Commentaar Bijbellezing 23/8: ‘Levende kerken, levende mensen’ - Saskia Van den Kieboom
Evangelie: Matteüs 16, 13-20 — ‘Gij zijt Petrus; en op deze steenrots zal Ik mijn Kerk bouwen’
In die tijd kwam Jezus in de streek van Caesarea van Filippus en Hij stelde zijn leerlingen deze vraag: ‘Wie is, volgens de opvatting van de mensen, de Mensenzoon?’ Zij antwoordden: ‘Sommigen zeggen Johannes de Doper, anderen Elia, weer anderen Jeremia of een van de profeten.’ ‘Maar gij - sprak Hij tot hen -, wie zegt gij dat Ik ben?’ Simon Petrus antwoordde: ‘Gij zijt de Christus, de Zoon van de levende God.’ Jezus hernam: ‘Zalig zijt gij, Simon, zoon van Jona, want niet vlees en bloed hebben u dit geopenbaard maar mijn Vader die in de hemel is. Op mijn beurt zeg Ik u: Gij zijt Petrus; en op deze steenrots zal Ik mijn Kerk bouwen en de poorten van de hel zullen haar niet overweldigen. Ik zal u de sleutels geven van het Rijk der hemelen en wat gij zult binden op aarde zal ook in de hemel gebonden zijn, en wat gij zult ontbinden op aarde zal ook in de hemel ontbonden zijn.’ Daarop verbood Hij zijn leerlingen nadrukkelijk iemand te zeggen, dat Hij de Christus was.
Commentaar Saskia Van den Kieboom: ‘Levende kerken, levende mensen’
Op deze steenrots zal ik mijn Kerk bouwen en de poorten van de hel zullen haar niet overweldigen. Er zijn inmiddels heel wat kerken gebouwd, in alle soorten en maten. Grote basilieken en kathedralen. Kleine dorpskerken waarrond het dorpse leven plaats kan vinden, en kerken waar je zo langs af zou stappen, die een beetje onopgemerkt blijven. Gotische kerken, Romaanse kerken, Byzantijnse kerken, kerken gebouwd in moderne architectuur. Zoveel verschillen, en toch komen ze allemaal in één ding overeen: ze koppelen het leven van alledag aan God. Het aardse bestaan wordt met het transcendente bestaan in verband gebracht. En Jezus doet dat heel duidelijk wanneer hij Petrus aanspreekt als rots waarop Jezus zijn kerk zal bouwen. Jezus weet dat zijn aardse bestaan eindig is, maar dat zijn boodschap daarna verder kan leven. Maar daar heeft hij hulp voor nodig. Hulp van de Kerk. Niet zozeer de kerk als gebouw, maar de Kerk als groep van leerlingen van Christus die in Zijn Geest de boodschap verder kan dragen en verspreiden. Petrus is één van de eersten. Nog bij leven werd hij door Jezus al aan het werk gezet om de fundamenten van de kerk te leggen. Na Petrus kwamen er nog wat sleutelfiguren. Denk aan Maria Magdalena, die als één van de eerste verkondigers opereerde.
Inmiddels zijn we ruim tweeduizend jaar verder. Petrus heeft zijn werk dan toch goed gedaan.
Inmiddels zijn we ruim tweeduizend jaar verder. Petrus heeft zijn werk dan toch goed gedaan. Want de Kerk heeft inderdaad standgehouden. Jezus leeft voort. Zijn Kerk leeft voort. Het is echter geen vrijbrief voor ons om achterover te leunen. Wij mogen ons aangesproken weten, net als Petrus, om zorg te dragen voor de Kerk. Om ervoor te zorgen dat ze kan blijven bestaan, dat de poorten van de hel er nog steeds niet tegen opgewassen zijn, en door net als Maria Magdalena te blijven verkondigen. Kerken vragen ook om blijvend onderhoud, blijvende restauraties. De gebouwen, maar ook de gemeenschappen. Zo blijven er levende Kerken, levende gemeenschappen en levende mensen. Laat Petrus daarin een blijvend voorbeeld en inspiratie zijn!
Saskia Van den Kieboom is stafmedewerker gezinspastoraal en aanspreekpunt voor geloof en homoseksualiteit.


