Jezus Christus onze hoop - paus Leo XIV [catechese]
Cyclus – Jubileum 2025.Jezus Christus onze hoop. II Het leven van Jezus. Parabels. 8. De arbeiders in de wijngaard. “En Hij zei hen: ‘Gaan ook jullie in de wijngaard’”(Mt 20,4)
Geliefde broeders en zusters,
Ik wens opnieuw stil te staan bij een parabel van Jezus. Ook in dit geval gaat het om een verhaal dat onze hoop voedt. Soms hebben we de indruk dat we geen zin in ons leven vinden: we voelen ons nutteloos, onaangepast, net zoals arbeiders die op het marktplein wachten op iemand die hen in dienst neemt. Soms gaat de tijd voorbij, het leven vliet verder en wij voelen ons niet erkend of gewaardeerd. Misschien kwamen we niet op tijd, anderen hebben zich vóór ons aangeboden of zorgen hebben ons elders opgehouden.
Het beeld van het marktplein is erg geschikt in onze tijd omdat de markt de plaats van zakendoen is. Maar spijtig genoeg is het soms gelegenheid waar men waardering en waardigheid koopt en verkoopt om er baat bij te vinden. Wanneer men zich niet gewaardeerd, erkend voelt, bestaat zelfs het gevaar dat men zich verkoopt aan de eerste bieder. De Heer herinnert ons dat ons leven waarde heeft en Hij wenst ons te helpen om dat te ontdekken.
Ook in de parabel waarbij we vandaag stilstaan, gaat het om arbeiders wachtend op iemand die hen voor een dag aanwerft. Dat is in het hoofdstuk 20 van het Evangelie volgens Matteüs. We treffen een persoon aan met een ongewoon gedrag, dat vragen oproept en verbaast. Hij is eigenaar van een wijngaard, die zelf op pad gaat om arbeiders te zoeken.. Duidelijk om met hen een persoonlijke band te hebben.
Zoals ik reeds zegde, het gaat om een parabel die hoop wekt, omdat ons duidelijk wordt gemaakt dat de eigenaar er meerdere keren op uitgaat op zoek naar wie aan zijn leven tracht zin te geven. De eigenaar gaat in de vroege morgen op pad en daarna om de drie uren, op zoek naar arbeiders om naar de wijngaard te zenden. Rekening houdend met dit verloop is het duidelijk dat het geen zin meer heeft om na drie uur in de namiddag nog op pad te gaan. De werkdag eindigt immers om zes uur ’s avonds.
Parabel van de hoop
Deze onvermoeibare eigenaar, die onherroepelijk waarde wil geven aan het leven van ieder van ons, gaat er ook om vijf uur ‘s namiddags nog op uit. Waarschijnlijk hadden de arbeiders op het marktplein reeds alle hoop laten varen. Het was een verloren dag geweest. En toch heeft iemand nog in hen geloofd. Wat is de betekenis van het in dienst nemen van arbeiders voor het laatste uur van de werkdag? Welke zin heeft het om slechts één uur te gaan werken? En toch, wanneer het lijkt dat men in het leven slechts weinig kan doen, toch blijft dat steeds de moeite waard. Er bestaat steeds de mogelijkheid een zin te vinden, want God houdt van ons leven. Zo komt de originaliteit van deze eigenaar ook op het einde van de dag aan het licht, op het ogenblik van de verloning. Met de eerste arbeiders die van ’s morgensvroeg in de wijngaard gingen, had de eigenaar een afspraak van één denaro, het gangbare bedrag voor een werkdag.. Aan de anderen zegt hij dat hij zal geven wat rechtvaardig is. Juist op dit punt wordt de parabel uitdagend: wat is rechtvaardig? Voor de eigenaar van de wijngaard, dat wil zeggen voor God, is het rechtvaardig dat elkeen krijgt wat men nodig heeft om te leven. Hij heeft de arbeiders persoonlijk geroepen, kent hun waardigheid en op grond daarvan wil hij hen vergoeden. Hij geeft aan elk een denaro. Het verhaal zegt dat de arbeiders van het eerste uur ontgoocheld achterbleven. Zij zien de schoonheid niet van het gebaar van de eigenaar. Die is niet onrechtvaardige geweest, maar milddadige. Hij heeft niet slechts met de verdienste rekening gehouden, maar ook met de behoefte. God wil aan allen zijn Rijk schenken, dat wil zeggen: het volle leven, eeuwig en gelukkig. Zo handelt Jezus met ons: Hij werkt niet met rangen. Wie voor Hem zijn hart opent, daaraan geeft Hij geheel zichzelf. Zichzelf. In het licht deze parabel, zou een christen vandaag kunnen denken: “Waarom meteen beginnen werken? Als de verloning dezelfde is, waarom langer werken?” Op deze twijfels antwoordde de H. Augustinus als volgt: “Waarom ben je traag in het volgen van wie je roept, terwijl je zeker bent van de verloning maar niet van het ogenblik? Let op dat je jezelf niet berooft door uit te stellen wat Hij je zal geven op grond van zijn belofte” (Discorso 87, 6, 8).
Ik zou, vooral aan de jongeren, willen zeggen om niet te wachten, maar met enthousiasme aan de Heer te antwoorden wanneer Hij ons roept om in zijn wijngaard te werken. Niet uitstellen, de mouwen opschorten, want de Heer is mild en je zult niet ontgoocheld worden! Door in zijn wijngaard te werken, zul je een antwoord vinden op die diepe vraag die in je leeft: wat is de zin van mijn leven?
Geliefde broeders en zusters, laten we ons niet ontmoedigen! Ook in de duisteren momenten van het leven, wanneer de tijd voorbijgaat zonder het antwoord dat we zoeken, laten we dan de Heer bidden dat Hij nogmaals naar buitenkomt en bij ons, daar waar we staan te wachten. De Heer is mild en zal spoedig komen!
Vertaald uit het Italiaans door Marcel De Pauw msc
