Jongeren verliezen geloof niet, wel vertrouwen in religieuze instituties – Bahattin Koçak [opinie]
Begin van deze week bracht VRT NWS het bericht dat er geen sprake is van een religieuze revival bij jongeren. Het recente onderzoek waarnaar werd verwezen, lijkt dat op het eerste gezicht te bevestigen. Jongeren hechten vandaag minder belang aan geloof, volgen religieuze regels minder strikt en laten meer ruimte voor reflectie dan vijf jaar geleden.
De secularisering zet zich dus voort. Maar wie het onderzoek aandachtig leest, ziet iets complexers. Meer zelfs, iets confronterenders, vooral voor religieuze instellingen zelf.
Geen religieuze heropleving in klassieke zin
Lees ook
Het Facts & Figures-onderzoek van het Jongerenonderzoeksplatform toont een paradoxaal beeld. Het belang dat jongeren hechten aan geloof daalt, maar tegelijk nemen katholieke en moslimjongeren in 2023 significant vaker deel aan religieuze diensten dan in 2018. Religie verliest terrein als vanzelfsprekend persoonlijk referentiekader, maar wint aan betekenis als sociale en gemeenschapspraktijk.
Dat is geen religieuze heropleving in klassieke zin. Het is een herordening van religie: minder erfgoed, meer keuze; minder innerlijke zekerheid, meer zichtbare praktijk; minder vanzelfsprekendheid, meer bewuste positionering.
Religie verliest terrein als vanzelfsprekend persoonlijk referentiekader, maar wint aan betekenis als sociale en gemeenschapspraktijk.
Dat is geen religieuze heropleving in klassieke zin. Het is een herordening van religie: minder erfgoed, meer keuze; minder innerlijke zekerheid, meer zichtbare praktijk; minder vanzelfsprekendheid, meer bewuste positionering.
Precies dát verklaart ook waarom het recente onderzoek waarover VRT NWS berichtte, niet zozeer wijst op een afkeer van geloof bij jongeren, maar op een groeiende afstand tot de instituties die zeggen dat geloof te vertegenwoordigen.
Mijn ervaring met Kerk
Voor klassieke religieuze instituties zoals de Kerk is de leegloop van de voorbije decennia een pijnlijke realiteit. Die kan niet langer verklaard worden door 'ontkerkelijking alleen'. Veel jongeren ervaren de Kerk als traag, hiërarchisch en moeilijk in gesprek met hun leefwereld. Dat verwijt is niet onterecht.
Maar dit verhaal verdient nuance. De Kerk heeft haar crisis erkend en zoekt met vallen en opstaan naar nieuwe vormen van betrokkenheid. Initiatieven zoals de Wereldjongerendagen, christelijke jongerenfestivals en vernieuwende pastorale trajecten tonen een institutioneel besef: jongeren bereik je niet met herhaling van oude vormen, maar met ontmoeting, participatie en taal die aansluit bij hun leefwereld. Niet alles werkt, niet overal, maar het getuigt van leerbereidheid.
Katholieke Kerk getuigt van leerbereidheid.
Bahattin Koçak
Die nuance ervoer ik ook persoonlijk, toen ik jaren geleden werd uitgenodigd om te spreken tijdens een kerkdienst in Mechelen. Wat me toen het meest bijbleef, was niet de preek, maar wat er parallel gebeurde. Voor kinderen was er een nevendienst die inhoudelijk verbonden was met hetzelfde thema. Ze mochten luisteren, tekenen en zingen rond de kern van de viering. Geen kinderopvang, maar participatie. Geen aparte wereld, maar één gedeeld verhaal, vertaald naar verschillende leeftijden.
Het was een eenvoudige ingreep, maar ze zei veel: jongeren en kinderen haken niet af omdat geloof irrelevant is, maar omdat ze zich te vaak niet ernstig genomen voelen.
Ruimte voor kritiek scheppen
Het onderzoek toont tegelijk dat moslimjongeren gemiddeld nog steeds het grootste belang hechten aan geloof, maar dat ook bij hen dit belang tussen 2018 en 2023 significant daalt. Tegelijk nemen zij vaker deel aan religieuze diensten en ervaren zij de hoogste sociaalreligieuze druk van alle groepen. Dat spanningsveld is veelzeggend.
In de Belgische context botst dit op een pijnlijk institutioneel tekort. De aanhoudende discussies over de Moslimraad en de Moslimexecutieve draaien vooral rond representatie, procedures en legitimiteit. Wie spreekt namens wie? Wie wordt erkend? Wie krijgt het mandaat? Dat zijn belangrijke vragen, maar het zijn niet de vragen die jongeren wakker houden.
Wat jongeren vandaag nodig hebben, zijn geen beschermde zones voor twijfel, maar echte ruimte voor kritiek: het recht om vragen te stellen.
Wat jongeren vandaag nodig hebben, zijn geen beschermde zones voor twijfel, maar echte ruimte voor kritiek: het recht om vragen te stellen, praktijken te bevragen en autoriteit uit te dagen, zonder dat betrokkenheid wordt verward met ongehoorzaamheid. Net die kritische ruimte ontbreekt vaak. Religieuze structuren slagen er moeilijk in om kritiek te zien als een vorm van betrokkenheid, eerder dan als een bedreiging.
Lees ook
Het onderzoek laat nochtans zien dat jongeren vandaag meer reflectief omgaan met religie dan vijf jaar geleden. Die houding vraagt geen strengere structuren of luidere stemmen, maar relationele volwassenheid en institutionele nederigheid.
Dit onderzoek toont dus geen eenvoudige teloorgang van religie, maar een dubbele beweging: minder innerlijke overtuiging, meer sociale praktijk. Wie daar alleen secularisering in ziet, kijkt te oppervlakkig. Wie er een revival in ziet, leest selectief.
De echte crisis is institutioneel. Jongeren leven in een netwerkmaatschappij. Ze denken horizontaal, verwachten transparantie, dialoog en het recht op tegenspraak. Religieuze instellingen die blijven spreken vanuit positie in plaats van relatie, vanuit controle in plaats van vertrouwen, verliezen aansluiting ongeacht hun traditie.
Misschien is er geen religieuze revival. Maar er is wél een duidelijke boodschap. Jongeren zijn niet verdwenen. Ze staan alleen niet meer waar wij hen verwachten.
Auteur: Bahattin Koçak, islamleraar en bestuurslid Islamitische denktank Fikr

