Pissebedden: kleine opruimers en onmisbare schakel in het leven van je tuin
Pissebedden zijn alomtegenwoordig in de tuin. Je vindt ze onder bloempotten en stenen, in het compostvat, in de bovenste strooisellaag tussen je planten en onder de schors van levend en dood hout. Toch weten de meeste mensen maar weinig over dit fascinerende diertje. Tijd voor een kennismaking.
Wat zijn pissebedden?
Pissebedden zijn kreeftachtigen. Net als krabben en kreeften hebben ze een exoskelet: een harde schaal aan de buitenkant van het lichaam. Sommige pissebedden leven nog altijd in het water, maar de landpissebedden zijn geëvolueerd en hebben zich aangepast aan leven buiten het water.
Toch ademen ook de landpissebedden nog altijd via kieuwen, net als vissen. De kieuwen bevinden zich aan de achterkant van het lichaam, als kleine uitsteeksels die lijken op een staartje. Om te ademen hebben pissebedden bijgevolg altijd vocht nodig. Zonder vocht sterft een pissebed binnen twee uur.
Wie in zijn kelder overlast heeft van pissebedden, weet wat hem te doen staat: zorgen voor een droge omgeving. Of je kan de pissebedden vangen door een bloempot neer te zetten gevuld met vochtige bladeren of ander organisch materiaal. De diertjes kruipen er 's nachts in waarna je ze elders in de tuin kan uitzetten.
Pissebedden zijn meestal nachtdieren. Overdag houden ze zich schuil, ’s nachts gaan ze op pad.
Pissebedden hebben veertien poten, verdeeld over zeven paar. Het zijn dus geen insecten, die zes poten hebben, en geen spinnen die er acht hebben. Diertjes met meer poten dan de pissebed worden veelpotigen genoemd, zoals duizendpoten en miljoenpoten.
Welke soorten pissebedden vind je in de tuin?
In België zijn 37 soorten landpissebedden waargenomen. Vijf tot tien daarvan kan je ook in je tuin vinden. Maar dan moet je wel je best doen. Andere soorten leven uitsluitend in bossen of aan de kust.
Hoe pissebedden reageren op ontdekking of bedreiging is een belangrijk onderscheidend kenmerk. Sommige lopen snel weg, andere rollen zich op tot een bolletje met hun harde pantser aan de buitenkant.
In tuinen zijn dit de meest voorkomende soorten:
- Ruwe pissebed – Porcellio scaber: egaal donkergrijs met veel kleine knobbeltjes op het pantser. Komt ook in lichtere kleurvarianten voor, van bruin tot oranje. Het is de meest algemene soort in tuinen, waar je ze vindt onder bladafval, onder bloempotten en in composthopen. Komt ook op warmere en drogere plekken voor.
- Kelderpissebed – Oniscus asellus: grotendeels grijs met een rij witte vlekken op de zijkant. Vochtminnende soort die vaak te vinden is onder dood hout, onder stenen of in de strooisellaag.
- Gewone oprolpissebed – Armadillidium vulgare: zoals de naam zegt, rolt hij zich bij ontdekking op tot een bolletje. Ook de voelsprieten zitten bij deze soort in het balletje verborgen. In Vlaanderen is dit het meest voorkomende oprolpissebed. Hij kan goed tegen droogte en hitte. Daarom is het een van de weinige pissebedden die ook overdag actief kan zijn, zelfs in de volle zon.
Soms kom je ook weleens een opvallend blauw of paars pissebed tegen. Geen aparte soort, maar een ziek exemplaar, besmet met het regenboogvirus.
Doen: ga op pissebeddensafari!
Hoeveel soorten pissebedden kan jij vinden in je tuin? Ga op fotosafari.
Wat heb je nodig?
- Je gsm met de app ObsIdentify.
- Troef: een macrolens die je op je smartphone kan plaatsen.
- Een bakje.
- Eventueel: een tuinzeef, een loep.
Waar ga je op zoek?
- Onder bloempotten, stenen of hout.
- In je compostvat.
- In de strooisellaag tussen je planten.
Hoe ga je te werk?
- Schep wat strooisel of inhoud van je compostvat in het bakje.
- Door het materiaal te zeven met een tuinzeef, kunnen de pissebedden zich niet verstoppen onder grote brokken en zijn ze gemakkelijker te observeren en te fotograferen.
- Maak foto’s van de pissebedden. Het vergt wat oefening om de foto's scherp genoeg te krijgen. Met een macrolens voor je smartphone of met een loep krijgen je foto's meer details. Bekijk meer technische tips om pissebedden te fotograferen met je smartphone.
- Identificeer de pissebedden door de foto's op te laden in ObsIdentify.
- Wil je ze op basis van kenmerken zelf identificeren, dan kan je deze identificatiekaart (pdf) gebruiken. Een loep met ingebouwd licht is dan geen overbodige luxe, want de verschillen zitten soms in de details.
Hoe ziet het leven van een pissebed eruit?
Pissebedden worden doorgaans ongeveer 2 jaar oud. Al kunnen ze in ideale omstandigheden nog ouder worden, tot wel 4 jaar.
Twee keer per jaar leggen de vrouwtjes eitjes: in de lente en in de zomer. Ze dragen dan tot wel tweehonderd gele eitjes in een broedbuidel onder het lichaam. Bij sommige soorten hoeven daar geen mannetjes aan te pas te komen.
Bijzonder is dat de jonge pissebedden als ze uit het eitje komen nog een maand in de buidel bij de moeder blijven. Ze voeden zich dan met de uitwerpselen van de moeder. Wat ook opvalt is dat de jonge pissebedden geen veertien, maar slechts twaalf poten hebben. Bij hun eerste vervelling komen er twee poten bij.
Omdat het exoskelet niet meegroeit, moeten pissebedden ongeveer om de vier weken vervellen. Het is dan erg kwetsbaar. Daarom gebeurt het vervellen in twee stappen: eerst wordt de achterkant afgeworpen en pas daarna de voorkant.
Zijn pissebedden nuttig?
Pissebedden zijn belangrijke opruimers in de tuin. Ze eten vooral dood organisch materiaal, zoals afgestorven planten, bladeren en zelfs hout. Zonder pissebedden zouden we binnen enkele jaren tot aan onze knieën in rottend plantenafval staan.
De uitwerpselen van pissebedden en hun afgestorven lichamen dragen bij aan een vruchtbare bodem.
Ondanks hun harde exoskelet vormen pissebedden een lekker hapje voor heel wat dieren: insecten, spinnen, amfibieën, hagedissen, muizen en vogels. De roodwitte celspin is zelfs gespecialiseerd in het jagen op pissebedden. Zijn grote, krachtige kaken en giftanden snijden gemakkelijk door het exoskelet heen.
Pissebedden zijn met andere woorden een belangrijke schakel in een veerkrachtig ecosysteem voor je tuin.
Hoe pissebedden bestrijden?
Toch kunnen pissebedden ook hinderlijk zijn, bijvoorbeeld als ze in de groentetuin knabbelen aan jonge kiemplantjes, aardbeien, tomaten of vijgen, en aan sappige wortels en stengels. Dat gebeurt vooral in serres.
Bestrijden met gif heeft geen zin en het berokkent je tuin meer schade dan voordeel. Het Handboek ecologisch tuinieren raadt twee natuurlijke trucs aan om van pissebedden af te geraken:
- Bescherm jonge plantjes met een kraag van glad plastic van ongeveer 6 cm, bijvoorbeeld gemaakt uit een doorgesneden fles. Pissebedden kunnen niet tegen gladde oppervlakken klimmen.
- Vang de pissebedden door hun schuilplek te imiteren met een plank, vochtig linnen of een uitgeholde aardappel. Breng de pissebedden de volgende ochtend naar het compostvat, waar ze nuttig werk kunnen verrichten.
Hoe kan je pissebedden helpen in de tuin?
Lees ook
Een echte kringlooptuin heeft van nature veel pissebedden. Doe je wat goed is voor pissebedden, dan bevorder je vanzelf de hele voedselpiramide in je tuin.
- Composteer groen- en keukenafval in eigen tuin. Een gewoon compostvat krioelt van duizenden pissebedden. Je hoort ze knagen en ritselen. Meer over composteren.
- Bedek de bodem tussen je planten met dood organisch materiaal. Dit heet mulchen.
- Maak een houtstapel of takkenril van snoeiafval.
- Leg op een beschaduwde plaats een stapelmuurtje aan.
- Laat dikkere takken en stammen van gesnoeide bomen liggen, bijvoorbeeld als zitplaats of als randje van borders en paden.
- Wil je een paadje in je tuin, denk dan ook aan stapstenen of boomschijven. Een ideale, vochtige verstopplek voor pissebedden.












