Het Woord van God in het leven van de Kerk - paus Leo XIV [catechese]
Catechese. Vaticanum II in zijn documenten. Dogmatische constitutie “Dei Verbum”. 5. Het Woord van God in het leven van de Kerk
Broeders en zusters, goedendag en welkom!
In de catechese zullen we vandaag stilstaan bij de diepe en vitale band die bestaat tussen het Woord van God en de Kerk. Deze band wordt in de Constitutie van Vaticanum II Dei Verbum verwoord in het zesde hoofdstuk. De Kerk is de eigen plaats van de Heilige Schrift. Onder inspiratie van de Heilige Geest is de Bijbel ontstaan uit het volk van God en is bestemd voor het volk van God. In de christelijke gemeenschap heeft de Schrift als het ware haar habitat. In het leven en in het geloof van de Kerk vindt zij ,om zo te zeggen, de ruimte om haar eigen betekenis te openbaren en de eigen kracht aan te tonen. Vaticanum II herinnert er aan met de woorden: “De Kerk heeft de goddelijke geschriften steeds vereerd als het lichaam van de Heer zelf. Want zij neemt, vooral in de heilige liturgie, voortdurend van de tafel van het woord van God en van het lichaam van Christus het brood des levens en biedt dit aan de gelovigen aan. (…) Daarom aanvaardt de Kerk, zoals zij steeds heeft gedaan, deze geschriften samen met de heilige overlevering als haar hoogste geloofsregel.”(Dei Verbum, 21).
De Kerk houdt nooit op met na te denken over de waarde van de Heilige Schriften. In dit verband was er, na het Concilie, een belangrijk gebeuren met de Gewone Algemene Vergadering van de Bisschoppensynode onder het motto “Het Woord van God in het leven en in de zending van de Kerk”, in oktober 2008. Paus Benedictus XVI heeft de vruchten hiervan verzameld in de Postsynodale Aansporing Verbum Domini (Woord des Heren – 30 september 2010), waar gezegd wordt: “De eigen intrinsieke band tussen Woord en geloof maakt duidelijk dat de waarachtige verklaring van de Bijbel slechts kan door het kerkelijk geloof, dat in het “ja” van Maria zijn voorbeeld heeft. (…) De oorspronkelijke plaats van de verklaring van de Schrift is het leven van de Kerk” (n.29).
Relatie met God
In de kerkgemeenschap vindt de Schrift dus de omgeving waarin zij haar bijzondere opdracht kan vervullen en haar doel bereiken: Christus doen kennen en open maken voor de dialoog met God. “Onwetendheid over de Schrift betekent feitelijk onwetendheid over Christus” (1). Deze bekende uitspraak van de Heilige Hieronymus brengt ons het einddoel in herinnering van de lezing en van de overweging van de Schrift: Christus kennen en door Hem tot relatie met God komen. Deze relatie kan verstaan worden als een bekering, een dialoog. En de Constitutie Dei Verbum heeft de Openbaring juist voorgesteld als een dialoog waarin God tot de mensen spreekt als tot vrienden (cfr DV, 2). Dit gebeurt wanneer we de Bijbel lezen met een inwendige houding van gebed: dan komt God ons tegemoet en komt met ons tot gesprek. De Heilige Schrift aan de Kerk toevertrouwd en door haar behoed en uitgelegd, speelt een actieve rol: inderdaad, door haar uitwerking en kracht geeft zij steun en kracht aan de christelijke gemeenschap. Alle gelovigen worden geroepen om zich aan deze bron te laven, vooral tijdens de viering van de Eucharistie en van de andere Sacramenten. De liefde voor de Heilige Schriften en de vertrouwdheid ermee, moeten een gids zijn voor wie het dienstwerk van het Woord vervult: bisschoppen, priesters, diakens, catechisten. Kostbaar is het werk van exegeten en van hen die de Bijbelwetenschappen beoefenen. In de theologie staat de Schrift centraal, want zij vindt in het Woord van God haar grondslag en haar ziel.
Het Woord van God daarentegen, komt onze dorst naar zin tegemoet en onze dorst naar waarheid over ons leven
Wat de Kerk vurig wenst is dat het Woord van God ieder van haar leden kan bereiken en hun geloofsweg kan voeden. Maar het Woord van God drijft de Kerk ook buiten zichzelf, het maakt haar voortdurend open voor de zending naar allen. Immers, we leven omringd door vele woorden en vele hiervan zijn leeg! Soms horen we ook wijze woorden die echter ons einddoel niet raken. Het Woord van God daarentegen, komt onze dorst naar zin tegemoet en onze dorst naar waarheid over ons leven. Het Woord van God is het enige steeds nieuwe Woord. Het openbaart ons dat het mysterie van God onuitputtelijk is, het houdt nooit op ons zijn rijkdom aan te bieden.
Geliefden, door in de Kerk te leven leert men dat de Heilige Schrift geheel verwijst naar Jezus Christus en men ervaart dat dit de diepe reden is van haar waarde en van haar kracht. Christus is het levende Woord van de Vader, het woord van God vlees geworden. Alle Schriften verkondigen zijn Persoon en zijn aanwezigheid die redt, ieder van ons en heel de mensheid. Laten we dus hart en geest openstellen om dit geschenk te aanvaarden, in de school van Maria, Moeder van de Kerk.
____________________________________________________
[1] S? Hieronymus, Comm. In Is., Prol.: PL 24,17B.
Vertaald uit het Italiaans door Marcel De Pauw msc