omgerekend 1 miljoen euro voor het exclusieve recht op onderzoek, vertaling en publicatie van de teksten. Dit leidde in 1961 tot de oprichting van het Qumran Instituut.
Bron: DVHN








