Twee nieuwe bisschoppen: wat we kunnen leren uit de keuze van paus Leo - Benoit Lannoo [standpunt]
De ‘kenners’ die de twee kersverse Belgische bisschoppen op hun lijstje hadden, zijn op minder dan een hand te tellen. De verrassende keuzes van Leo XIV van maandag zeggen veel over welke rol de nieuwe paus denkt dat Kerk en geloof in onze de samenleving kan of moet spelen.
Het was lang wachten op een nieuwe bisschop van Doornik en een nieuwe bisschop van Namen. Zolang zelfs dat uittredend bisschop van Doornik, de 77-jarige Guy Harpigny, tijdens de jaarlijkse chrismasmis in april vorig jaar in weinig diplomatische bewoordingen zijn beklag deed omdat hij intussen al twee jaar lang pensioengerechtigd was terwijl maar geen duidelijkheid kwam over een eventuele opvolger… en omdat nuntius Franco Coppola (dat is de ambassadeur van de paus die in zo’n opvolgingskwestie de regie heeft) zich intussen permitteerde her en der kritiek op de Belgische Kerk te uiten. Maar maandag was het eindelijk zover: in Brussel werd Frédéric Rossignol, een spiritijnermissionaris van 51 jaar, als nieuwe bisschop van Doornik voorgesteld, en Fabien Lejeusne, een 52-jarige Belgisch-Franse assumptionistenmissionaris, als nieuwe bisschop van Namen.
Religieuzen
Toen Luc Terlinden twee jaar geleden op 55-jarige leeftijd aartsbisschop van Mechelen-Brussel werd, werd dat een piepjonge benoeming genoemd; zowel Rossignol als Lejeusne zijn echter enkele jaren pieper. Maar vooral: zij zijn geen van beide diocesane priesters, maar religieuzen. Nu had paus Franciscus in 2020 als verrast door de trappist Lode Van Hecke in Gent tot bisschop te benoemen; zijn opvolger gaat resoluut voort met de benoeming tot bisschop van religieuzen, en in het bijzonder nog van missionarissen.
Lees ook
Gisteren maakte Leo XIV nog een spiritijn bisschop in Portugal, en de voorbije drie maanden benoemde hij kapucijnerpaters in Brazilië en Indonesië, een jezuïet en een missionaris van het Heilig Hart van Maria in India, een Consolata-missionaris in Mozambique, een marist en een missionaris van Sint-Paulus in Peru, een oblaat op de Filipijnen en een lazarist in Papoea-Nieuw-Guinea. Ook de nieuwe prefect van het dicasterie (een Vaticaans ministerie) voor de bisschopsbenoemingen is een religieus, namelijk een karmeliet. Terwijl paus Leo XIV zelf een augustijnermissionaris is.
Om te begrijpen wat dit kan betekenen, moeten we even terugkeren naar de twee nieuwe Belgische bisschoppen. Fabien Lejeusne, die op 7 december in Namen bisschop wordt gewijd, werd pas op zijn achttiende gedoopt en werkte jarenlang als meubelrestaurateur alvorens hij op een religieuze roeping inging. Rossignol werkte tevoren jarenlang in Vietnam en Bolivië. Beide mannen behoren dus absoluut niet tot de gevestigde kerkstructuren. Ze hebben beiden hun religieuze orde een tijdlang geleid, de ene in het Verre Oosten, de andere in Europa. Maar vooral: zij hebben allebei ruime ervaring in pastoraal werk in omgevingen die niet per definitie christelijk zijn. Het zijn allebei missionarissen pure sang, die alles geven om “aan armen het Goede Nieuws te brengen, aan gevangenen hun bevrijding bekend te maken, aan blinden het herstel van hun zicht, en om onderdrukten hun vrijheid te geven”, zoals Jezus in de synagoge van Nazareth de profetie van Jesaja parafraseerde (Lucas 4,18).
Nazareth
Jezus werd in zijn thuisstad niet bepaald welkom – ‘Geen enkele profeet is welkom in zijn vaderstad’ (Lucas 4,24) – omdat hij zich uitsprak tegen de heersende cultuur. Misschien is dat wel wat paus Leo XIV voor ogen heeft. De westerse cultuur is niet langer christelijk, net zoals de cultuur in vele miljoenensteden in het Zuiden dat niet is.
Lees ook
Bisschoppen moeten niet tot de notabelen van de stad willen behoren, zoals pakweg een gouverneur of de voorzitter van de lokale serviceclub. Bisschoppen dienen te allen tijde profetisch te spreken, en een ongemakkelijke boodschap te brengen, tegen de heersende cultuur in van materieel bezit, recht van de sterkste en fysiek en psychisch geweld. De christelijke gemeente waar zij leiding aan geven dient trouwens niet groot te zijn – hoeveel kerken en hoeveel kerkgangers is eigenlijk irrelevant. Maar die christelijke gemeente dient het verschil te maken… voor wie arm of blind is, gevangen of onderdrukt.
Christenen kunnen nooit een status quo of gevestigde machten verdedigen, zij dienen op te komen voor verandering, voor bevrijding. Het Goede Nieuws is nooit was is of was, het is wat komen moet!
Dit alles is bijzonder relevant nu wereldwijd leiders en influencers zich opwerpen terwijl zij zich op het christendom beroepen – bijbels met hun naam op verkopen, met kruisbeelden zwaaien of ze op hun lichaam tatoeëren– en tegelijk het tegenovergestelde van de boodschap van Jezus verkondigen en verdedigen.
Dit alles is bijzonder relevant, nu sommigen een ‘C’ in hun blijven naam dragen, terwijl zij medeplichtig zwijgen als wie arm zijn niet worden geholpen maar integendeel verder verarmd, als wie onderdrukt zijn niet worden bevrijd maar hun onderdrukking integendeel bevestigd. Niet in onze naam, titelde oud-hoofdredacteur van Kerk & LevenMark Van de Voorde onlangs zijn nieuwste essay.
Het is duidelijk dat paus Leo XIV dat inzicht deelt. Zo fulmineerde kardinaal-aartsbisschop Robert McElroy enkele dagen geleden in de kathedraal van Washington nog tegen de migratiepolitiek van de regering-Trump: ‘Onze regering voert een uitgebreide campagne om miljoenen gezinnen en hardwerkende mannen en vrouwen te ontwortelen; zij zijn naar ons land gekomen op zoek naar een beter leven, inclusief om bij te dragen aan onze cultuur en samenleving.’
Niet in onze naam
McElroy behoort net als paus Leo XIV zelf tot de jongste kardinaalsbenoemingen van paus Francicus. Zijn woorden laten weinig aan de verbeelding over: ‘Het doel van deze regeringscampagne is angst. Ze berooft immigranten zonder papieren van vrede in hun leven, zodat ze in ellende 'zichzelf deporteren'.’ En verwijzend naar de parabel van de Barmhartige Samaritaan zegt kardinaal McElroy zonder omwegen: ‘Deze mensen zonder papieren zijn onze naasten. Wij mogen als burgers niet zwijgen terwijl dit diepe onrecht in onze naam wordt uitgevoerd.’
Maar niet alleen in de Verenigde Staten wordt onrecht als regeringspolitiek verheven door lui die zichzelf christenen noemen. Ook in de Vivaldi-regering hebben politici mensen de straat opgejaagd en aan hun lot overgelaten. Net zoals de huidige Arizona-regering er bewust voor kiest armen komende winter in de straten van onze steden van kou te laten sterven. We kunnen hopen dat de nieuwe bisschoppen die paus Leo benoemd heeft het Goede Nieuws niet in omfloerste woorden te verkondigen – want we staan niet sterk meer, mijnheer – maar een kat een kat zullen noemen.
Ja, het evangelie is radicaal en vergt enorme creativiteit van ons. Maar de Oproep tot christelijk verzet tegen populisme en antidemocratie – zoals de ondertitel van Van de Voordes essay luidt – mag zich niet beperken tot wat over de Atlantische Oceaan gebeurt. Ook en vooral in Europa, dat zich erop beroept ooit een christelijk continent geweest te zijn, mag de kerkgemeenschap – hoe klein ook – niet langer voor de lieve vrede gaan.
• Benoit Lannoo is kerkhistoricus en coördinator van de beweging voor Personalistische Inspiratie (#bPI)

