Commentaar Bijbellezing 12/04: Paasgeschenken - Koen Vanhoutte
Evangelie: Johannes 20, 19-31— ‘Zalig die niet gezien en toch geloofd hebben’
Op de avond van de eerste dag van de week, toen de deuren van de verblijfplaats van de leerlingen gesloten waren uit vrees voor de joden, kwam Jezus binnen, ging in hun midden staan en zei: ‘Vrede zij u.’ Na dit gezegd te hebben toonde Hij hun zijn handen en zijn zijde. De leerlingen waren vervuld van vreugde toen zij de Heer zagen. Nogmaals zei Jezus tot hen: ‘Vrede zij u. Zoals de Vader Mij gezonden heeft, zo zend Ik u.’ Na deze woorden blies Hij over hen en zei: ‘Ontvangt de heilige Geest. Als gij iemand zonden vergeeft, dan zijn ze vergeven, en als gij ze niet vergeeft, zijn ze niet vergeven.’ Tomas, een van de twaalf, ook Didymus genaamd, was echter niet bij hen toen Jezus kwam. De andere leerlingen vertelden hem: ‘Wij hebben de Heer gezien.’ Maar hij antwoordde: ‘Zolang ik in zijn handen niet het teken van de nagelen zie, en mijn vinger in de plaats van de nagelen kan steken, en mijn hand in zijn zijde leggen, zal ik zeker niet geloven.’ Acht dagen later waren zijn leerlingen weer in het huis bijeen, en nu was Tomas erbij. Hoewel de deuren gesloten waren, kwam Jezus binnen ging in hun midden staan en zei: ‘Vrede zij u.’ Vervolgens zei Hij tot Tomas: ‘Kom hier met uw vinger en bezie mijn handen. Steek uw hand uit en leg die in mijn zijde en wees niet langer ongelovig maar gelovig.’ Toen riep Tomas uit: ‘Mijn Heer en mijn God!’ Toen zei Jezus tot hem: ‘Omdat ge Mij gezien hebt, gelooft ge? Zalig die niet gezien en toch geloofd hebben.’ In het bijzijn van zijn leerlingen heeft Jezus nog vele andere tekenen gedaan die niet in dit boek zijn opgetekend maar deze hier zijn opgetekend opdat gij moogt geloven dat Jezus de Christus is, de Zoon van God, en opdat gij door te geloven leven moogt in zijn Naam.
Commentaar Koen Vanhoutte: ‘Paasgeschenken’
Met de paasdagen wordt op tal van plaatsen een eierenraap georganiseerd. Bij feesten horen nu eenmaal geschenken. Kinderen gaan graag op zoek. Ze laten zich verrassen door wat de klokken of de paashaas brengen. Het is boeiend hen zo bezig te zien. Welke geschenken mogen wij van de verrezen Heer verwachten? Gaan wij ernaar op zoek? Op de laatste avond van zijn leven had Hij heel wat beloftes gedaan. Zijn ze in vervulling gegaan?
Jezus had zijn leerlingen een vrede beloofd die de wereld niet kan geven. Hij zou hen zijn vrede toevertrouwen. In hun ontmoetingen met de Verrezene worden ze dikwijls met ‘vrede’ begroet. Met dit refrein stroomt Jezus’ vrede in hun hart. Het betekent niet dat ze gespaard zullen blijven van tegenstand of vervolging. Maar zoals Jezus zullen ze in al wat hen overkomt een diepe innerlijke vrede kunnen bewaren. Ze zullen niet vervuld raken met haat of wraakzucht. Ze zullen bidden voor wie hen vervolgen en kwaad met goed vergelden. Ze zullen de vrede kennen van de geweldloze liefde.
In zijn afscheidswoorden had Jezus de leerlingen ook vreugde beloofd, voorbij pijn en strijd. Het verdriet om zijn heengaan zou omslaan in blijdschap. Hun wonderlijke contacten met de Opgestane Heer zorgen opnieuw voor een opgewekte stemming. Ze mogen verder zien dan de wrede terechtstelling waarvan Jezus het slachtoffer werd. Ze ontmoeten Hem als de Levende. Het maakt hen hoopvol. Hun blij vertrouwen groeit dat wie deelt in Jezus’ dood ook mag delen in zijn opstanding.
Ze ontmoeten Hem als de Levende. Het maakt hen hoopvol
Op de avond voor zijn lijden en sterven had Jezus vooral de komst van de Geest in het vooruitzicht gesteld. De Geest zou de leerlingen van binnenuit vertrouwd maken met zijn woorden. Op paasavond ademt Jezus over hen en ze raken vervuld van de Heilige Geest. Ze staan er niet langer alleen voor. Ze worden toegerust met goddelijke energie. De Geest zal hen hoeden en leiden om getuigen te zijn van de levende Heer.
In groeiend paasgeloof danken ook wij de Heer voor zijn gaven van vrede en vreugde in de Heilige Geest. Dank en loof de Heer!
Koen Vanhoutte is hulpbisschop in het aartsbisdom Mechelen-Brussel.