Raad voor de Journalistiek verklaart klacht van Jan Hertogen tegen VRT ongegrond
De VRT heeft geen deontologische fouten gemaakt bij de verslaggeving van het bezoek van Belgische misbruikslachtoffers aan paus Leo, in november vorig jaar. Dat besluit de Raad voor de Journalistiek in een zopas gepubliceerde uitspraak.
De klacht
Jan Hertogen had namens de ‘Overleggroep slachtoffers-Kerk’ klacht ingediend tegen de nieuwsredactie van VRT. Hij verweet de omroep een gebrek aan objectiviteit in de verslaggeving over dat bezoek. Hertogen vond het niet kunnen dat de VRT-journaliste leden voor de camera haalde met eisen en initiatieven die niet door de hele groep werden gedragen.
Ook in De Afspraak kwam alleen één slachtoffer zijn persoonlijke eisen toelichten, namelijk de vraag om het ontslag van aartsbisschop Terlinden en een schadevergoeding van 1 miljoen euro. Volgens Hertogen is de berichtgeving van VRT NWS door de onvolledigheid niet waarheidsgetrouw en niet waarachtig. Hij stelt zich ook de vraag of de journaliste haar onafhankelijkheid bewaard heeft, door slechts bij een deel van de delegatie informatie in te winnen.
Verweer van de VRT
In een reactie op de klacht stelt de VRT dat de redactie vrij is in de keuze wie ze aan het woord laat. Ze is niet verplicht om een woordvoerder of delegatieleider aan het woord te laten. Er is ook geen beroepsethische regel die bepaalt dat in elk journalistiek verslag telkens alle stemmen gehoord moeten worden. En er wordt nergens beweerd dat 1 slachtoffer sprak in naam van alle slachtoffers. VRT NWS heeft wel over alle platformen heen (nieuwsbulletins, radioduidingsprogramma's..) alle stemmen laten horen, zo stelt de omroep.
Van de groep van 15 waren er vijf slachtoffers die interviews wilden geven en in beeld wilden komen, stelt de VRT. Die zijn alle vijf in de berichtgeving van VRT NWS aan het woord gelaten om een veelheid van meningen te horen. Het is nu eenmaal onmogelijk om in één uitzending telkens alle stemmen aan het woord te laten.
VRT NWS verwerpt ook de insinuaties dat de nieuwsdienst in opdracht van een documentaire van VRT Studio’s gewerkt zou hebben.
De VRT verwijt Jan Hertogen op zijn beurt een gebrek aan discretie. Hij publiceerde zijn klacht op zijn eigen website, waardoor die door andere kanalen werd opgepikt nog voor er een uitspraak over de klacht was.
Uitspraak van de Raad voor de Journalistiek
De Raad voor de Journalistiek (RvdJ) vindt het eigen aan nieuwsverslaggeving dat een incident tijdens het gesprek met de paus — de eis om ontslag van aartsbisschop Terlinden – de bovenhand neemt. Het interview in De Afspraak ging niet alleen daarover. De persoon die daar het woord voerde, vertelde ook dat de paus hen hartelijk ontvangen heeft, dat hij goed voorbereid overkwam en dat hij hen het gevoel gaf dat hij echt luisterde. Dat niet alle aspecten uit het gesprek met de paus even uitgebreid belicht worden, betekent volgens de RvdJ niet dat de berichtgeving niet waarheidsgetrouw is.
Nog volgens de RvdJ behoort het tot de vrijheid van de redactie om te kiezen wie ze aan het woord laat. Bovendien is er geen beroepsethische regel die bepaalt dat een journalist alleen een woordvoerder mag spreken, als die al aangeduid zou zijn, wat in dit geval niet duidelijk was, oordeelt de RvdJ.
De VRT NWS-journaliste was in Rome om verslag uit te brengen over de ontmoeting met de paus en volgt al jaren de zaak rond seksueel misbruik in de Kerk. De Afspraak vraagt haar mee te gast in het programma om een en ander te duiden. Zij heeft daarbij de vrijheid om haar mening te uiten of een standpunt in te nemen, zoals bepaald in artikel 5 van de Code, stelt de RvdJ.
Verder zijn er geen aanwijzingen dat VRT NWS en de journaliste in deze zaak niet onafhankelijk hun werk hebben kunnen uitvoeren.
De Raad voor de Journalistiek verklaart de klacht dan ook ongegrond. Dit betekent dat ze vindt dat de VRT nieuwsredactie haar werk correct heeft gedaan en dat er geen deontologische fouten zijn gemaakt.








