Katelijne Boon (Klara): ‘Samen zingen verbindt mensen op een unieke manier’
Wat dacht je toen Otheo een Top 100 van spirituele muziek lanceerde?
‘Dat het een leuk initiatief is! Bij Klara stellen we eind november jaarlijks een Top 100 van klassieke muziek samen. Daarin valt telkens op hoe geliefd de religieuze of spirituele muziek wel is. Een groot deel van de Top 100 is religieus. Ook mijn eigen favorieten zijn allemaal religieus, heb ik gemerkt toen ik jullie lijst bekeek.’
Welk werk mocht daarin voor jou absoluut niet ontbreken?
‘Te veel om op te noemen! Er zijn zoveel werken waar ik hartstochtelijk van hou. Als ik de lijst op Spotify bekijk, komen haast bij elk stuk spontaan herinneringen in mij op. Dat lied heb ik dààr gezongen, in dié kapel, met dat koor en die dirigent… De ontroering en de begeestering bij het zingen ervan kan ik zo terughalen.’
‘Andere werken heb ik ontelbare keren gezongen zonder ze ooit beu te worden. Neem nu de Mattheuspassie van Bach. Hoe meer ik die zing, hoe meer ik me kan verdiepen in de betekenis van de teksten. Vroeger was ik al blij als ik de noten kon zingen met de nuances die de dirigent verwachtte. Nu dring ik meer en meer door tot de bedoeling van de componist toen hij het schreef. Ook merk je in je leven of in de samenleving dingen op die daarmee resoneren. Neem nu de passie van Christus. Dat verhaal herhaalt zich. Dezelfde dynamieken spelen ook vandaag. De muziek kan mij daarbij enorm troosten en kracht geven.’
Wanneer beleven mensen muziek het meest intens? Vaak is dat bij de grote momenten in het leven, als we iets te vieren hebben of afscheid nemen.
Vertel eens zo’n herinnering die aan een bepaald muziekstuk vasthangt.
‘Ooit vroeg Koen Peeters in mijn programma De Liefhebber het lied Otche Nash (Onze Vader) van Nicolai Kedrov aan. We hebben dat ooit opgenomen met ons vrouwenkwartet Dulce Lovanium. Normaal vermijd ik eigen uitvoeringen in het programma, maar Koen wou per se de versie van Dulce. Ik heb dan maar in de uitzending verteld dat ik zelf meezong in deze uitvoering. Van een gedetineerde kreeg ik ooit een brief omdat hij onze cd wilde bestellen. Daar was ik echt door geraakt.’
‘Met het Vlaams Radiokoor zongen we eens de dodenmis van Pierre Bouteiller. Hervé Niquet vertelde op de repetitie dat zo’n mis vaak de enige gelegenheid was waarop gewone mensen in aanraking kwamen met dit soort muziek. Verder kenden ze alleen de muziek die in de herberg gespeeld werd. Tijdens zo’n requiem kregen mensen een soort vooruitblik op de hemel, dat was de bedoeling. Zo moet het ook gezongen worden, alsof de hemel opengaat. Dat is me altijd bijgebleven.’
Zitten er verrassingen voor jou in de lijst?
Stem mee
‘Ik kende nog niet alles van wat de redactie had voorgesteld, dus ik heb nog een paar aangename ontdekkingen kunnen doen, zoals bijvoorbeeld Even When He Is Silent van Kim André Arnesen. Inderdaad een heel mooi werk. Of And The Swallow van Caroline Shaw, ook prachtig. Maar ik zou ze toch niet inwisselen voor mijn eigen favorieten. (lacht)’
Hoe zou jij spirituele muziek definiëren?
‘Dat is inderdaad niet makkelijk. Met spirituele muziek bedoelen we enerzijds religieuze muziek, die duidelijk teruggaat op religieuze bronnen en geschreven is voor een bepaalde ritus, en anderzijds muziek die breder gaat en je confronteert met de diepere zin van het leven. Een typevoorbeeld van religieuze muziek is een gregoriaans Salve Regina. Arvo Pärts Spiegel im Spiegel kun je dan weer spirituele muziek noemen.’
‘Op het slotconcert van het festival Musica Divina zong het Vlaams Radiokoor The Sacred Veil van Eric Whitacre. Hij componeerde het nummer op basis van gedichten van zijn beste vriend Charles Anthony Silvestri over zijn vrouw Julie, die overleed aan kanker. Het werk vertrekt van gevoelens waarin iedereen zich kan herkennen en die je doen stilstaan bij de grote levensvragen.’
‘En dan heb je nog religieuze muziek die niet per se uit de christelijke traditie komt, zoals Kol Nidrei van Max Bruch, een liturgische formule uit de joodse traditie (ze wordt in de synagoge gereciteerd op de avond van Jom Kipoer, red.). Er is ook een oud boeddhistisch gebed bij van de vrouwelijke componiste Lili Boulanger.’
De eerste keer dat ik in een koortje meezong, gebeurde er iets dat me nooit meer losgelaten heeft.
Een groot deel van de werken behoort tot de klassieke muziek. Niet toevallig?
‘Klassieke muziek is nu eenmaal heel vaak religieus en spiritueel. En je kunt in zo’n lijst ook niet alle genres gaan mengen. Het is al moeilijk genoeg om slechts honderd klassieke werken te selecteren! Er is ook hedendaags klassiek bij, maar de meeste werken hebben hun eeuwigheidswaarde al bewezen. Ze zijn generatie op generatie doorgegeven. Dat kunnen we van popartiesten nog niet zeggen.’
Het is ook bijna allemaal vocale muziek. Daar ben je als zangeres wellicht niet rouwig om.
‘Een Top 100 samenstellen met alleen instrumentale religieuze muziek zou een stuk moeilijker zijn. Je beleeft de muziek toch anders als er woorden bij komen en je ze kunt zingen, vind ik, en ik denk dat veel luisteraars die overtuiging delen. Wanneer beleven mensen muziek het meest intens? Vaak is dat bij de grote momenten in het leven, als we iets te vieren hebben of afscheid nemen. Ook als je niet praktiserend bent, kan zo’n uur in de kerk betekenen dat je even niet met je mobiele telefoon bezig bent en het stil maakt in jezelf. De muziek kan dan dubbel zo hard raken. Zo’n moment blijft vaak aan die muziek gekoppeld en nestelt zich in je hart.’
‘Ooit zat misdaadauteur Toni Coppers bij mij in de uitzending van De Liefhebber. Hij vertelde over een moment waarop hij zijn auto aan de kant moest zetten omdat een lied op de radio hem zo raakte. Het ging om Parce Mihi Domine van Cristóbal de Morales, gezongen door The Hilliard Ensemble en begeleid door saxofonist Jan Garbarek. Als muziek zo kan resoneren met wat je op een bepaald moment voelt, dan komt het hard binnen.’
‘Voor mij is zingen een vorm van thuiskomen. Ik ben zo blij dat we binnenkort weer beginnen te repeteren voor een kerstconcert. Dat is het toppunt van thuiskomen.’
Wat is jouw vroegste muzikale herinnering?
‘Ik kom uit een heel muzikale familie langs vaders kant. Ze waren met dertien thuis en meerdere broers en zussen zijn professioneel muzikant geworden of muziekleraar. Familiebijeenkomsten begonnen vaak met een mis, waarin nonkel Piet orgel speelde en tante Toi zong. Maar de eerste keer dat ik in een koortje meezong, is er iets gebeurd dat me nooit meer losgelaten heeft. Het was een kerkkoor en de jonge, dynamische pastoor liet ons gregoriaans zingen. Lang heeft dat niet geduurd, maar mijn zus Marijke en ik hebben toen de smaak van het zingen te pakken gekregen.’
‘Toen ik in Leuven ging studeren, ben ik bij Concinite terechtgekomen. Ik keek elke week uit naar de repetitie en naar de mis op zondag. Zingen doet me nog altijd deugd, alleen al puur fysiek. Bewust ademen, opgaan in de groep, de controle loslaten en uitvoeren wat de partituur en de dirigent vragen. Dat is allemaal zo heilzaam.’
Je zou haast zeggen: zingen kan de wereld redden.
(lacht) ‘Ja, misschien zouden ze daar de vergadering in het parlement eens mee moeten beginnen: tien minuutjes samenzang! Ik ben er echt van overtuigd dat zingen mensen verbindt op een unieke manier. Het is ook een intellectuele uitdaging om de noten en tekst juist te plaatsen. Zo jammer dat er nauwelijks nog gezongen wordt in het onderwijs. Of bij de jeugdbeweging. Hoeveel mensen hebben geen zalige herinneringen aan het zingen van het Avondlied bij het kampvuur? Zo jammer trouwens dat daar geen goede opname van bestaat!’
‘Je kan heel goed zien wat samen zingen met mensen doet als je de Engelse singer-songwriter Jacob Collier bezig ziet op een podium. Hij geeft een paar tonen en doet een hele zaal akkoorden zingen. Dan ontstaat er iets magisch. Overigens, iedereen kan zingen. Dat was de overtuiging van Karel Aerts, dirigent destijds van Concinite. Wie nog niet toonvast was, mocht in het koor gaan staan om te luisteren en zijn gehoor te vormen. Op de duur lukte het wel.’
Je leerde ook piano en cello, maar zingen bleef je eerste liefde?
‘Absoluut. Het is ook gemakkelijk, hé, je hebt je instrument altijd bij! Solo zingen is echter minder aan mij besteed, een korte solo in een koorwerk niet te na gesproken. Dat doe ik wel eens bij Polyfoon, maar ik voel me toch liefst omringd. Ooit nam ik deel aan een zangwedstrijd, maar ik dacht dat het een orgelwedstrijd was. Dat ging zo. Een collega-student aan de academie had zich ingeschreven als organist en een van de opdrachten was om een zanger te begeleiden op het orgel. Ik wilde hem daar wel bij helpen, maar had dus absoluut niet door dat dit betekende dat ik automatisch meedeed met de zangwedstrijd. Het toppunt van al was dat ik ook nog eens in de prijzen viel. Had ik geweten dat ze ook mij gingen beoordelen en niet alleen de orgelist, dan was het zeker niet zo goed gegaan.’
Je hebt vier volwassen kinderen. Heb je de muziekmicrobe doorgegeven?
‘Ja, hoor. Ik vond het heerlijk om met hen te musiceren. De oudste dochters hebben ook altijd gezongen. En binnenkort zal ik dat ook doen met ons eerste kleinkind. Hij is net zeven maanden en we luisteren heel veel muziek samen. Ik denk wel dat hij muzikaal aangelegd is, want hij wordt daar zo rustig van.’
‘Nog meer dan met je eigen kinderen is het nu volop genieten van elk stapje in de ontwikkeling. Je hoeft niet meer te stressen over de vraag of je het wel goed doet. Ik kan uren naar hem kijken. Heel helend vind ik ook om mijn echtgenoot met hem bezig te zien. Destijds heeft hij dat allemaal gemist. Als arts ging hij toen volledig op in zijn werk. Ik ben enkele jaren thuisgebleven om voor de kinderen te zorgen. Maar nu is hij dat allemaal aan het goedmaken, zo lijkt het wel.’
Meer over de Otheo Top 100
Zin om te stemmen? Ga naar www.otheo.be/top100













