‘Wat we vergaten toen we de mens programmeerden’ — dit schrijven ‘De 12’ deze week
De 12’ vormen samen het lezerspanel van Kerk & Leven. In een beurtrol verzorgen ze elke week vier kleine rubrieken: een column, het antwoord op drie doordenkers, een foto die ze onlangs op Otheo zagen en die hen inspireerde en een citaat dat hen dierbaar is.
Wat we vergaten toen we de mens programmeerden — column Xenia Geysemans
'Het doel was om machines menselijker te maken. Onderweg zijn we vergeten wat dat precies betekent.'
Om mijn master in de genderwetenschappen af te ronden, moest ik nog één hindernis nemen: de masterproef. Vanuit mijn liefde voor de ethica én mijn fascinatie voor AI en de bijhorende robotisering besloot ik die twee ogenschijnlijk tegenstrijdige werelden samen te brengen. Omdat cijfers en ik al levenslang in een… moeilijke relatie zitten (zeker wanneer het over mijn uitgavenpatroon gaat — ik ben daar iets enthousiaster dan verstandig), koos ik resoluut voor kwalitatief onderzoek. Met andere woorden: praten. Veel praten. Ondertussen voerde ik dertien interviews met ingenieurs, informatici, programmeurs en AI-experten: de harde wetenschappers, zeg maar. Wat denken zij over ethiek? Over verantwoordelijkheid? En vooral: sluipen er via humanoïde robots nieuwe (of oude) genderstereotypen binnen? Tijdens een van die gesprekken viel plots die zin. Hij bleef hangen. Misschien omdat hij iets blootlegt wat we liever technisch houden. We kunnen perfect simuleren hoe een robot kijkt, spreekt, zelfs troost. Maar wat betekent dat eigenlijk ‘menselijk zijn’? Is het empathie? Twijfel? Tegenstrijdigheid? Of gewoon af en toe niet weten wat je doet, maar het toch doen (zoals een masterproef kiezen zonder cijfers)? Wat me opviel: hoe preciezer de technologie wordt, hoe vager het mensbeeld lijkt. Alsof we tijdens het bouwen iets zijn kwijtgeraakt dat zich niet laat programmeren. De theoloog in mij vond dat verdacht herkenbaar. Alsof we opnieuw proberen te definiëren wat ons al eeuwen ontglipt. Er is een zekere ironie in: we bouwen geen machines die op ons lijken, maar spiegels waarin we eindelijk moeten toegeven dat we zelf niet helemaal begrijpen wie we zijn.
Doordenkers: Broeder Daniël beantwoordt 3 vragen
Welke slechte eigenschap van jezelf kan je moeilijk bedwingen?
‘Mijn onechte ik versus de ware Daniël. Hinderlijk! Opgebouwde gewoonten uit zelfverdediging tegen emotionele schade, kwetsuren die anderen me al dan niet bewust toebrachten. Mechanismen, van jongs af aangeleerd, toen ik nog niet voor mezelf kon opkomen, om mezelf in te dekken tegen pijn en ondraaglijke situaties. Ze staan in voor basisbehoeften: overleven, eigenwaarde, nood aan affectie, aan controle, macht behouden. Ik denk dat iedereen daar wel mee te maken heeft. Met de tijd ben ik die mechanismen op het spoor gekomen en leerde ze verklaren. Maar ‘verklaard is niet aanvaard’. Ze komen niet van mijn echte zelf … Tot nu toe laat ik me nog vangen door die foute eigenschap om Daniël door dát opgebouwde ego te laten vervalsen. En daar draag ik toch verantwoordelijkheid voor mijn slechte eigenschap? Ik blijf eraan werken.’
Is er iemand die je wil vergeven?
‘Jawel. De vraag hangt samen met de eerste. Mensen, sommigen onbewust, maar anderen wel boosaardig en opzettelijk, die me brutaal hebben beschadigd. Die heb ik vergeven, meen ik. Gelukkig heb ik daarmee hen ervan ontlast, en tevens mezelf van wrok verlost. De wonden etteren nog nauwelijks; ogen uitgezuiverd.’
Welk boek wil je binnenkort zeker lezen?
‘Tom Wright & Michael F. Bird, Het Koninkrijk en de staat. Christen-zijn in een turbulent politiek landschap (2025). Van paus Franciscus, Dilexit nos. Van de H. Sophrony de Athoniet, Zijn leven is het mijne (2024).’
Luc Smeets kiest een foto die hem bijbleef
Na bijna 7 maanden is het kunstwerk Clausura klaar, een ontwerp van de architect Gijs Van Vaerenbergh, geïnspireerd op de abdijkerk van Herkenrode, die 200 jaar geleden werd afgebroken. En zo krijgt het historische hart op de abdijsite een nieuwe invulling. Van bij de aankoop van het domein in 1998 werd de zone van de verdwenen kerk omschreven als het ‘verminkte lichaam’, waaruit het religieuze hart was weggerukt. Maar de zusters van het Heilig Graf bouwden op het puin van het klooster in de jaren ‘70 een nieuwe kerk en hebben bijna 50 jaar de religieuze ziel van de plek beleefd vanuit hun spiritualiteit. Toen er een invulling gezocht werd voor het historische hart werden diverse ontwerpen neergelegd, maar geen enkele haalde het. De voorlaatste poging was het Stille Uitzicht van Hans Op de Beeck, dat nu vervangen is. Het verminkte lichaam is nu een imposant geraamte van cortenstaal midden in het groen.
De mica en mica, s’omple la pica
Jana Wuyts over dit citaat
Ik ben deze week begonnen met Catalaanse les. Ik was de enige nieuwkomer in een klasje van acht. Ons Zuid-Franse dorpje is niet groot genoeg voor opgesplitste groepen. Al na tien minuten duizelde mijn hoofd van de duizenden woorden die ik niet verstond. De cursisten wisselden weetjes uit, ik kon enkel knikken.
De leraar, hij kwam uit een dorp net over de grens, sprak enkel Catalaans. Met Google Translate verzuchtte ik aan het einde van de les dat ik amper iets had verstaan. Hij antwoordde me met deze bijzondere wijsheid: de mica en mica, s’omple la pica. Beetje bij beetje vult de wasbak zich. Toen ik de betekenis had opgezocht, moest ik hem gelijk geven.
Volgende week ga ik weer.